Inleiding
De wettelijke verplichting tot tegengaarding van witwassen en terrorisme, geregeld in de Wet witwassen en financiële criminaliteit (Wwft), heeft ook een directe invloed op woningcorporaties (VvE’s). Hoewel de VvE zelf niet moet worden ingeschreven in het ubo-register, is zij wettelijk verplicht om haar uiteindelijke belangenhebbenden (ubo’s) te identificeren en te melden, met name indien die uiteindelijke belangenhebbenden een eigendomsdeel of stemrecht van meer dan 25% hebben. Deze verplichting is niet meer uitsluitend een administratieve formaliteit, maar heeft concrete gevolgen, zoals de blokkering van bankrekeningen indien de verplichtingen niet worden nakomen. De rechtbank Amsterdam heeft in een uitspraak van 29 november 2023 bevestigd dat de Wwft ook op een VvE van toepassing is. De zaak betrof een VvE die door haar bank een geblokkeerde rekening moest afrekenen wegens een onvolledige of onjuiste ubo-opgave. Deze uitspraak bevestigt dat zowel de VvE als haar bestuurders wettelijk verantwoordelijk zijn voor de juiste en volledige levering van ubo-gegevens. Deze verplichting geldt niet alleen voor de financiële sector, maar ook voor de woningcorporaties die als klant van een bank dienen te worden beoordeeld. Het artikel beschrijft de juridische grondslag, de praktische uitvoering van het cliëntonderzoek door poortwachters, de verantwoordelijkheden van de VvE en haar bestuurders, en de mogelijke gevolgen van nalatigheid.
Juridische grondslag en toepassing van de Wwft op VvE’s
De wetgeving tegen witwassen en terrorisme, vastgelegd in de Wwft, is een fundamenteel instrument binnen de Nederlandse financiële en maatschappelijke veiligheidsstructuur. De wet heeft als doel de preventie van witwassen en de financiering van terrorisme, en is van toepassing op een breed scala aan organisaties en financiële instanties. De Wwft stelt eisen aan het identificeren, verifiëren en vastleggen van de identiteit van de uiteindelijke belangenhebbenden (ubo’s) bij organisaties, met name wanneer deze een belang van meer dan 25% in de organisatie hebben, of wanneer er sprake is van een belangrijke invloed op het beleid. In de context van een VvE is deze wet van toepassing, ondanks dat de VvE zelf niet wordt ingeschreven in het ubo-register. De rechtbank Amsterdam heeft in haar uitspraak van 29 november 2023 duidelijk geoordeeld dat de Wwft ook op een VvE van toepassing is. Dit houdt in dat een VvE als klant van een bankinstelling onderworpen is aan dezelfde verplichtingen als een commerciële onderneming. De verplichting tot het leveren van ubo-gegevens is dus wettelijk verankerd en niet afhankelijk van een keuze van de VvE. Deze juridische verplichting geldt niet alleen voor de VvE zelf, maar ook voor haar bestuursleden, met name wanneer deze bevoegd zijn om rekeningen van de VvE te beheren of te ondertekenen. De wettelijke grondslag is dus duidelijk: de Wwft is van toepassing op de VvE en haar bestuurders, en het is de verantwoordelijkheid van de VvE om de vereiste maatregelen te nemen.
De wettelijke basis voor deze toepassing ligt in het Burgerlijk Wetboek, bijzonder in Boek 7, titel 10, en in de wetgeving inzake de bevoegdheden van het Dagelijks Bestuur van openbare lichamen zoals de Omgevingsdienst Regio Nijmegen. Deze wetgeving stelt duidelijk dat de bevoegdheden van bestuursleden, waaronder het beheren van financiële middelen, geregeld zijn binnen een juridische kaderwereld die ook de Wwft-vereisten omvat. De Wwft verplicht zowel de financiële instanties als de organisaties die dienen als klant om de identiteit van de uiteindelijke belangenhebbenden te controleren. In de praktijk betekent dit dat een VvE die een bankrekening heeft, verplicht is om tijdens het opstarten van die relatie of bij heroverweging van de relatie, volledige en juiste gegevens over haar ubo’s aan te leveren. De bank is verplicht om dit te controleren en kan, indien de gegevens onvolledig of onjuist zijn, de rekening blokkeren. De rechtbank Amsterdam heeft in haar uitspraak bevestigd dat de Wwft ook op een VvE van toepassing is, en dat de bank in dit geval niet fout is geweest in haar handelingen. Deze uitspraak vormt een belangrijke juridische precedent, omdat ze de rechtsgrondslag voor de toepassing van de Wwft op VvE’s bevestigt en daarmee de verantwoordelijkheid van de VvE voor de volledigheid van haar gegevens vastlegt.
