De gemeente Midden-Groningen heeft in het kader van het beleid voor jeugd en kinderopvang een stelsel van regelgeving en kwaliteitsborging opgezet die gericht is op de integratie van voorschoolse educatie (VVE) in het reguliere onderwijs en de zorg voor jonge kinderen. Deze maatregelen zijn bedoeld om de kwaliteit van de jeugdopvang, met name op de peuter- en voorschoolse leeftijd, te waarborgen en te verhogen. De kern van dit kader ligt in het integreren van pedagogische kennis, professionele ontwikkeling van medewerkers en de uitvoering van erkende programma’s die gericht zijn op het stimuleren van de vroegkinderlijke ontwikkeling op de domeinen taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. Deze publicatie geeft een overzicht van de juridische grondslagen, de eisen aan kwaliteit, het proces van certificering en de ontwikkelingskansen voor medewerkers binnen het kader van de VVE in de gemeente Midden-Groningen.
Juridische en regelgevende kaderstelling voor de VVE
De juridische basis voor de uitvoering van de voorschoolse educatie (VVE) in de gemeente Midden-Groningen is gevormd door de "Nadere regels peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente Midden-Groningen 2020", een regeling die in werking is vanaf 27 februari 2020 tot 2 juli 2020. Deze regeling is vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op basis van de Algemene subsidieverordening Midden-Groningen 2019. Het doel van deze regeling is het realiseren van integrale peuteropvang die gekoppeld is aan basisscholen, met als doel de kwaliteit van de peuteropvang te waarborgen en te versterken.
Volgens artikel 1, lid 1, van deze regeling dient de subsidie te worden ingezet voor het waarborgen van de kwaliteit van de VVE. Subsidie wordt uitsluitend verleend aan houders die geregistreerd zijn in het landelijk register kinderopvang en peuterspeelzalen. Daarnaast dient de uitvoeringsorganisatie, zoals gedefinieerd in artikel 9, lid 1, te voldoen aan de wettelijke en regelgevende eisen zoals omschreven in artikel 2, onder a. Dit houdt in dat de uitvoeringsorganisatie verplicht is aan de geldende wet- en regelgeving, inclusief de richtlijnen die zijn vastgesteld in de bijlagen van deze regeling.
Een belangrijk aspect van de regelgeving is het verplicht stellen van regelmatige verslaglegging. Volgens artikel 9, lid 3, dient de aanbieder op verzoek uiterlijk op 1 februari een overzicht te versturen van de prestatielevering over het voorgaande kalenderjaar. Deze eis is bedoeld om transparantie te creëren en te garanderen dat de uitvoerende instanties verantwoording verschuldigd zijn voor het gebruik van subsidiegeld. De regeling is van kracht geweest vanaf 27 februari 2020 tot en met 2 juli 2020. Vanaf 3 juli 2020 is deze regeling ingetrokken, zoals vastgesteld in artikel 10, lid 1, van de regeling. Het college van burgemeester en wethouders heeft de regeling op 10 december 2019 vastgesteld, wat aangeeft dat er een voorbereidingsfase is geweest voordat de regeling in werking trad.
Deze regeling is niet langer van toepassing, maar de eisen die zij oplegde blijven relevant voor de huidige praktijk in de gemeente, met name inzake de vereisten voor certificering, de kwaliteit van het pedagogisch aanbod en de verantwoorde omgang met kinderen en ouders. De overgangsregeling voor de VVE-certificering is geregeld in hetzelfde document: alle certificaten die vóór 1 januari 2018 zijn verkregen, vallen onder de overgangsregeling en voldoen dus aan de eisen. Voor medewerkers die in hun initiële opleiding al een keuzedeel in voorschoolse educatie hebben gevolgd en met een voldoende resultaat hebben afgerond, is de aanvullende scholingseis niet van toepassing, mits het bewijs hiervan kan worden overlegd.
Kwaliteitsborging en pedagogische kennis op basis van erkende programma’s
Een kernonderdeel van de kwaliteitsborging in de VVE is het gebruik van erkende programma’s voor voorschoolse educatie. Deze programma’s zijn geselecteerd op grond van hun effectiviteit en zijn opgenomen in de databank van effectieve jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut (NJI). Volgens bron [2] zijn er dergelijke programma’s zoals Kaleidoscoop, Piramide, Startblokken en Uk en Puk, die zijn erkend en waarin aandacht wordt besteed aan de vier belangrijkste ontwikkelingsdomeinen: taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek. Deze programma’s zijn ontworpen om het aanbod van activiteiten gericht te maken op de vroegkinderlijke ontwikkeling.
