EISEN VOOR VOOR- EN VROEGSCHOOLSE EDUCATIE (VVE) IN DE GEMEENTE ARNHEM

De gemeente Arnhem stelt duidelijke eisen aan voor- en vroegschoolse educatie (VVE), om ervoor te zorgen dat kinderen in de peuterfase een positieve start maken in hun ontwikkeling. VVE is een aanbod gericht op jonge kinderen met een groeiend ontwikkelingsrisico, en wordt vaak gegeven in combinatie met kinderopvang. Het doel is hierbij om kinderen te ondersteunen met extra aandacht voor hun taal- en sociaal-emotionele ontwikkeling, in een speelse en kindvriendelijke omgeving.

Deze eisen zijn niet alleen gericht op het pedagogische kader, maar ook op de kwalificaties van het personeel, het pedagogisch beheer, en de veiligheid en kwaliteit van de locaties. Daarnaast speelt toezicht en handhaving een grote rol, zowel bij de opstart als tijdens de exploitatie van VVE-voorzieningen. Deze eisen worden vastgelegd in juridische en beleidskaders, zoals de Wet kinderopvang en het toezichtbeleid van de gemeente Arnhem.

In het volgende artikel geven we een overzicht van de belangrijkste eisen, processen en toezichtsmaatregelen die van toepassing zijn op VVE in Arnhem, op basis van de beschikbare informatie.

Aanvragen en registratie

Starten van VVE

Het aanbieden van VVE vereist een aparte aanvraag bij de gemeente. Deze aanvraag moet voldoen aan de voorwaarden van de Subsidieregeling Voorschools Aanbod van de gemeente Arnhem. De gemeente stelt kwaliteitseisen aan zowel de houder als de locatie van de VVE-voorziening. Dit betreft onder andere het feit dat geen handhavingsacties tegen de houder of locatie mogen lopen. Daarnaast is het verplicht dat de houder over een actueel scholingsplan beschikt, specifiek gericht op VVE-scholing en deskundigheidsbevordering.

Het pedagogisch plan is eveneens verplicht. Dit plan moet inhoudelijk aandacht besteden aan de educatieve en ontwikkelende aspecten van de VVE. Het personeel op de locatie dient VVE-gericht geschoold te zijn, en moet de training Actief Betrokken gevolgd hebben met een positief resultaat.

Overname van een VVE-voorziening

Wanneer een VVE-voorziening wordt overgenomen, wordt dit niet gezien als een administratieve wijziging, maar als een nieuwe aanvraag. De gemeente kijkt dan ook opnieuw naar de persoon achter de houder, evenals naar de specifieke omstandigheden van de overname. Dit gebeurt op basis van de methode 'Streng aan de Poort', waarbij de kwaliteit van het pedagogische aanbod en de bevoegdheid van de houder centraal staan.

De methode 'Streng aan de Poort' dient om al vanaf de start van de exploitatie van een VVE-voorziening te waarborgen dat er sprake is van verantwoorde en kwalitatief goede opvang. De gemeente stelt hierbij een hoog kwaliteitsniveau eisen aan de houder, om te voorkomen dat er al op het begin van de exploitatie problemen ontstaan.

Eisen aan personeel en kwalificaties

Kwalificaties en scholing

Een kernaspect van VVE is dat het personeel goed is opgeleid en gekwalificeerd. De houder van een VVE-voorziening dient te beschikken over een actueel scholingsplan, dat gericht is op VVE-scholing en deskundigheidsbevordering. Dit betekent dat het personeel regelmatig vernieuwt en uitbreidt in kennis en vaardigheden die gericht zijn op de specifieke behoeften van jonge kinderen.

Daarnaast moet het personeel VVE-gericht geschoold zijn, wat inhoudt dat zij trainingen gevolgd hebben die specifiek zijn afgestemd op de ontwikkeling van jonge kinderen. Dit omvat onder andere kennis over kinderontwikkeling, communicatie met jonge kinderen, en het ontwikkelen van educatieve activiteiten. De training Actief Betrokken is hierbij een verplichte component. Deze training richt zich op het creëren van een pedagogisch klimaat waarin kinderen zich veilig, betrokken en begrepen voelen.

