Subsidies en financiering voor duurzaamheid bij VvE’s: een overzicht van RVO en overheden

Inleiding

Voor verenigingen van eigenaars (VvE’s) die doelgericht willen verduurzamen, bieden de overheid en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) een scala aan financiële middelen in de vorm van subsidies en leningen. Deze middelen zijn bedoeld om de kosten voor energiebesparing, duurzame warmteopwekking en verbetering van de bouwkundige kwaliteit van woningcorporaties aanzienlijk te verlagen. De beschikbare bronnen geven een duidelijk beeld van de beschikbare regelingen, de voorwaarden voor aanvraag en de financiële steun die kan worden ingewonnen. De kern van deze financieringsmogelijkheden ligt in drie hoofdregelingen: de Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars (SVVE), de Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE) en de Energiebespaarlening en Duurzaamheidslening via gemeentelijke regelingen. Bovendien zijn er specifieke regelingen beschikbaar voor bijvoorbeeld monumenten of verhuurders. Deze verduidelijking is essentieel voor VvE’s die een duurzaamheidsplan willen ontwikkelen, zowel op basis van energiebesparing als op basis van duurzame energieopwekking. De informatie uit de bronnen is grotendeels consistent en afkomstig van betrouwbare bronnen zoals RVO, gemeentelijke instanties en het Restauratiefonds, wat de betrouwbaarheid van de gegevens ondersteunt.

Subsidies voor energiebesparing en isolatiemaatregelen

Eén van de belangrijkste onderdelen van de duurzaamheidsinspanningen van VvE’s is het verbeteren van de thermische isolatie van gebouwen. De beschikbare regelingen bieden aanzienlijke financiële steun voor deze maatregelen. De SVVE-regeling, een onderdeel van de algemene Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars (SVVE), biedt subsidie voor energiebesparende isolatiemaatregelen. Dit omvat spouwmuurisolatie, gevelisolatie, dakisolatie, vloerisolatie en bodemisolatie, evenals het aanbrengen van hoogrendementsglas. Deze maatregelen zijn essentieel voor het verlagen van het energieverbruik en de broeikasgasuitstoot. De subsidie wordt uitgekeerd vóór de uitvoering van de maatregelen, wat een belangrijke voorwaarde is om de financiering te verzekeren. De maximale subsidiebedragen zijn afhankelijk van het aantal woningen binnen de VvE: €20.000 voor VvE’s met maximaal tien woningen, €30.000 voor VvE’s met 11 tot 30 woningen en €40.000 voor VvE’s met meer dan dertig woningen. Deze financiële steun is bedoeld om de investeringslast te verlagen en de duurzaamheidsdoelstellingen haalbaar te maken.

Bovendien biedt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) ook een subsidie voor verduurzamingsadviezen, waaronder de combinatie van energieadviezen en bouwkundige onderzoeken. Deze subsidie is bestemd voor het opstellen van een uitgebreid plan voor duurzaamheid en kan worden aangevraagd na voltooiing van de dienst. Voor de uitvoering van een duurzaamheidsplan is het vaak noodzakelijk om een gerichte aanpak te kiezen, en daarbij kan een advies over de beste combinatie van maatregelen van groot belang zijn. De RVO biedt ook subsidie voor procesbegeleiding en het opstellen van een meerjarenonderhoudsplan (MJOP), wat de organisatorische en planningstechnische kant van een duurzaamheidsproject ondersteunt. Voor VvE’s die zich richten op een zeer energiezuinig pakket, dat hoge eisen stelt aan isolatiewaarden en andere prestatie-eisen, zijn er specifieke financieringsmogelijkheden beschikbaar. Deze regeling is gericht op een samenhangend pakket aan maatregelen dat leidt tot een aanzienlijke vermindering van het energieverbruik.

Voor gemeentelijke subsidies, zoals die in Rotterdam gelden, is de subsidie voor het uitvoeren van een verbeterplan — dat het langdurige en dringende onderhoud omvat — opgeleid tot 45% van de kosten, met een maximum van €3.000 per woning. Dit maakt het mogelijk om ook langdurige onderhoudsbehoeften te integreren in het duurzaamheidsplan zonder dat de financieringslast onhoudbaar wordt. Belangrijk is dat de subsidie wordt uitgekeerd na voltooiing van de werkzaamheden, wat een belangrijke voorwaarde is. De VvE kan zelf de aanvraag indienen voor deze financiering, en kan daarbij ook hulp inschakelen van organisaties zoals VVE-010, die bijstaan bij het opstellen van het verbeterplan en het indienen van de aanvraag. Deze ondersteuning is cruciaal voor VvE’s die niet over de interne competentie beschikken om complexe aanvragen zelfstandig te behandelen.

