Inleiding
Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) speelt een essentiële rol in de ontwikkeling van jonge kinderen, vooral in de jaren die cruciaal zijn voor de basisvorming van rekenkundige en taalvaardigheden. Het VVE-arrangement richt zich op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op meerdere domeinen, waaronder rekenen/ordenen. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de aandacht die VVE-voorzieningen besteden aan het rekenen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de gegevens uit relevante lokale regelgeving en beleidsnotities. De nadruk ligt op de praktische implementatie van rekenonderwijs in de voorschoolse en vroegschoolse periode, conform de aangegrepen procedures en toetsinstrumenten.
VVE en het Domein Rekenen/Ordenen
In de context van voor- en vroegschoolse educatie (VVE) wordt rekenen/ordenen beschouwd als één van de vier kernontwikkelingsdomeinen. Dit domein is van groot belang, omdat rekenvaardigheden in vroege leeftijd een sterke voorspeller zijn van latere leerprestaties. Het VVE-programma richt zich op het opbouwen van basiscompetenties in rekenen, zoals tellen, herkennen van getallen en eenvoudige ordeningsactiviteiten. Deze activiteiten worden gestructureerd en op een speelse manier aangeboden, zodat jonge kinderen zich op een natuurlijke manier kunnen ontwikkelen.
In de gemeente Enschede wordt de vorderingen op het gebied van rekenen/ordenen vastgelegd via het Cito/LOVS-systeem. Dit is een leerlingenvolgsysteem voor het primair onderwijs, ontwikkeld door het Cito (Instituut voor Toetsontwikkeling). Het Cito/LOVS is een wettelijk aangegrepen methode die wordt gebruikt om de ontwikkeling van kinderen in rekenen te volgen. De toetsingsmomenten zijn vastgelegd in prestatieafspraken die zijn afgeleid van het stedelijk convenant "Effectief benutten van VVE 2014".
De houder van een VVE-arrangement is verplicht om de vorderingen van de kinderen op te volgen en deze op te slaan in het Cito/LOVS. Dit systeem helpt om de rekenontwikkeling van het kind objectief en met regelmaat te meten. Daarnaast dient het houder ook te zorgen voor het gebruik van een kindvolgsysteem dat is afgestemd met de gemeente Enschede. Dit systeem is van toepassing op de sociaal-emotionele en motorische ontwikkeling en dient eveneens te worden gebruikt in combinatie met het Cito/LOVS voor rekenen.
Het VVE-programma moet door gecertificeerde beroepskrachten worden uitgevoerd, en het pedagogisch plan moet duidelijk vastleggen hoe het rekenen/ordenen-domein is ingericht. De houder is verantwoordelijk voor de registratie van de aanwezigheid van de kinderen in de VVE-groepen en voor de registratie van de ingezette beroepskrachten per dagdeel. Hierdoor is er transparantie over de uitvoering van het programma.
Praktijkgerichte Aanpak van Rekenonderwijs in VVE
De praktijkgerichte aanpak van rekenonderwijs in VVE is geïntegreerd in het dagelijkse programma van de kinderopvang en peuterspeelzalen. Aan de hand van de Nadere regels voor VVE-arrangementen in Enschede is vastgelegd dat de houder verantwoordelijk is voor het ontwikkelen van een pedagogisch plan dat aangeeft hoe het VVE-programma in de praktijk wordt uitgevoerd. Dit plan moet duidelijk aangeven hoe de vier ontwikkelingsdomeinen, waaronder rekenen/ordenen, zijn ingericht.
Rekenactiviteiten in de VVE-context zijn meestal geïntegreerd in speelactiviteiten en worden uitgevoerd in een kleurrijke en aantrekkelijke omgeving. Dit helpt bij het betrekken van de kinderen en maakt het leren van rekenkundige basisvaardigheden aantrekkelijk. De frequentie van deelname aan het taal-intensieve aanbod is ook vastgelegd in het pedagogisch plan, wat zorgt voor een consistente aanpak.
In Valkenswaard is het VVE-beleid gericht op het voorkomen van taal- en onderwijsachterstanden bij jonge kinderen. Het beleidsplan van 2020-2021 benadrukt dat rekenen/ordenen een essentieel onderdeel is van de voorschoolse educatie. De gemeente Valkenswaard heeft samen met basisscholen en kinderopvangvoorzieningen een gezamenlijke visie ontwikkeld om de ontwikkeling van kinderen in deze leeftijd te stimuleren. De nadruk ligt op het vroegtijdig opsporen en aanpakken van eventuele achterstanden in rekenen, zodat deze niet verder kunnen uitgroeien tot grotere problemen in het basisonderwijs.