De pedagogische organisatie moet in haar pedagogisch plan of werkplan duidelijk vastleggen op welke manier het erkende VVE-programma wordt uitgevoerd door gecertificeerde beroepskrachten. Het is verplicht om in dit document duidelijk te maken hoe elk van de vier ontwikkelingsdomeinen is ingericht. Bijzonder belangrijk is de aandacht voor het taal-intensieve deel van het programma. Het is vereist dat in het pedagogisch plan wordt vermeld op welke manier kinderen regelmatig kunnen deelnemen aan het taal-intensieve aanbod, met een duidelijke frequentie die moet worden nageleefd.
De pedagogische kennis van de medewerkers is centraal voor het succes van deze programma’s. De houder van de VVE dient jaarlijks een opleidingsplan op te stellen voor de certificering van beroepskrachten en pedagogische medewerkers. Dit plan moet uitgewerkt zijn voor zowel zittende medewerkers, invalmedewerkers als toekomstige medewerkers. Het doel is om aan de eisen van de VVE-certificering en aan de borging daarvan blijvend te voldoen. Het plan moet elk jaar worden geëvalueerd en indien nodig worden bijgesteld.
Daarnaast zijn er jaarlijkse borgingsbijeenkomsten nodig die gericht zijn op de VVE-certificering. Deze bijeenkomsten dienen te garanderen dat de kennis en vaardigheden van de beroepskrachten actueel blijven en aansluiten op de actuele eisen. De medewerkers moeten in het bezit zijn van een certificaat opbrengstbewust/gericht werken, wat aantoont dat ze op een doelgerichte manier werken aan de ontwikkeling van kinderen. Deze opleidingen zijn ook vastgelegd in het jaarlijkse opleidingsplan, dat de ontwikkeling van kennis en vaardigheden van beroepskrachten ondersteunt.
Samenwerking tussen VVE en basisschool: een doorgaande lijn
Eén van de belangrijkste pijlers van de VVE in Midden-Groningen is de samenwerking tussen de VVE-locaties en de basisscholen. Deze samenwerking is gericht op het creëren van een doorgaande lijn tussen de voor- en vroegschoolse periode, zodat kinderen na een vlekkeloze overgang van de peuterspeelzaal naar de basisschool kunnen worden opgevangen. Deze samenwerking is belangrijk omdat het zorgt voor continuïteit in het leerproces en verbinding tussen de pedagogische benadering in de VVE en de basisschool.
De VVE-locaties nemen actief deel aan overleggen over de doorgaande lijn VVE. Deze bijeenkomsten vinden twee tot drie keer per jaar plaats. Tijdens deze bijeenkomsten wordt gewerkt aan de integratie van het VVE-programma, het kindvolgsysteem, de ouderbetrokkenheid en de zorg voor leerlingen. Het kindvolgsysteem is daarbij een cruciaal instrument, omdat het de ontwikkeling van elk kind op de domeinen sociaal-emotioneel, taal/geletterdheid, rekenen en motoriek volgt op basis van de SLO-doelen. Dit systeem zorgt voor een gestructureerde manier van observatie en rapportage, zowel op kind- als op locatieniveau.
Een belangrijk onderdeel van deze samenwerking is de warme overdracht van kinderen van de VVE naar de basisschool. Onder warme overdracht wordt verstaan dat er een overlegmoment plaatsvindt waarbij het kind van de VVE-locatie naar de basisschool wordt overgegeven. Tijdens dit gesprek zijn ook de ouders aanwezig, zodat hun indrukken van thuis kunnen worden meegenomen. De kinderen die onder de doelgroep VVE vallen en die een specifieke begeleidingsbehoefte hebben, worden zorgvuldig overgedragen. Het is verplicht om dit proces in het pedagogisch beleidsplan van de locatie op te nemen, waarin duidelijk is omschreven hoe de overgang wordt georganiseerd.
De samenwerking met de basisschool of basisscholen is ook gericht op het uitwisselen van kennis over het kindvolgsysteem en het gebruik van het overdrachtsformulier. Dit formulier is opgesteld binnen de gemeente Midden-Groningen en dient als instrument voor de correcte en volledige overdracht van informatie over elk kind. Het zorgt voor een gestructureerde overgang en voorkomt dat belangrijke informatie tijdens de overgang verloren gaat.
