VvE-reglementen en hun toepassing op verhuur: Begrip, beperkingen en praktijk

De rol van een Vereniging van Eigenaars (VvE) binnen appartementsrechtsconstructies is essentieel voor het functioneren van woon- en recreatiecomplexen. De VvE beheert de gemeenschappelijke ruimtes en stelt regels op om een harmonieuze samenleving te bevorderen. Een van de vragen die regelmatig opduiken, is of en hoe verhuur van appartementen of recreatiewoningen door eigenaars gereguleerd kan worden. Dit artikel biedt een overzicht van de juridische kaders, praktische toepassingen en beperkingen van VvE-reglementen op verhuur, met een focus op de relevante wetgeving, rechtspraak en voorbeelden uit de praktijk.

Inleiding

In Nederland is de VvE een centrale organisatie binnen appartementsrechtsconstructies. De VvE zorgt voor het beheer van de gemeenschappelijke ruimtes, zoals halen, trappenhuizen, terrassen en soms ook gemeenschappelijke faciliteiten. Verder stelt de VvE reglementen en huishoudelijke reglementen om het gebruik van privé- en gemeenschappelijke gedeelten te reguleren. Onderwerpen als verhuur, het gebruik van gemeenschappelijke ruimtes en het toezicht op het huishoudelijk gedrag vallen binnen de bevoegdheid van de VvE.

In dit artikel wordt gekeken naar de juridische mogelijkheden en beperkingen voor VvE’s om verhuur te reguleren. Op basis van de relevante wetsartikelen, rechtspraak en praktijkvoorbeelden, wordt uitgelegd hoe de VvE haar rol kan uitoefenen binnen de grenzen van de wet. Het artikel richt zich vooral op de situatie binnen een VvE met recreatiewoningen, maar de inzichten zijn ook van toepassing op woningappartementen.

Juridische kaders rond verhuur

Algemene beginselen

Volgens artikel 5:120 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) heeft iedere eigenaar het recht om zijn appartement aan een derde in gebruik te geven. Dit omvat ook de verhuur aan een huurder. Hieruit volgt dat verhuur in principe toegestaan is, tenzij er duidelijke bepalingen in de splitsingsakte of in het huishoudelijk reglement zijn die dit verbannen of anders regelen.

De splitsingsakte is de grondwet van het appartementsrecht. In deze akte worden de rechten en plichten van de eigenaars vastgelegd. De splitsingsakte kan bijvoorbeeld bepalingen maken over de bestemming van een appartement. Zo mag een appartement met de bestemming “woning” niet worden gebruikt als café of bordeel. Deze bepalingen zijn ook van toepassing op huurders, zoals duidelijk is uit artikel 5:120 lid 2 BW.

Uitzonderingen

Hoewel verhuur in principe vrij is, zijn er bepaalde uitzonderingen. Een eerste uitzondering is wanneer de wijze van gebruik van het appartement in strijd is met de bestemming die in de splitsingsakte is vastgelegd. Dit geldt bijvoorbeeld als een recreatiewoning wordt gebruikt voor langdurig verblijf van buitenlandse uitzendkrachten in plaats van voor toeristische doeleinden. Dit is duidelijk beschreven in een rechtszaak waarin een recreatiewoning niet voor toeristische doeleinden werd gebruikt, maar voor een langdurige verblijf.

Een tweede uitzondering is wanneer geen gebruikersverklaring aan het bestuur van de VvE wordt verstrekt. Deze verklaring is nodig om het gebruik van het appartement te registreren en eventuele beperkingen in acht te nemen.

Beperkingen door huishoudelijk reglement

Een VvE kan via het huishoudelijk reglement aanvullende regels vaststellen die het gebruik van privé- en gemeenschappelijke gedeelten nader regelen. Dit is mogelijk op basis van artikel 5:128 BW. Deze regels mogen echter niet in strijd zijn met de wet of het reglement. Als dat toch gebeurt, zijn de regels nietig.

Een voorbeeld is de regel in artikel 26 van het huishoudelijk reglement dat eigenaren toegestaan worden om recreatieverblijven voor langere termijn te verhuren, zolang zij een exemplaar van het reglement aan de gebruiker geven. In een juridisch geval is echter gebleken dat zo’n regel mogelijk in strijd kan zijn met de akte van splitsing en de wettelijke bestemming van het appartement.

Praktijktoepassing in recreatiecomplexen

Verhuur van recreatiewoningen

In recreatiecomplexen is verhuur vaak een belangrijk aspect. Eigenaars van recreatiewoningen kunnen hun appartementen verhuren aan toeristen, tijdelijke verblijvers of ook aan particulieren. In sommige gevallen kan de VvE bepalingen maken over het tijdelijk of langdurig gebruik van recreatiewoningen.

In een praktijkvoorbeeld uit 2016 is een recreatiewoning niet voor toeristische doeleinden gebruikt, maar als verblijf voor buitenlandse uitzendkrachten. Deze situatie werd door de VvE bevochten, omdat het in strijd was met de bestemming van het appartement. De rechtspraak heeft hierbij geconcludeerd dat zowel eigenaars als gebruikers verplicht zijn om de woning te gebruiken conform de in de akte gegeven bestemming.

