De uitdaging van een VvE met slechts twee appartementen: Juridische eisen, praktische uitdagingen en duurzame oplossingen

Inleiding

Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) zijn een essentieel onderdeel van het Nederlandse woningbezit, vooral in het geval van appartementen en meergezinswoningen. Terwijl de meeste VvE’s zijn georganiseerd als grootschalige entiteiten met tientallen of honderden eigenaren, bestaat er een categorie die merkwaardig klein is: VvE’s met slechts twee of drie appartementen. Deze mini-VvE’s, vaak gekenmerkt als 'trappenhuis-VvE’s' of 'piepkleine VvE’s', vragen zich vaak af of de wettelijke vereisten en administratieve verplichtingen die op grote VvE’s van toepassing zijn, ook echt van toepassing zijn op hun schaal. De beschikbare bronnen tonen aan dat de juridische verplichtingen voor zowel grote als kleine VvE’s gelijk zijn. Toch is het in de praktijk vaak moeilijk om deze eisen op een efficiënte en realistische manier te verweven in een situatie waarin slechts twee of drie mensen verantwoordelijk zijn voor het beheer van een pand. Deze uitgave onderzoekt de juridische grondslagen, de praktische uitdagingen en mogelijke oplossingen voor VvE’s met slechts twee adressen, op basis uitsluitend van de beschikbare gegevens uit officiële bronnen.

Wettelijke eisen voor kleine VvE’s: Evenwicht tussen regelgeving en haalbaarheid

Alle VvE’s in Nederland zijn onderworpen aan dezelfde wettelijke regels, ongeacht hun omvang. Dit geldt zowel voor grote complexen met honderden woningen als voor de kleinste VvE’s, zoals die met slechts twee of drie appartementen. De wettelijke basis is het Bouwbesluit 2012 en het Bouwbesluit 2023, maar de concrete verplichtingen worden gedefinieerd in het modelreglement van de VvE. Volgens bron [3] geldt voor elke VvE, ongeacht grootte, de verplichting tot het opstellen van een bestuur en een kascommissie. Bovendien is een kascommissie vereist die uit minstens twee leden bestaat, waarvan geen lid is van het bestuur. Deze eis is juridisch onvermurwbaar, ongeacht de omvang van de VvE.

In de praktijk wordt deze eis voor een VvE met slechts twee eigenaren duidelijk problematisch. Stel dat een VvE uit twee appartementen bestaat, dan zijn er slechts twee personen betrokken. Als één van hen lid is van het bestuur, dan is het tweede lid het enige mogelijke lid van de kascommissie. Maar dan is er slechts één lid in de kascommissie, wat de wettelijke eis van ten minste twee leden schendt. Deze situatie is dus juridisch onhoudbaar, omdat de wet geen uitzonderingen maakt voor kleine VvE’s. De verplichting tot een meerderheid van onafhankelijke leden in de kascommissie blijft ook van kracht, ook al is het aantal leden in de VvE extreem klein. De wettelijke eisen zijn dus niet te ondubbelzinnig, ongeacht of de VvE uit één of twintig adressen bestaat.

Daarnaast is er de verplichting tot het openen van een aparte bankrekening op naam van de VvE. Bron [3] benaduwt dat het gebruik van een privérekening voor VvE-zaken niet toegestaan is. Deze eis is ook van toepassing op mini-VvE’s. Echter, de kosten voor het openen en onderhoud van een zekere bankrekening kunnen in verhouding tot de inkomsten en uitgaven van een kleine VvE aanzienlijk zijn. Dit vormt een significante drempel voor huurders of kleine beleggers die een klein pand willen beheren. De wettelijke eisen zijn dus streng en toepasselijk op elke VvE, maar hun toepassing op een VvE met slechts twee eigenaren leidt tot een duidelijk onbalans tussen formele vereisten en praktische haalbaarheid.

Praktische uitdagingen in de dagelijkse praktijk

In de werkelijkheid werken veel VvE’s met twee of drie appartementen op basis van vertrouwen en informele afspraken. Bron [2] benaduwt dat in dergelijke gevallen vaak informele besluiten worden genomen tijdens een gesprek tussen buren, en dat jaarstukken niet altijd formeel worden opgesteld. Dit is een veelvoorkomend verschijnsel, vooral als het lang goed is gegaan. De wettelijke eisen worden dan vaak net even niet nagekomen, maar de sfeer blijft meestal vreedzaam.