De rol van de poortwachter en het cliëntonderzoek
De uitvoering van de Wwft-vereisten wordt gerealiseerd via een systeem van zogeheten "poortwachters". Deze term verwijst naar instanties die bevoegd zijn om het cliëntonderzoek uit te voeren, met name de financiële instellingen waar een klant (zoals een VvE) een rekening heeft. De poortwachter is verantwoordelijk voor het controleren van de gegevens van de klant, met name van de uiteindelijke belangenhebbenden (ubo’s). Deze controle is niet beperkt tot het controleren van gegevens uit het ubo-register. De poortwachter moet zelf een diepgaand onderzoek uitvoeren, wat ook het onderzoeken van de feitelijke bezoldiging en de reële macht van de betrokken personen omvat. De poortwachter is verplicht om het cliëntonderzoek uit te voeren wanneer er sprake is van een verhoogd risico op witwassen of financiering van terrorisme. Dit risico kan stijgen indien de ubo een politiek prominent persoon (PEP) is of in naburige relaties staat met een PEP. In het geval van een VvE is dit risico geringer, maar niet afwezig. De kans dat een poortwachter een verscherpt onderzoek uitvoert is niet groot, maar bestaat wanneer er reden tot vermoeden is. De VvE dient dan bereid te zijn om de gevraagde documenten binnen een redelijke termijn te leveren.
Het cliëntonderzoek is een essentieel onderdeel van de Wwft-toepassing. De poortwachter zal bij de VvE vragen om een reeks documenten, waaronder een recent overzicht van appartementseigenaren met adressen, een uittreksel uit het Kamer van Koophandel (KvK), en eventueel notulen waarin bestuursleden zijn benoemd. Indien sprake is van een belang van meer dan 25% (bij zowel eigendom als stemrecht), zijn er extra vereisten: de identificatie, verificatie en vastlegging van de identiteit van de ubo. Deze stappen zijn niet automatisch door de poortwachter te vervangen door een controle in het ubo-register. De poortwachter moet zelf bepalen of de gegevens voldoen aan de eisen van de Wwft. De vereiste documenten voor de identificatie zijn het burgerservicenummer (BSN) indien aanwezig, of een fiscaal identificatienummer van een ander land indien het persoon in een ander land ingeschreven is. Deze eisen zijn gebaseerd op wetgeving van de overheid, zoals geregeld in de wetgeving van de overheid, waaronder de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer. De poortwachter is dus niet beperkt tot het controleren van de gegevens in het register, maar moet zelf nagaan of de gegevens juist zijn en of de betrokkene daadwerkelijk de daadwerkelijke eigenaar is. De VvE dient dan ook bereid te zijn om deze documenten op te sturen, zodat het cliëntonderzoek volledig kan worden uitgevoerd.
De verantwoordelijkheid van de VvE en haar bestuurders
De verantwoordelijkheid voor de juiste en volledige levering van ubo-gegevens rust uiteraard op de VvE zelf. De VvE is verplicht om het cliëntonderzoek van de bank te ondersteunen en de nodige stukken aan te leveren. Deze verantwoordelijkheid geldt niet alleen voor de administratieve stappen, maar ook voor de nauwkeurigheid van de gegevens. De VvE moet zelf controleren of de gegevens over de eigenaren en de stemrechten kloppen. Bij de opgave van de ubo’s moet de VvE aangeven wie de daadwerkelijke eigenaar is van meer dan 25% van de aandelen of stemrechten. In een voorbeeld uit de rechtspraak is een VvE eenmaal onjuist geweest door slechts één ubo op te geven, namelijk haar bestuurder, zonder een percentage te vermelden. Deze fout leidde tot een geblokkeerde rekening, omdat de bank het formulier als onvolledig beoordeelde. De rechtbank heeft bevestigd dat de Wwft ook op een VvE van toepassing is, en dat de VvE zelf verantwoordelijk is voor de juistheid van haar gegevens. De VvE dient dus een interne administratie bij te houden waarin de ubo-gegevens van de eigenaren en de bestuurders worden bijgehouden.