Kamergewijze verhuur en beleidsregels

In sommige gemeenten zijn beleidsregels opgesteld om kamergewijze verhuur te reguleren. Deze regels kunnen van toepassing zijn op appartementen in woonwijken of op recreatiewoningen. In een voorbeeld uit Wageningen zijn beleidsregels opgesteld voor drie varianten van kamergewijze verhuur, afhankelijk van de bestemming van het gebouw (bijvoorbeeld woning, winkel of kantoor). Deze beleidsregels zijn een uitbreiding van de wettelijke regels en worden vaak opgenomen in huishoudelijke reglementen of beleidsregels van de VvE.

Een belangrijk aspect van deze regels is dat ze moeten worden geregeld in overeenstemming met de lokale regelgeving en de wettelijke kaders. Als een regel niet in overeenstemming is met de wet, kan deze nietig verklaard worden. Bijvoorbeeld in een geval waarin een VvE bepaalde beperkingen op verhuur wilde opleggen, is gebleken dat deze nietig waren omdat ze in strijd waren met de wettelijke bepalingen.

Beheer en beschikking door de VvE

Beheer versus beschikking

De bevoegdheden van de VvE zijn geregeld in artikel 5:112 lid 1 sub e en artikel 5:126 BW. Hierin wordt uitgelegd dat de VvE verantwoordelijk is voor het beheer van de gemeenschap, met uitzondering van de privégedeelten. Het beheer betreft onder meer het instellen van reglementen, het organiseren van verenigingsactiviteiten en het beheren van gemeenschappelijke ruimtes.

Beschikking daarentegen betreft handelingen die het gebruik van privégedeelten regelen. Deze handelingen kunnen worden uitgevoerd door de VvE, mits ze in overeenstemming zijn met de wettelijke kaders en het huishoudelijk reglement. Voorbeelden zijn het verbannen van bepaalde activiteiten in de gemeenschappelijke ruimtes of het beperken van verhuur in bepaalde omstandigheden.

Beheersregelingen en bevoegdheden

Een VvE kan via een beheersregeling bevoegdheden vastleggen die het bestuur of beheerder kan uitvoeren. Deze regelingen kunnen bijvoorbeeld bepalingen maken over het gebruik van gemeenschappelijke ruimtes, verhuurbeperkingen of het toezicht op het gedrag van gebruikers.

In de praktijk blijkt echter dat niet alle regels die door de VvE worden opgesteld geldig zijn. Bijvoorbeeld in een rechtszaak uit 2015 is gebleken dat een regel van de VvE die verhuur wilde beperken nietig was, omdat het in strijd was met de wettelijke bepalingen over het beheer en de bevoegdheden van de VvE.

Praktische voorbeelden en rechtspraak

Rechtspraak rond verhuurbeperkingen

In een rechtszaak uit 2015 is gebleken dat een VvE geen verhuurbeperkingen kan opleggen die niet zijn ingevoerd in het huishoudelijk reglement of de splitsingsakte. In dit geval wilde een VvE beperkingen opstellen die verhuur alleen toelaat bij toeristische doeleinden. Deze regels werden echter nietig verklaard, omdat ze in strijd waren met de wettelijke bepalingen over het recht van eigenaars om hun appartementen aan derden te verhuren.

Beheer en toezicht

Een ander voorbeeld uit de rechtspraak betreft de bevoegdheid van de VvE om toezicht te houden op het gebruik van gemeenschappelijke ruimtes. In een geval is gebleken dat de VvE bevoegd was om te bepalen dat een huurder geen spullen in de gemeenschappelijke hal mocht plaatsen, maar dat deze regel niet kon worden uitgebreid tot het verbannen van verhuur zelf.

Conclusie

De rol van de VvE in het regelen van verhuur is ingekaderd binnen strikte juridische grenzen. Hoewel de VvE bevoegd is om aanvullende regels op te stellen via het huishoudelijk reglement, mogen deze regels niet in strijd zijn met de wettelijke kaders of de splitsingsakte. Verhuur is in principe vrij, maar kan worden beperkt als het gebruik van het appartement in strijd is met de bestemming die in de splitsingsakte is vastgelegd.

In recreatiecomplexen is het belangrijk dat de VvE rekening houdt met de wettelijke bepalingen over het gebruik van de woningen. Verhuurbeperkingen moeten zorgvuldig worden opgesteld en moeten in overeenstemming zijn met de wettelijke regels. Bovendien moet het huishoudelijk reglement duidelijk en wettelijk verankerd zijn om conflicten met eigenaars of huurders te voorkomen.

De rechtspraak en praktijkvoorbeelden tonen aan dat de bevoegdheden van de VvE binnen bepaalde grenzen moeten worden gebruikt. De VvE mag geen beperkingen opleggen die niet zijn ingevoerd in het huishoudelijk reglement of de splitsingsakte. Daarnaast moet de VvE zich richten op het beheer van de gemeenschappelijke ruimtes en het stellen van regels die het gebruik van deze ruimtes regelen, in plaats van directe beperkingen op het verhuurrecht van eigenaars.

Bronnen

  1. VvE verbiedt onderhuur, mag dat?
  2. De VvE mag geen gemeenschappelijke ruimtes in het gebouw verhuren
  3. RB Noord-Holland 08-12-2016 nr. 5069288
  4. Beleidsregels kamergewijze verhuur Gemeente Wageningen
  5. Beheer en beschikken in het appartementsrecht

Related Posts