Professionele ontwikkeling en opleiding voor pedagogische medewerkers
De professionele ontwikkeling van pedagogische medewerkers is van cruciale betekenis voor de kwaliteit van de VVE. De gemeente Midden-Groningen streeft ernaar dat alle pedagogische medewerkers (pm-ers) in het bezit zijn van een certificaat opbrengstbewust/gericht werken. Dit certificaat duidt erop dat de medewerker kennis heeft van de kernaspecten van ontwikkelingsgericht werken en effectief inzetbaar is in het pedagogisch proces.
Een concrete manier om deze kennis te vergroten is de opleiding “Ontwikkelingsgericht werken in de VVE”, die wordt aangeboden door de opleider Noorderpoort. Deze cursus duurt 12 weken en bestaat uit 12 bijeenkomsten. De kosten voor de cursus bedragen € 895,- per persoon. Tijdens de cursus wordt aandacht besteed aan thema’s als interactievaardigheden, observatietechnieken, het creëren van een uitdagende speel- en leeromgeving, spelvormen om ontwikkelingsgericht te werken, samenwerking met de omgeving van het kind en het inzicht in het werken van het kinderbrein. Deze kennis is essentieel voor het kunnen leveren van een hoogwaardig aanbod binnen de VVE.
Deze cursus is gericht op mensen die willen inzien hoe kinderen ontwikkelen en hoe pedagogisch werk kan worden afgestemd op die ontwikkeling. De deelnemers kunnen direct na aanschaf van de cursus aan de slag in een kinderopvang, bijvoorbeeld bij een van de locaties van de partner SKSG. Deze samenwerking biedt de mogelijkheid tot praktijkervaring terwijl de theorie wordt doorgenomen.
Het opleidingsplan voor de VVE is niet alleen gericht op de initiële opleiding, maar ook op het voortdurend bijhouden van kennis en vaardigheden. Het is verplicht dat er jaarlijks minimaal twee borgingsbijeenkomsten plaatsvinden, gericht op de VVE-certificering. Deze bijeenkomsten zijn bedoeld om te garanderen dat de medewerkers hun kennis blijven actualiseren en aansluiten op de actuele eisen. Het is ook vereist dat het opleidingsplan jaarlijks wordt geëvalueerd en indien nodig worden bijgesteld.
Deze benadering zorgt voor een continue kwaliteitsborging en zorgt ervoor dat de VVE-organisaties voldoen aan de eisen van de gemeente Midden-Groningen. De medewerkers zijn niet alleen getraind in de kennis van de VVE, maar ook in de vaardigheden om deze kennis toe te passen in de praktijk.
Conclusie
De gemeente Midden-Groningen heeft een uitgebreid kader opgebouwd voor de uitvoering van voorschoolse educatie, dat gebaseerd is op wet- en regelgeving, kwaliteitsborging, samenwerking met basisscholen en professionele ontwikkeling van medewerkers. De nadere regels kunnen niet langer worden aangehaald, maar de eisen en praktijken die zijn vastgelegd in deze regeling blijven van invloed op de huidige praktijk.
Belangrijk is dat alle VVE-locaties in de gemeente Midden-Groningen voldoen aan hoge kwaliteitsnormen. De uitvoeringsorganisaties zijn verplicht aan wet- en regelgeving voldoe, en moeten daarbij ook aan aanvullende kwaliteitseisen voldoen. De inzet van erkende programma’s zoals Kaleidoscoop, Piramide, Startblokken en Uk en Puk zorgt voor een gestructureerd aanbod op de domeinen taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. De samenwerking met basisscholen, via het kindvolgsysteem en het overdrachtsformulier, zorgt voor een doorgaande lijn en een warme overdracht van kinderen.
De professionele ontwikkeling van pedagogische medewerkers is centraal geplaatst. Alle medewerkers zijn in het bezit van een certificaat opbrengstbewust/gericht werken. Het jaarlijkse opleidingsplan en de borgingsbijeenkomsten zorgen voor een continue kwaliteitsborging. De opleiding “Ontwikkelingsgericht werken in de VVE” biedt een actuele en praktijkgerichte manier om deze kennis te vergroten.
Samenvattend is het kader van de VVE in Midden-Groningen gericht op kwaliteit, continuïteit en professionele ontwikkeling. De combinatie van wetgeving, samenwerking en opleiding zorgt voor een duurzame, kindgerichte en effectieve vorm van voorschoolse educatie.