Duurzame warmteopties en centrale aansluitingen

Een tweede kernonderdeel van het duurzaamheidsbeleid binnen VvE’s is het omzetten van verwarmingsystemen op duurzondere bronnen. De beschikbare regelingen bieden steun voor het installeren van warmtepompen, zonneboilers en het aansluiten op het warmtenet. De Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE) biedt aanvragers van subsidie voor deze opties. Vanaf 1 januari 2022 bedraagt de subsidie voor (hybride) warmtepompen met een vermogen groter dan 1 kW ongeveer 30% van de kosten. Voor zonnepanelen, zonneboilers en aansluiting op het warmtenet bedraagt de subsidie ongeveer 20% van de kosten, hoewel er in januari 2023 een verwachting is dat ook deze subsidie omhoog gaat naar 30%. Voor maatregelen die in 2021 zijn uitgevoerd, geldt een lagere subsidie van 20% van de kosten. Deze regeling geldt ook voor VvE’s die als zakelijke gebruiker actief zijn, wat betekent dat ook wooncoöperaties en andere juridische entiteiten in aanmerking komen.

De subsidie voor duurzame warmteopties is ook onderdeel van de SVVE-regeling. Deze subsidie is gericht op het aanschaffen van warmtepompen en zonneboilers, evenals op het centrale aansluiten op het warmtenet. Voor isolatiemaatregelen en aansluiten op het warmtenet zijn er ook aparte subsidies beschikbaar, voornamelijk via gemeentelijke regelingen. De RVO biedt ook een subsidie voor het aanleggen van de basislaadinfrastructuur voor elektrische auto’s. VvE’s kunnen tot 75% van de kosten voor advies over oplaadpunten ontvangen, met een maximum van €1.500. Bovendien ontvangt een VvE €100 subsidie per parkeerplaats waarop daadwerkelijk de basislaadinfrastructuur is aangelegd. Deze financiering is geldig tot 31 december 2027. Deze regeling is gericht op het bevorderen van duurzame mobiliteit binnen woningcorporaties en vergroot de leefbaarheid van woonomgevingen.

Deze financieringsmogelijkheden zijn gericht op het verlagen van de fossiele afhankelijkheid van woningcorporaties. Door het omzetten van gasverwarming naar warmtepompen of het aansluiten op het warmtenet, wordt niet alleen het energieverbruik verlaagd, maar ook de uitstoot van broeikasgassen. De subsidie is gebaseerd op de werkelijke kosten van de installatie, wat zorgt voor een eerlijke en doeltreffende financiering. Belangrijk is dat de subsidie wordt aangevraagd voordat de werkzaamheden beginnen. Dit voorkomt dat investeerders risico lopen op het niet ontvangen van financiële steun wegens een onjuiste aanvraagprocedure. De RVO verstrekt ook informatie over de vergoedingen per apparaat, die te vinden zijn op haar website, wat een belangrijke bron van waarborg voor VvE’s is.

Financiering via leningen en hypotheken

Naast subsidie bieden de overheidsinstanties ook leningen aan om de financiering van duurzaamheidsmaatregelen te vergemakkelijken. De Energiebespaarlening is een voordeel met lage rente, en in sommige gevallen zelfs met een rente van 0%. Deze lening is bedoeld voor particulieren en groepen die energiebesparende maatregelen willen uitvoeren. Voor senioren of mensen met een laag inkomen is deze lening extra toegankelijk. De Duurzaamheidslening, aangeboden via de gemeente, heeft een lagere rente van 1,7% (peildatum 12-08-2025). Deze lening is echter niet in elke gemeente beschikbaar, wat betekent dat VvE’s hun gemeente dienen te raadplegen voor beschikbaarheid. Deze leningen kunnen worden gebruikt voor het financieren van isolatie, installatie van warmtepompen of zonnepanelen, en andere energiezuinige maatregelen.

Het combineren van leningen met subsidies is toegestaan en wordt vaak geadviseerd. Zo kan een VvE zowel de subsidie voor de aanschaf van een warmtepomp ontvangen als een lening afsluiten om de resterende kosten te dekken. Dit biedt een flexibele oplossing voor het financieren van duurzame verbeteringen. Belangrijk is dat het combineren van subsidies met leningen niet leidt tot een dubbele financiering van dezelfde uitgave. De regels verbieden het stapelen van subsidies voor dezelfde maatregel, maar het combineren van subsidies met leningen is toegestaan. Dit maakt het mogelijk om zowel de subsidies als leningen te gebruiken om het totale financiële risico van een project te verlagen.

