Subsidie voor voorschoolse educatie in Deurne: Juridische kaderomstandigheden en praktische toepassing

De gemeente Deurne biedt via de Subsidieregeling voorschoolse educatie Deurne 2019 een gerichte financiering voor kinderen in de leeftijd van twee jaar tot het moment dat zij kunnen deelnemen aan het basisonderwijs. Deze regeling is gericht op het voorkomen van eventuele (taal)achterstanden en zorgt ervoor dat kinderen zonder achterstand kunnen starten in groep 3. Het doel is het realiseren van een doorgaand aanbod van voorschoolse educatie (VE) via geregistreerde kindercentra binnen de gemeente. Deze regeling is gebaseerd op de Algemene Subsidieverordening Gemeente Deurne 2017 en is van kracht vanaf 1 oktober 2019. De subsidie wordt verleend aan houders van geregistreerde kindercentra die in aanmerking komen voor financiering via de gemeente. De regeling streeft ernaar om kinderen met een mogelijke achterstand beter voor te bereiden op het basisonderwijs, met name door middel van een geïntegreerd aanbod van voorschoolse educatie.

Juridische basis en doelgroep

De juridische grondslag voor de subsidie voor voorschoolse educatie in de gemeente Deurne is vastgelegd in het Besluit van de gemeenteraad van 17 september 2019, vastgesteld op basis van artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Gemeente Deurne 2017. Deze regeling is van toepassing op alle geregistreerde kindercentra binnen de gemeente Deurne die een aanbod van voorschoolse educatie (VE) aanbieden. De doelgroep is beperkt tot kinderen van twee jaar tot het tijdstip waarop zij kunnen deelnemen aan het basisonderwijs. Deze definitie is geïntegreerd in de begripsbepalingen van de regeling, waarbij expliciet wordt aangegeven dat "doelgroep kind VE" wordt gedefinieerd op grond van door het college vastgestelde criteria, welke zijn terug te vinden in het beleidskader vve en het kwaliteitshandboek vve. Deze criteria zijn van wezenlijk belang, aangezien zij bepalen wie in aanmerking komt voor het subsidieplichtige aanbod. Zonder voldoen aan deze criteria is een kind niet in aanmerking voor de subsidie, ongeacht de leeftijd.

Deze definitie is in overeenstemming met de wetgeving inzake kinderopvang, waarin expliciet wordt aangegeven dat het doel van de subsidie is gericht op kinderen die een mogelijke (taal)achterstand kunnen hebben. Dit betekent dat de subsidie niet algemeen beschikbaar is voor alle kinderen in de leeftijd van 2 tot 4 jaar, maar uitsluitend voor diegenen die, op basis van door het college vastgestelde criteria, een eventueel risico lopen op achterstand bij het begin van het basisonderwijs. De wetgeving stelt duidelijk dat het doel van deze subsidie is om kinderen te voorbereiden op het basisonderwijs op een manier die de kwaliteit van het onderwijs in de volgende fase ondersteunt. Het doel is dus niet alleen het aanbieden van opvang, maar het versterken van vaardigheden op het gebied van taalontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling en voorbereiding op schoolgaand gedrag.

Subsidiabele activiteiten en reikwijdte van de financiering

De subsidie wordt verleend voor drie soorten activiteiten, die zijn gedefinieerd in artikel 3 van de Subsidieregeling voorschoolse educatie Deurne 2019. Ten eerste is er de financiering van het aantal af te nemen uren voorschoolse educatie per doelgroepkind, met een maximum van 640 uur per jaar voor kinderen die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag. Voor kinderen die wel in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag, is het maximum beperkt tot 320 uur per jaar. Deze cijfers zijn afgestemd op de wettelijke eisen voor voorschoolse educatie, die stellen dat kinderen tussen de 2,5 en 4 jaar minimaal 960 uur aan voorschoolse educatie moeten ontvangen binnen een periode van anderhalf jaar, wat overeenkomt met 640 uur per jaar. Deze limieten zijn dus niet willekeurig gekozen, maar zijn rechtsgeldig vastgelegd in de wetgeving en dienen als richtlijn voor de uitvoering van het programma.

Ten tweede is er sprake van een financiering voor de realisatie van een kindplaats voor een doelgroepkind VE. Dit betekent dat de subsidie niet uitsluitend gericht is op het aantal uren dat een kind deelt, maar ook op het daadwerkelijk beschikbaar stellen van een plek binnen het kindercentrum. Deze kindplaats moet worden gerealiseerd via een erkend programma dat voldoet aan de eisen van het kwaliteitshandboek vve. De subsidie is dus gericht op zowel de kwaliteit als de beschikbaarheid van de plaatsen. Het is belangrijk om te benadrukken dat het kindercentrum vrij is in de manier van uitvoering van de 640 uur per jaar, zolang aan de minimale eisen wordt voldaan. De maximale duur van een dagdeel is beperkt tot 5,5 uur, wat een evenwichtige verdeling van de uren over de dag waarborgt.