Een groot risico is dat dit systeem in stukjes en vondstukken kan uiteenspatten wanneer er een onverwachte crisis ontstaat. Bijvoorbeeld als één van de eigenaren plotseling financieel in moeilijkheden komt of verhuist. In zo’n geval kan het zijn dat er geen geld beschikbaar is voor noodzakelijk onderhoud, zoals een lekke dakpan of een defecte verwarming. De wettelijke verplichting tot het voldoen aan de kosten voor onderhoud blijft dan gelden, maar de middelen om dat te doen zijn niet aanwezig. De situatie wordt nog complexer wanneer één van de eigenaren het geld voor een noodwerking al heeft voorbetaard, en de anderen dit moeten terugbetalen. Dan ontstaat er een financieel conflict tussen buren, wat de sfeer in de VvE ernstig kan verstoren.

Een voorbeeld uit de praktijk is het geval van een VvE in Midden-Nederland, waar twee eigenaren ruzieden over de onderhoudskosten van een balkon. De ene eiste een beslissing van de rechter om een vervangende machtiging te verkrijgen. De Rechtbank Midden-Nederland besloot in maart 2023 dat de VvE de kosten van de werkzaamheden moest dragen. Dit toont aan dat wanneer er geen formele besluitvorming plaatsvindt, de rechter kan ingrijpen en een besluit neemt dat de kosten op de VvE moet worden aangeslagen. Deze beslissing is gebaseerd op het feit dat de VvE juridisch verantwoordelijk is, ongeacht of er formele besluiten zijn genomen. De juridische verantwoordelijkheid ligt dus bij de VvE, niet bij de individuele eigenaar.

Financiële en administratieve druk in mini-VvE’s

De administratieve druk op een VvE met slechts twee of drie eigenaren is aanzienlijk, vooral wanneer formele vereisten worden nageleefd. De VvE moet jaarlijks een jaarrekening opstellen, een kascommissie benoemen, een algemene vergadering organiseren en eventueel een jaarvergadering houden. Deze verplichtingen zijn in de wet vastgelegd en gelden voor elke VvE, ongeacht omvang. Maar voor een VvE met slechts twee of drie eigenaren is het lastig om alle stukken formeel af te ronden, vooral als de eigenaren niet in de financiële administratie zijn geïnteresseerd.

Bron [3] wijst erop dat het gebruikelijk is dat mini-VvE’s informeel omgaan met hun administratie. Jaarstukken worden vaak niet opgesteld, besluiten worden mondeling genomen, en er wordt geen duidelijke notitie bijgehouden. Hoewel dit afwijkt van het modelreglement, is het in de praktijk vaak de meest haalbare oplossing. Dit kan echter ook leiden tot problemen bij een toekomstige verkoop van een woning. Bij een verkoop moet de VvE vaak bewijzen dat er voldoende spaargeld is voor toekomstig onderhoud. Als er geen duidelijke boekhouding is, kan dit een obstakel zijn bij de aanvraag van een hypotheek of bij de afwikkeling van de verkoop.

Een belangrijk punt is ook het feit dat bijna de helft van de VvE’s in Nederland uit drie of minder adressen bestaat. Bron [1] toont aan dat 66.750 VvE’s in Nederland uit 1 tot 3 adressen bestaan. In de provincie Groningen is dit zelfs 66% van de VvE’s. Dit wijst erop dat mini-VvE’s geen uitzondering zijn, maar een veelvoorkomend fenomeen. Toch zijn er weinig regels die specifiek zijn opgesteld voor dergelijke kleine VvE’s. De regels zijn voor iedereen hetzelfde, maar hun toepasbaarheid op kleine schaal is twijfelachtig.

De rol van het modelreglement en de regelgeving

Het modelreglement van de VvE is gebaseerd op de wet en de richtlijnen van de overheid. Het is bedoeld om een evenwicht te vinden tussen rechten en plichten van de eigenaren. Maar wanneer een modelreglement is opgesteld voor grote VvE’s, is het vaak niet geschikt voor een VvE met slechts twee of drie eigenaren. Bron [3] stelt expliciet dat veel modelreglementen niet goed aansluiten bij mini-VvE’s. De eisen aan bestuur, kascommissie en jaarrekeningen zijn vaak te complex voor een situatie waarin slechts twee mensen betrokken zijn.