Persoonlijke kwaliteiten en bevoegdheid

Naast formele kwalificaties en scholing, speelt ook de persoonlijke kwaliteit van de houder en het personeel een belangrijke rol. De gemeente Arnhem kijkt bij het toezicht niet alleen naar administratieve en pedagogische eisen, maar ook naar de persoonlijke bevoegdheid en betrokkenheid van de houder. Dit is bijvoorbeeld van belang bij de overname van een VVE-voorziening. De gemeente wil hierdoor zeker weten dat de nieuwe houder in staat is om het VVE-aanbod verantwoord en kwalitatief hoogwaardig te onderhouden.

Pedagogisch klimaat en aanbod

Goed pedagogisch klimaat

Een goed pedagogisch klimaat is een van de vijf kernaspecten die de gemeente Arnhem als kwaliteitseisen voor VVE-voorzieningen ziet. Dit betreft het aangenaam, betrokken en kindvriendelijke klimaat dat moet heersen in de VVE-locatie. Het pedagogisch klimaat moet zodanig zijn dat kinderen zich op hun gemak voelen, kunnen leren en zich ontwikkelen.

De houder dient dit klimaat zorgvuldig te beheren en te onderhouden. Dit betreft zowel de fysieke omgeving als de interactie tussen kinderen en opzichters. De persoonlijke betrokkenheid van het personeel is hierin van groot belang. De gemeente stelt hierbij ook eisen aan de communicatie en het respect dat moet heersen tussen het personeel en de kinderen.

Inhoudelijk pedagogisch plan

Naast het algemene pedagogisch klimaat is er ook een inhoudelijk pedagogisch plan vereist. Dit plan moet duidelijk maken hoe de educatieve en ontwikkelende doelen worden vertaald in dagelijkse activiteiten. Het plan moet aandacht besteden aan de individuele groei van elk kind, evenals aan de groepsdynamiek.

Het inhoudelijk pedagogisch plan is ook verplicht bij de aanvraag van VVE-subsidie. De gemeente wil hiermee zeker weten dat de houder een duidelijke visie en praktijk heeft die gericht is op de ontwikkeling van jonge kinderen. Het plan moet regelmatig worden bijgewerkt en geëvalueerd, om zeker te stellen dat het aanbod aan de behoeften van de kinderen voldoet.

Veiligheid en kwaliteit van de locatie

Veilige situatie

Een veilige situatie is een van de kernaspecten van kwaliteitskindopvang en speelt ook een grote rol bij VVE. De gemeente stelt eisen aan de veiligheid van de locatie, zowel in termen van fysieke veiligheid als in termen van het functioneren van het pedagogisch kader. Dit betreft bijvoorbeeld de afsluitbaarheid van de locatie, het gebruik van veilige speelmateriaal, en het voorkomen van risico’s die kinderen kunnen blootstellen.

Gezonde omgeving

Naast veiligheid is ook de gezondheid van de omgeving van belang. De gemeente stelt eisen aan de hygiëne, ventilatie en schoonmaak van de locatie. Hierbij is het van belang dat de VVE-locatie voldoet aan de eisen van de Wet kinderopvang en aanwante regelgeving. De gemeente Arnhem werkt samen met de VGGM om dit te waarborgen.

Goede accommodatie

Een goede accommodatie is een ander kernaspect. De locatie moet voldoen aan de eisen van de Bouwbesluit en aanwante normen, zoals brandveiligheid, verlichting en akoestiek. De gemeente Arnhem stelt dat de locatie van een VVE-voorziening op het moment van start van de exploitatie voldoet aan deze eisen. Dit is onder andere een onderdeel van de methode 'Streng aan de Poort', waarbij een uitgebreid vooronderzoek door de VGGM wordt uitgevoerd.

Toezicht en handhaving

Toezicht door VGGM

Het toezicht op VVE-voorzieningen in Arnhem wordt uitgevoerd door de VGGM. De gemeente Arnhem is verantwoordelijk voor de handhaving, maar werkt samen met de VGGM aan kwalitatief goede kinderopvang. De VGGM voert het toezicht risicogestuurd uit, wat betekent dat minder toezicht plaatsvindt waar dat niet nodig is, en meer waar de risico’s groter zijn.

Herstelaanbod

Als er tijdens een inspectie overtredingen worden gevonden, biedt de VGGM een herstelaanbod. Dit betreft een traject waarin de houder wordt uitgenodigd om de overtreding te herstellen binnen een bepaalde termijn. De hersteltermijn hangt af van de prioriteit van de overtreding. Voor prioriteit hoog is dat maximaal 2 weken, voor prioriteit gemiddeld maximaal 2 maanden, en voor prioriteit laag maximaal 6 maanden.