Deze activiteiten zijn uitgebreid gedefinieerd in de regeling, en het is duidelijk dat de financiering niet gericht is op algemene opvang, maar specifiek op het leveren van een kwalitatief hoogwaardig en doelgericht aanbod van voorschoolse educatie. Het is belangrijk op te merken dat de regeling expliciet aangeeft dat de term "kinderopvang" in deze regeling slechts betekent het opvangen van kinderen in de leeftijd van 2 jaar tot het moment waarop zij kunnen deelnemen aan het basisonderwijs. Dit scheidt het doel van de subsidie duidelijk af van het algemene kinderopvangbeleid, dat gericht is op ouders die werkzaam zijn of die in een andere situatie verkeren.

Financiële details en subsidieberekening

De omvang van de subsidie wordt gedefinieerd in artikel 4 van de Subsidieregeling voorschoolse educatie Deurne 2019. De subsidie wordt berekend op basis van het aantal af te nemen uren kinderopvang, vermenigvuldigd met het gemeentelijk uurtarief voor kinderopvang. Voor kinderen die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag, geldt dat de subsidie voor de eerste 640 uur per jaar wordt uitbetaald tegen het gemeentelijk uurtarief. De subsidie voor de laatste 320 uur per jaar heeft echter uitsluitend betrekking op de kosten die na aftrek van de ouderbijdrage overblijven. Deze bijdrage wordt vastgesteld op basis van de VNG-adviestabel ouderbijdrage peuterwerk, die jaarlijks kan worden aangepast. Dit houdt in dat ouders die in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag een lagere bijdrage betalen, en dat de gemeente alleen de resterende kosten dekt.

Voor kinderen die wél in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag, is de subsidie op basis van het aantal uren dat wordt afgenomen, vermenigvuldigd met het gemeentelijk uurtarief. Deze berekening is eenvoudiger, omdat er geen sprake is van een aftrek van een ouderbijdrage voor de subsidie. De subsidie is dus volledig gericht op de kostprijs van het opvangaanbod, zonder dat er een extra bijdrage van de ouders wordt afgehaald. De gemeente houdt rekening met de kosten die in het kader van het uurtarief zijn vastgesteld, wat een transparante en berekenbare basis vormt voor de subsidieverlening.

Deze financiële regeling is bedoeld om de kosten voor ouders die in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag te verlagen, terwijl ouders die geen recht hebben op die toeslag een lagere kostenlast dragen door de subsidie op de resterende kosten. De gemeente zorgt er dus voor dat de financiering op een eerlijke manier wordt verdeeld, zodat kinderen van alle maatschappelijke lagen toegang kunnen krijgen tot een kwalitatief hoogwaardig voorschoolsonderwijs. De financiering is dus gericht op de daadwerkelijke kosten van het aanbod, niet op de winst van het kindercentrum of op de winst van de ouders.

Aanvraagprocedure en vereisten

De aanvraag voor subsidie dient uitsluitend door de houder van een geregistreerd kindercentrum te worden ingediend, zoals vastgelegd in artikel 6 van de Subsidieregeling. De aanvraag moet uiterlijk op 1 oktober van elk kalenderjaar zijn ingediend, tenzij er een uitzondering is geregeld in de Algemene Subsidieverordening Gemeente Deurne 2017. Het college moet over alle relevante gegevens beschikken om een besluit tot subsidieverlening te kunnen nemen, wat inhoudt dat de aanvraag niet alleen de financiële gegevens moet bevatten, maar ook alle vereiste documentatie.

De vereiste documenten zijn duidelijk omschreven in de regeling. Eén van de belangrijkste documenten is het nummer waaronder het kindercentrum in het landelijk register kindercentra is geregistreerd. Dit nummer is nodig om te verifiëren dat het kindercentrum daadwerkelijk geregistreerd is en dus in aanmerking komt voor de subsidie. Daarnaast dient de aanvrager de actuele inkomensgegevens van de ouders van het kind dat de kindplaats bezet waarvoor de subsidie wordt aangevraagd. Deze gegevens zijn essentieel om te bepalen of het kind in aanmerking komt voor kinderopvangtoeslag. Zonder deze gegevens is het niet mogelijk om de subsidie juist toe te kennen.