Voor eigenaars van monumentale gebouwen is er ook de mogelijkheid om leningen en hypotheken aan te vragen via het Restauratiefonds. Dit fonds biedt financiële steun voor het verduurzamen van monumentale woningen en appartementen. Deze financieringsmogelijkheid is gericht op het behouden van de monumentale waarde terwijl tegelijkertijd duurzaamheid wordt bevorderd. Voor verhuurders en beleggers zijn er ook regelingen beschikbaar, zoals de Subsidieregeling voor Ondersteuning van Huurwoningen (SVOH), die gericht is op het verduurzamen van huurwoningen. Deze subsidie is gericht op energiebesparende maatregelen, onderhoudsmaatregelen, maatwerkadviezen en duurzame warmteopties. De maximale subsidie is €10.000 per woning, met een hogere limiet van €15.000 bij toevoeging van een warmtepomp of zonneboiler. Deze subsidie is echter niet meer beschikbaar voor nieuwe aanvragen.

Specifieke regelingen voor monumenten en gemeentelijke financiering

Voor VvE’s met monumentale gebouwen zijn er specifieke financieringsregelingen beschikbaar die rekening houden met zowel de behoudswaarde als de duurzaamheid. Het Restauratiefonds biedt zowel leningen als hypotheken aan voor het verduurzamen van monumentale woningen. Deze financieringsvorm is gericht op het behouden van de bouwkundige waarde terwijl tegelijkertijd energiezuinigheid wordt bevorderd. Daarnaast biedt het Restauratiefonds ook subsidie voor duurzaamheidsadviezen, waarbij de subsidie tot 50% van de kosten kan bedragen. Deze adviezen zijn uitgevoerd door een erkende Duurzaamheidsadviseur voor Monumenten (DuMo), die ervaren is in het integreren van duurzaamheid in gebouwen met historische waarde.

In sommige regio’s, zoals in Groningen en Noord-Drenthe, is er de mogelijkheid om de SVVE-isolatiesubsidie te combineren met subsidie via Maatregel 29 van SNN. Dit vereist echter dat eerst de SVVE-isolatiesubsidie is aangevraagd. Deze combinatie biedt extra financiële steun voor VvE’s in deze regio’s. Voor gemeentelijke financieringen, zoals in Rotterdam, zijn er extra mogelijkheden beschikbaar. Zo biedt de gemeente van Rotterdam subsidie voor het uitvoeren van het verbeterplan, dat onderdelen zoals dak, gevels, vloeren en installaties omvat. Deze subsidie is opgeleid tot 45% van de kosten en maximaal €3.000 per woning. Deze financiering is gericht op het verlagen van de kosten voor noodzakelijk onderhoud dat vaak wordt uitgesteld, maar essentieel is voor de duurzaamheid en veiligheid van het gebouw.

Deze gemeentelijke regelingen zijn belangrijk omdat ze de financiële druk verlagen voor VvE’s die tegelijkertijd aan hoge eisen van duurzaamheid en onderhoud moeten voldoen. De gemeenten bieden vaak ook hulp bij het indienen van aanvragen, wat voor VvE’s die niet over interne ervaring beschikken, een belangrijke ondersteuning vormt. De subsidie voor energieadviezen, die wordt aangevraagd na de levering van de dienst, is ook een belangrijk onderdeel van het proces. Deze subsidie kan worden gebruikt voor het opstellen van een uitgebreid plan voor duurzaamheid, waarin alle aspecten van het gebouw worden geanalyseerd.

Conclusie

De beschikbare financiële middelen voor VvE’s die doelgericht willen verduurzamen zijn uitgebreid en gericht op zowel energiebesparing als duurzame warmteopwekking. De subsidie en financieringsregelingen van de RVO, gemeentelijke instanties en overheidsorganen bieden een solide basis voor het doorvoeren van duurzaamheidsprojecten. De SVVE-regeling, de ISDE-subsidie, de Energiebespaarlening en de Duurzaamheidslening vormen een krachtig pakket dat zowel de investeringslast als het risico op financiële tekortkomingen vermindert. Belangrijk is dat de financiering in de meeste gevallen wordt uitgekeerd vóór of na de uitvoering van de maatregelen, afhankelijk van de regeling. Het combineren van subsidies met leningen is toegestaan en wordt vaak aangeraden om de financieringslast te verlagen. Voor VvE’s met monumentale gebouwen zijn er extra financieringsmogelijkheden beschikbaar via het Restauratiefonds, dat zowel leningen als subsidie biedt voor duurzaamheidsadviezen en verbeteringen. Deze regelingen zijn essentieel voor het behouden van de bouwkundige en historische waarde terwijl tegelijkertijd duurzaamheid wordt bevorderd. De beschikbare bronnen zijn betrouwbaar en afkomstig van overheidsinstanties, wat de betrouwbaarheid van de informatie ondersteunt.

Bronnen

  1. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) - ISDE en SVVE
  2. VVE010 - Subsidies en leningen voor VvE’s
  3. Duurzaam Drechtsteden - Financiering en subsidies
  4. Consumentenbond - Lokale subsidies voor energiebesparing
  5. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) - Subsidies en financiering voor VvE’s

Related Posts