Schriftelijk bevel

Als een overtreding niet binnen de termijn wordt hersteld, kan de VGGM een schriftelijk bevel uitvaardigen. Dit is een maatregel die gericht is op het verplicht herstellen van een overtreding. Het schriftelijk bevel is een formeel instrument dat juridisch bindend is.

Handhavingsmaatregelen

Waarschuwing en aanwijzing

Als er sprake is van een lichte overtreding, kan de gemeente kiezen voor een waarschuwing of aanwijzing. Dit zijn niet-bindende maatregelen die bedoeld zijn om de houder te informeren en te begeleiden bij het herstellen van de overtreding.

Last onder dwangsom / Bestuursdwang

Wanneer overtredingen zich blijven voordoen of niet binnen de hersteltermijn worden hersteld, kan de gemeente een last onder dwangsom of bestuursdwang toepassen. Dit zijn bindende maatregelen die de houder verplicht om bepaalde acties te ondernemen. Bij niet-naleving kan een boete volgen.

Exploitatieverbod

In ernstige gevallen kan de gemeente een exploitatieverbod opdragen. Dit betreft een maatregel waarbij de houder tijdelijk of permanent wordt verhinderd om een VVE-voorziening te exploiteren. Dit kan worden ingezet als er sprake is van grove overtredingen of herhaalde overtredingen die niet worden hersteld.

Uitschrijven uit het register

Een andere maatregel is het uitschrijven uit het Landelijk Register Kinderopvang (LRK). Dit betreft een maatregel waarbij de VVE-voorziening wordt verwijderd uit het officiële register, waardoor het niet langer officieel is erkend als kinderopvangvoorziening. Deze maatregel kan worden genomen bij ernstige overtredingen die niet worden hersteld.

Handhavingsafwegingen

De gemeente Arnhem stelt dat de keuze voor een bepaalde handhavingsmaatregel afhangt van een aantal factoren, zoals de ernst van de overtreding, de intentie van de houder, en de voorgeschiedenis van handhavingsacties. Deze afweging gebeurt op basis van een afwegingsmodel dat is opgenomen in de beleidsregels.

Beleidsregels handhaving

De beleidsregels handhaving van de gemeente Arnhem zijn uitgebreid en geven een duidelijke lijst met prioriteiten en mogelijke boetes. Deze beleidsregels zijn vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en vervangen oudere beleidsregels. Deze regels zijn van toepassing op alle handhavingsmaatregelen die door de gemeente worden uitgevoerd in het kader van de Wet kinderopvang.

Conclusie

De gemeente Arnhem stelt duidelijke eisen aan voor- en vroegschoolse educatie (VVE), om ervoor te zorgen dat jonge kinderen met groeiende ontwikkelingsrisico’s een kwalitatief hoogwaardig aanbod krijgen. Deze eisen zijn gericht op zowel het pedagogische klimaat en aanbod als op de kwalificaties van het personeel en de veiligheid en kwaliteit van de locatie.

Het aanbieden van VVE vereist een aparte aanvraag, en de gemeente stelt hierbij eisen aan de houder, het pedagogisch plan, en de scholing van het personeel. Bij de overname van een VVE-voorziening wordt dit gezien als een nieuwe aanvraag, en wordt de methode 'Streng aan de Poort' toegepast om zeker te stellen dat de nieuwe houder in staat is om een verantwoord en kwalitatief hoogwaardig aanbod te leveren.

De VGGM voert het toezicht uit op basis van een risicogestuurde aanpak. Bij overtredingen wordt een herstelaanbod gedaan, en bij niet-naleving kunnen bindende maatregelen worden genomen, zoals schriftelijke bevelen, exploitatieverboden, of uitschrijven uit het register. De gemeente Arnhem stelt dat de keuze voor een bepaalde maatregel afhangt van een aantal afwegingsfactoren, zoals de ernst van de overtreding en de intentie van de houder.

In totaal is het doel van deze eisen en maatregelen om ervoor te zorgen dat VVE-voorzieningen in Arnhem kwalitatief hoogwaardig zijn, en dat jonge kinderen met groeiende ontwikkelingsrisico’s de ondersteuning krijgen die zij nodig hebben om zich volledig te kunnen ontwikkelen.

Bronnen

  1. Toezicht- en handhavingsbeleid kinderopvang gemeente Arnhem 2020
  2. Vacature lesgever GymKids
  3. Peuteropvang Arnhem

Related Posts