Daarnaast dient de aanvrager het aantal doelgroepkinderen VE te melden die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag, en het aantal kinderen die wel in aanmerking komen voor die toeslag. Deze cijfers zijn nodig om de verdeling van de financiering op een correcte manier te kunnen berekenen. Bovendien is een gedagtekende offerte of overeenkomst tussen de aanvrager en de houder van het geregistreerde kindercentrum vereist. Deze documentatie dient te tonen dat er sprake is van een bindende overeenkomst over het aanbod van voorschoolse educatie. Tot slot dient een verklaring te worden afgegeven die aantoont dat aan alle bepalingen en verplichtingen van deze subsidieregeling wordt voldaan. Deze verklaring is een belangrijk onderdeel van de aanvraag, omdat deze aantoont dat het kindercentrum de regels kent en er ook daadwerkelijk aan voldoet.

Toepassing van de subsidie en het rol van het kindercentrum

Het realiseren van een aanbod van voorschoolse educatie gebeurt via het doorrekenen van de subsidie in het uurtarief naar de ouders van wie het kind een vve-indicatie heeft. Dit betekent dat ouders die in aanmerking komen voor de subsidie de kosten voor het kindercentrum lager betalen dan zonder subsidie. De subsidie wordt dus niet rechtstreeks aan het kindercentrum uitbetaald, maar wordt via het tarief doorgegeven aan de ouders. Dit maakt het mogelijk dat ouders die in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag een lagere bijdrage betalen. De gemeente zorgt er dus voor dat het subsidiebedrag wordt doorgegeven aan de ouders, zodat ze er geen extra last van hoeven te dragen.

Bovendien dient het kindercentrum een erkend programma aan te bieden met de daarbij behorende taken. Dit programma moet voldoen aan de eisen van het kwaliteitshandboek vve, wat inhoudt dat het programma voldoet aan de kwaliteitseisen die zijn vastgelegd in de regeling. Het kindercentrum is dus niet alleen verantwoordelijk voor het leveren van de uren, maar ook voor het waarborgen van de kwaliteit van het onderwijs. De gemeente controleert dit door middel van controles en meldingen. Zonder voldoende kwaliteit is het mogelijk dat de subsidie wordt ingetrokken.

Het kindercentrum moet ook zorgen voor een duurzame uitvoering van het programma. Dit betekent dat het programma niet alleen tijdens het kalenderjaar moet worden uitgevoerd, maar dat er ook zorg moet worden gedragen voor de duurzaamheid van het aanbod. De gemeente houdt rekening met de kosten die worden gemaakt door het kindercentrum, en zorgt er dus voor dat de financiering voldoende is om het programma te kunnen uitvoeren. De gemeente moet ook zorgen voor een goede communicatie met de ouders, zodat zij goed geïformeerd zijn over het aanbod en de voordelen die het biedt.

Conclusie

De Subsidieregeling voorschoolse educatie Deurne 2019 is een gerichte financieringsmaatregel die gericht is op het versterken van de voorbereiding van kinderen op het basisonderwijs. Het doel van de subsidie is om kinderen met een mogelijke (taal)achterstand beter voor te bereiden, zodat zij zonder achterstand kunnen starten in groep 3. De subsidie wordt verleend aan houders van geregistreerde kindercentra in de gemeente Deurne die een aanbod van voorschoolse educatie aanbieden. De financiering is gebaseerd op het aantal af te nemen uren, met een maximum van 640 uur per jaar voor kinderen die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag, en 320 uur per jaar voor kinderen die wel in aanmerking komen voor die toeslag. De subsidie wordt berekend op basis van het gemeentelijk uurtarief voor kinderopvang, en voor de laatste 320 uur is er alleen financiering voor de resterende kosten na aftrek van de ouderbijdrage.

De aanvraag dient uitsluitend door de houder van een geregistreerd kindercentrum te worden ingediend, en dient uiterlijk op 1 oktober van elk kalenderjaar te zijn ingediend. De vereiste documenten zijn het registratienummer van het kindercentrum, de inkomensgegevens van de ouders, het aantal kinderen die in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag en die niet in aanmerking komen, een gedagtekende offerte of overeenkomst, en een verklaring over voldoen aan de regeling. Het kindercentrum is verantwoordelijk voor het leveren van een erkend programma dat voldoet aan de eisen van het kwaliteitshandboek vve. De subsidie wordt via het tarief doorgegeven aan de ouders, zodat zij de kosten lager betalen. De gemeente zorgt er dus voor dat de financiering transparant en eerlijk wordt verdeeld, zodat alle kinderen toegang hebben tot een kwalitatief hoogwaardig voorschoolsonderwijs.

Bronnen

  1. Subsidieregeling voorschoolse educatie Deurne 2019
  2. Subsidieregeling voorschoolse educatie Deurne 2019

Related Posts