Het VVE-beleid in Valkenswaard is grotendeels geregisseerd in het kader van de wet op de kinderopvang (OKE) en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voor- en vroegschoolse educatie. Deze wetten stellen dat elke gemeente een dekkend aanbod van voorschoolse voorzieningen moet tot stand brengen. De gemeente is verantwoordelijk voor de voorschoolse periode, terwijl de scholen verantwoordelijk zijn voor de vroegschoolse periode. Hierin valt het rekenen/ordenen-domein een cruciale rol toe, omdat het een basiscompetentie is die vroegtijdig moet worden ontwikkeld.
Samenwerking en Ondersteuning in het VVE-beleid
Een essentieel aspect van het VVE-beleid is de samenwerking tussen verschillende actoren, zoals kinderopvangvoorzieningen, basisscholen, gemeenten en de JGZ (Jeugdgezondheidszorg). Deze samenwerking is van belang om een doorgaande ontwikkelingslijn te garanderen voor jonge kinderen. In Valkenswaard is de nadruk op het vroegtijdig opsporen van onderwijstechnische problemen, waaronder rekenachterstanden. Het Actieprogramma Kansrijke Start is een voorbeeld van een initiatief dat gericht is op de ondersteuning van kwetsbare gezinnen en kinderen, waarbij ook rekenonderwijs een rol speelt.
Het Actieprogramma Kansrijke Start richt zich op de voorkoming van problemen in de vroege jeugd, inclusief rekenachterstanden. Hierbij is een goede koppeling tussen het medische en sociale domein essentieel. De JGZ speelt een belangrijke rol in het detecteren van eventuele ontwikkelingsproblemen bij kinderen en in het aanbieden van gerichte ondersteuning. Deze samenwerking helpt om rekenachterstanden vroegtijdig te signaleren en te voorkomen dat ze zich verder ontwikkelen.
In Enschede en Valkenswaard is het gebruik van het Cito/LOVS-systeem een wettelijk aangegrepen methode om rekenachterstanden te detecteren. Deze methode is geïntegreerd in het VVE-beleid en wordt gebruikt als onderdeel van het voortgangsregistratiesysteem. Hierdoor is het mogelijk om de rekenontwikkeling van kinderen te volgen en eventuele problemen op te sporen.
VVE-arrangementen en Financiële Aanpak
De financiële aspecten van VVE-arrangementen zijn eveneens een belangrijk onderdeel van het beleid. In Valkenswaard is het VVE-beleid gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen in de voorschoolse en vroegschoolse periode. Hierbij speelt de financiële ondersteuning een rol, omdat het mogelijk maakt om kinderopvangvoorzieningen en basisscholen te ondersteunen bij het uitvoeren van VVE-activiteiten. Deze ondersteuning is van belang om de kwaliteit van de VVE-arrangementen te waarborgen en om ervoor te zorgen dat jonge kinderen de nodige ondersteuning krijgen in de vroege leeftijd.
In Assen is het VVE-arrangement Ellen een voorbeeld van een innovatieve aanpak van VVE. Hier is de VVE-voorziening gericht op nul-op-de-meter (NOM), een duurzame en energie-efficiënte aanpak. Het VVE-arrangement in Assen is de eerste in het land die financieel is ondersteund via een gebouwgebonden financiering. Deze financiering is van groot belang voor de uitvoering van duurzame VVE-arrangementen en maakt het mogelijk om een landelijke financieringsoplossing te ontwikkelen voor andere VVE-voorzieningen.
De financiering van VVE-arrangementen is geregisseerd in de Subsidieverordening Peuter- en VVE-arrangementen. Deze verordening bepaalt de voorwaarden voor de subsidie van VVE-arrangementen en stelt dat de uitvoering van het VVE-programma moet voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen. Hierbij wordt ook aandacht besteed aan het domein rekenen/ordenen, omdat dit een essentieel onderdeel is van de voorschoolse educatie.
De Rol van het Pedagogisch Plan in VVE
Het pedagogisch plan is een essentieel instrument in de uitvoering van VVE-arrangementen. In de Nadere regels voor VVE-arrangementen in Enschede is vastgelegd dat het pedagogisch plan moet bevatten hoe het VVE-programma door gecertificeerde beroepskrachten wordt uitgevoerd. Dit plan moet ook duidelijk aangeven hoe de vier ontwikkelingsdomeinen, waaronder rekenen/ordenen, zijn ingericht.
Het pedagogisch plan is verder verplicht om vast te leggen met welke frequentie kinderen aan het taal-intensieve aanbod kunnen deelnemen. Deze frequentie is van belang voor de consistentie van de rekenactiviteiten in de VVE-voorzieningen. De houder van het VVE-arrangement is verantwoordelijk voor het opstellen van dit plan en voor het naleven van de wettelijke voorwaarden.