De verantwoordelijkheid van het bestuur is eveneens belangrijk. De bestuurders zijn verantwoordelijk voor het beheren van de financiële middelen van de VvE, en zijn daarmee ook verantwoordelijk voor de naleving van de Wwft-vereisten. Indien een bestuurder bevoegd is om rekeningen van de VvE te ondertekenen, is er een extra controle nodig op zijn of haar rol als ubo. In het geval van een PEP (politiek prominent persoon) of een famili lid van een PEP, is er sprake van een verhoogd risico. In dat geval moet er een verscherpt cliëntonderzoek worden uitgevoerd, en moet de VvE zich voorbereiden op extra vragen van de poortwachter. De VvE dient dus een interne lijst bij te houden waarin duidelijk is aangegeven wie de uiteindelijke belangenhebber is, en welk percentage van het eigendom of stemrecht dat is. De VvE is verplicht om deze informatie op te vragen bij haar leden, en eventueel een formulier te gebruiken dat door de bank wordt aangevraagd. De beste praktijk is dus dat elke VvE een eigen ubo-beleid vaststelt, waarin duidelijk is geregeld wanneer en hoe deze gegevens worden verzameld, beoordeeld en opgeslagen.
De gevolgen van nalatigheid: blokkering van bankrekeningen
De meest directe gevolg van onvolledige of onjuiste ubo-opgave is de blokkering van de bankrekening van de VvE. Dit gevaar is niet hypothetisch, maar is reeds in de praktijk gebleken. In een zaak voor de rechtbank Amsterdam is een VvE door haar bank een rekening geblokkeerd wegens onvolledige of onjuiste gegevens bij de opgave van de ubo’s. De VvE had in het formulier aangegeven dat er maximaal vier appartementseigenaren waren, en had slechts één ubo opgegeven, namelijk haar bestuurder, zonder percentage. De bank stelde dat dit onvolledig was, en vroeg om aanvullende gegevens. Na herhaaldelijk vragen en het stellen van een termijn werd de rekening geblokkeerd. De VvE stelde een vordering op terugbetaling van de blokkade, maar de rechtbank bevestigde dat de Wwft ook op een VvE van toepassing is en dat de bank op basis van haar verantwoordelijkheid handelde. De rekening werd uiteindelijk weer geopend, maar het proces kostte tijd en geld. De blokkering is dus geen uitzondering, maar een realistisch gevaar bij nalatigheid.
De gevolgen van een geblokkeerde rekening zijn ernstig. De VvE kan geen uitgaven meer doen, wat leidt tot problemen met het betalen van loon, leveranciers, energie en onderhoud. De administratie kan uit de bochten vallen, en de reputatie van de VvE kan schade oplopen. De klant kan een geblokkeerde rekening niet direct opheffen. De bank dient eerst een cliëntonderzoek uit te voeren, en het kan maanden duren voordat het probleem is opgelost. De VvE moet dan ook actief zijn in het leveren van de nodige documenten, en eventueel juridische hulp inschakelen. De beste manier om dit te voorkomen is om van tevoren zeker te stellen dat alle gegevens juist en volledig zijn. De VvE dient daarom een interne controleprocedure in te stellen, waarbij voor elke VvE-zaak wordt nagekeken of alle vereiste stukken zijn ingediend. Het is ook belangrijk om regelmatig de gegevens van de eigenaren en bestuurders te controleren, en eventueel een jaarlijks ubo-overzicht te maken.
Conclusie
De toepassing van de Wwft op woningcorporaties (VvE’s) is geen juridische formaliteit, maar een daadwerkelijke verplichting met ernstige gevolgen bij nalatigheid. De rechtbank Amsterdam heeft in haar uitspraak van 29 november 2023 bevestigd dat de Wwft ook op een VvE van toepassing is, en dat een bank gerechtvaardigd is in het blokkeren van een rekening bij onvolledige of onjuiste ubo-opgave. De verantwoordelijkheid voor de juiste levering van gegevens rust bij de VvE zelf, en ook op haar bestuurders, met name wanneer ze bevoegd zijn om rekeningen te beheren. De poortwachter, meestal de bank, is verplicht om een diepgaand cliëntonderzoek uit te voeren, en mag zich niet uitsluitend op het ubo-register verlaten. De VvE moet een interne administratie bijhouden waarin de ubo-gegevens van haar leden worden bijgehouden, met name wanneer het belangenheffend percentage boven 25% ligt. De blokkering van een bankrekening is geen zeldzaam geval, maar een realistisch gevaar dat financiële en operationele problemen kan veroorzaken. De beste manier om dit te voorkomen is vroegtijdige voorbereiding, regelmatige controle van gegevens en een actieve houding bij het leveren van documenten. De samenwerking tussen VvE, bestuurders en bank is essentieel om witwassen en financiële criminaliteit te voorkomen.