Het is belangrijk om te benadrukken dat de wettelijke regels geen uitzonderingen maken voor kleine VvE’s. De wet vereist dezelfde eisen voor elk type VvE. Maar de praktijk toont aan dat er vaak een afwijking plaatsvindt, vooral op het vlak van administratie en besluitvorming. De rechter kan in een geschil tussen eigenaren ingrijpen en besluiten nemen op basis van de wettelijke grondslag. Zo heeft de Rechtbank Midden-Nederland in een geval besloten dat een VvE de kosten van een reparatie moest dragen, ook al was er geen formele vergadering geweest. Dit toont aan dat de wettelijke verantwoordelijkheid van de VvE niet afneemt op basis van de omvang.

Oplossingen voor een duurzaam en wettelijk correct beheer

Ondanks de uitdagingen bieden kleine VvE’s ruimte voor creatieve oplossingen. De meest haalbare aanpak is het opstellen van een eenvoudig, maar formulerend akkoord tussen de eigenaren. Dit akkoord kan duidelijkheid verschaffen over verantwoordelijkheden, besluitvorming en financiële verplichtingen. Het is belangrijk dat elk besluit schriftelijk wordt vastgelegd, bij voorkeur per e-mail. Zo is er een bewijs van overeenstemming, en kan onduidelijkheid in de toekomst worden voorkomen.

Een andere optie is het gebruik van een eenvoudige administratie-tool of software voor kleine VvE’s. Er zijn hulpmiddelen beschikbaar die het beheren van uitgaven, inkomsten en spaarposten vereenvoudigen. Deze tools zijn vaak goedkoper en eenvoudiger dan professionele boekhoudprogramma’s. Het doet er niet toe of de VvE officieel een kascommissie heeft of niet; de kern is dat er duidelijkheid is over de financiële positie.

Ten slotte is het aanrader om een externe adviseur in te schakelen bij twijfel. Er zijn organisaties zoals !WOON die hulp bieden aan eigenaren van kleine VvE’s. Deze organisaties kunnen advies geven over de juiste manier van besluitvorming, administratie en het opstellen van een modelreglement dat past bij de omstandigheden van de VvE. Dit helpt om de juridische risico’s te verkleinen en de samenwerking tussen buren te verbeteren.

Conclusie

VvE’s met slechts twee of drie appartementen vormen een bijzondere categorie binnen het Nederlandse vastgoedlandschap. Hoewel de wettelijke verplichtingen voor elk soort VvE gelijk zijn, is de toepasbaarheid van deze regels in de praktijk vaak problematisch voor kleine VvE’s. De eisen aan een meerderheid van onafhankelijke leden in de kascommissie, het openen van een aparte bankrekening, en het voldoen aan formele vereisten voor jaarrekeningen zijn juridisch bindend, maar vaak onhaalbaar op kleine schaal. Dit leidt tot een situatie waarin veel VvE’s informele oplossingen kiezen, die in de tijd goed werken, maar het risico lopen te mislukken bij een plotselinge crisis.

De beschikbare gegevens tonen duidelijk aan dat mini-VvE’s veelvoorkomend zijn, met bijna de helft van alle VvE’s uit drie of minder adressen bestaande. De wet stelt geen uitzonderingen voor deze groep. Toch is het belangrijk dat de eigenaren van een kleine VvE bewust zijn van hun verantwoordelijkheden en actief zijn in het vastleggen van afspraken, zowel mondeling als schriftelijk. Door eenvoudige regels in te voeren, zoals het vastleggen van besluiten per e-mail en het gebruik van eenvoudige administratiehulpmiddelen, kan een kleine VvE toch wettelijk correct en duurzaam worden beheerd.

De kern van het probleem ligt niet in de wet, maar in de toepasbaarheid van deze wet op een schaal waarop de regels vaak onrealistisch zijn. Er is dus behoefte aan een meer flexibele aanpak van de regelgeving, met name voor de kleinste VvE’s. Tot die tijd is het aan de eigenaren om zelf verantwoordelijkheid te nemen, duidelijke afspraken te maken en professionele hulp in te schakelen bij twijfel. Zonder duidelijke afspraken en duidelijke administratie is elke kleine VvE gevaarlijk aan het risico van financiële en juridische conflicten.

Bronnen

  1. Statistische gegevens over VvE’s in Nederland
  2. !WOON: Hulp bij kleine VvE’s
  3. Solvve: Mini-VvE’s en de regelgeving

Related Posts