Het pedagogisch plan moet eveneens bevatten hoe de vorderingen van de kinderen op het gebied van rekenen/ordenen worden vastgelegd. In Enschede wordt dit gedaan via het Cito/LOVS-systeem, terwijl in Valkenswaard een vergelijkbare aanpak is ingevoerd. Het gebruik van dit systeem is essentieel voor het opsporen van eventuele rekenachterstanden en voor het meten van de voortgang van de kinderen in dit domein.
De Rol van de Beroepskrachten in VVE
De uitvoering van VVE-arrangementen is afhankelijk van de kwaliteit van de beroepskrachten die betrokken zijn bij het programma. In de Nadere regels voor VVE-arrangementen is vastgelegd dat het VVE-programma door gecertificeerde beroepskrachten moet worden uitgevoerd. Deze beroepskrachten zijn verantwoordelijk voor het ontwikkelen van het pedagogisch plan en voor de dagelijkse uitvoering van het programma.
De beroepskrachten zijn verder verplicht om de aanwezigheid van de kinderen en hun vorderingen op het gebied van rekenen/ordenen te registreren. Dit gebeurt via een aanwezigheidsregistratiesysteem, waarin de dagelijkse aanwezigheid van de kinderen wordt vastgelegd. Dit systeem is essentieel voor het monitoren van de deelname van de kinderen aan het VVE-programma en voor het meten van de voortgang in rekenen.
In Valkenswaard en Enschede is de nadruk op het gebruik van gecertificeerde beroepskrachten groot, omdat dit een garantie is voor de kwaliteit van de VVE-arrangementen. Deze beroepskrachten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het pedagogisch plan en voor de registratie van de vorderingen van de kinderen. Hun rol is essentieel in het stimuleren van de rekenontwikkeling van jonge kinderen.
De Toekomst van VVE en Rekenonderwijs
De toekomst van VVE en rekenonderwijs ligt in de verdere ontwikkeling van innovatieve en duurzame aanpakken. In Assen is het VVE-arrangement Ellen een voorbeeld van een toekomstgerichte aanpak, waarbij nul-op-de-meter wordt gekoppeld aan het VVE-beleid. Deze aanpak maakt het mogelijk om duurzame VVE-voorzieningen te realiseren en te ondersteunen via gebouwgebonden financiering.
De financiering van VVE-arrangementen is van groot belang voor de uitvoering van duurzame en innovatieve aanpakken. In het regeerakkoord is gebouwgebonden financiering opgenomen, wat een belangrijke stap is in de richting van een landelijke financieringsoplossing voor VVE-voorzieningen. Deze financiering maakt het mogelijk om duurzame VVE-arrangementen te realiseren en te ondersteunen via een langdurige en stabiele financiering.
In de toekomst is het van belang om de samenwerking tussen gemeenten, basisscholen, kinderopvangvoorzieningen en JGZ verder te versterken. Deze samenwerking is essentieel voor het vroegtijdig opsporen van rekenachterstanden en voor het bieden van gerichte ondersteuning aan jonge kinderen. Het Actieprogramma Kansrijke Start is een voorbeeld van een initiatief dat gericht is op de ondersteuning van kwetsbare gezinnen en kinderen, waarbij rekenonderwijs een centrale rol speelt.
Conclusie
Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) speelt een essentiële rol in de ontwikkeling van jonge kinderen, met een bijzondere aandacht voor rekenen/ordenen. Het VVE-beleid in Enschede en Valkenswaard benadrukt de noodzaak van een vroegtijdige aanpak van rekenachterstanden en het gebruik van wettelijk aangegrepen toetsinstrumenten zoals het Cito/LOVS. De uitvoering van VVE-arrangementen is afhankelijk van gecertificeerde beroepskrachten, die verantwoordelijk zijn voor het ontwikkelen van het pedagogisch plan en voor de registratie van de vorderingen van de kinderen.
De toekomst van VVE en rekenonderwijs ligt in de verdere ontwikkeling van duurzame en innovatieve aanpakken, zoals de financiering via gebouwgebonden middelen. Deze aanpak maakt het mogelijk om duurzame VVE-voorzieningen te realiseren en te ondersteunen via een langdurige en stabiele financiering. De samenwerking tussen gemeenten, basisscholen, kinderopvangvoorzieningen en JGZ is essentieel voor het vroegtijdig opsporen van rekenachterstanden en voor het bieden van gerichte ondersteuning aan jonge kinderen.