Inleiding
Startblokken is een erkend VVE-programma dat zich richt op de ontwikkeling van kinderen in de peuter- en onderbouw-leeftijd (0 tot 8 jaar). Het programma is opgebouwd om kinderen aan te moedigen tot betekenisvolle spelactiviteiten, die afgestemd zijn op hun interesse, betrokkenheid en ontwikkelingsniveau. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de kernprincipes van Startblokken, de methodiek van het VVE-programma, de training en certificering van trainers, en de rol van het portfolio in de ontwikkelingsgerichte werkwijze.
Het programma is beoordeeld als goed onderbouwd door de NJI Deelcommissie ontwikkelingsstimulering, onderwijsgerelateerd en jeugdwelzijn (2023). Het geeft pedagogisch medewerkers (pm’ers) een kader om het speelgedrag van kinderen te observeren en daarop in te spelen met activiteiten die gericht zijn op de breed mogelijke ontwikkeling van kinderen. Naast de praktijkgerichte toepassing is er ook aandacht voor het professionele ontwikkelingspad van trainers en pm’ers die met Startblokken werken.
Kernprincipes van Startblokken
Startblokken is een spelgeoriënteerd totaalprogramma dat zich richt op de ontwikkeling van jonge kinderen. De benadering is grotendeels gebaseerd op de Vygotskiaanse pedagogiek, waarin het spel als een centraal middel voor leer- en ontwikkelingsprocessen wordt gezien. De kernideeën van het programma zijn gebaseerd op drie principes, de zogenaamde 3B’s:
- Betekenisvolle activiteiten: De activiteiten moeten betekenisvol zijn voor de kinderen en aansluiten bij hun interesse en betrokkenheid.
- Bemiddelende rol van de volwassenen: Pedagogisch medewerkers spelen een bemiddelende rol bij het aanbod en begeleiding van activiteiten.
- Brede ontwikkeling: Het programma stimuleert de ontwikkeling van kinderen op meerdere gebieden, zoals motoriek, taal, sociaal-emotionele vaardigheden en cognitieve vaardigheden.
Het programma is ontworpen voor kinderen van 0 tot 8 jaar, inclusief groep 1 en 2 van de basisschool. Het is een integraal aanpak die niet alleen gericht is op kinderen met VVE-behoefte, maar ook voor alle kinderen in een groep van toepassing is. Dit maakt het geschikt voor een breed spectrum van kinderen en voorziet in een doorgaande lijn naar de basisschool.
De methode houdt rekening met de individuele ontwikkeling van kinderen en stimuleert een observatiegerichte en ontwikkelingsgerichte aanpak. De pm’er leert kinderen te observeren en op hun speelgedrag in te spelen door activiteiten te ontwerpen en uit te voeren die gericht zijn op de ontwikkelingsbehoefte van het kind.
De rol van de trainer en het certificeringsproces
Startblokkentrainers spelen een centrale rol in het implementeren en begeleiden van het Startblokkenprogramma. Ze zijn verantwoordelijk voor het trainen van pm’ers en het begeleiden van hun professionele ontwikkeling via een portfolio. Om gecertificeerd te worden als Startblokkentrainer, volgen cursisten een intensieve training die meerdere fasen omvat.
De training is verdeeld in zes dagen, waarin de volgende thema’s centraal staan:
- Dag 1: Startblokken als een werkplan op basis van een Vygotskiaanse benadering, inclusief historische en conceptuele context.
- Dag 2: Rol van de professional in het aanbod en begeleiding van spelactiviteiten.
- Dagen 3 en 4: Aandacht voor taalontwikkeling en interactie, inclusief beginnende geletterdheid.
- Dagen 5 en 6: Ontwikkelingsgericht trainen en begeleiden van pm’ers.
Naast deze theorie-gerichte dagen is er ook een praktijkcomponent. De cursist werkt aan een eigen logboek en portfolio, waarin hij of zij de activiteiten bijhoudt die zijn uitgevoerd in het kader van Startblokken. De inhoud van het portfolio omvat:
- Een oriëntatietraject
- Een invoeringstraject
- Groepsbezoeken en nagesprekken
Het portfolio dient als een spiegel van de eigen professionele groei van de trainer en wordt gebruikt om de kwaliteit van de training en begeleiding te monitoren. Na afronding van de training en het portfolio is de cursist gecertificeerd en bevoegd om professionals die werken met Startblokken te certificeren.
Bij de training is er ook aandacht voor de eigen ontwikkeling van de trainer. Over de ontwikkeling van de cursist als trainer wordt ook een portfolio opgesteld. Deze aanpak zorgt ervoor dat trainers niet alleen de kennis en vaardigheden van het programma meesterven, maar ook zichzelf reflectief begeleiden in hun professionele groei.
Werkwijze en toepassing in de praktijk
In de praktijk werkt een Startblokkentrainer nauw samen met pedagogisch medewerkers. De trainer helpt pm’ers bij het opbouwen van een Startblokkenportfolio, waarin de kinderen centraal staan. Het portfolio is een instrument voor reflectie en groei, waarin pm’ers hun observaties, activiteiten en leerprocessen van kinderen vastleggen. Het portfolio is niet alleen gericht op de kinderen, maar ook op de eigen professionele ontwikkeling van de pm’er.
De Startblokkenportfolio wordt gebruikt om de kwaliteit van de VVE-aanpak te verbeteren. Het is een dynamisch instrument dat zowel observatie als actie bevat. De pm’er leert kinderen te observeren en daarop in te spelen met activiteiten die gericht zijn op het ontwikkelingsniveau van het kind.
Het programma stelt ook eisen aan de inhoud van de training. Er wordt een uitgebreide literatuurlijst gebruikt, waaronder:
- Basisontwikkeling voor peuters en de onderbouw
- Spullenboek
- Spelen en leren op school
- Startblokken brochure
- Toolkit voor Startblokken trainers
- Artikelen uit Zone, Is it play van B. van Oers, en andere vakbladen
Deze literatuur helpt trainers en pm’ers om de theoretische basis van Startblokken te begrijpen en in de praktijk toe te passen.
Startblokken in vergelijking met andere VVE-programma’s
Startblokken is één van de vier erkende VVE-programma’s die vaak worden gebruikt in de kinderopvang. Andere programma’s zijn Piramide, Uk & Puk, en de VVE-basistraining. Hoewel elk programma een eigen stijl en focus heeft, is er een gemeenschappelijke kern: het stimuleren van de ontwikkeling van jonge kinderen via een observatiegerichte en ontwikkelingsgerichte aanpak.
Startblokken staat uit voor zijn spelgeoriënteerde aanpak en de nadruk op het aanbod van betekenisvolle activiteiten. Het programma is gericht op een breed spectrum van kinderen, niet alleen op VVE-kinderen, en biedt een doorgaande lijn naar de basisschool. Het programma is goed onderbouwd en is erkend als een integrale VVE-aanpak.
Ook de andere programma’s hebben een sterke pedagogische basis en voldoen aan de wettelijke eisen. De keuze voor een specifiek programma hangt af van de doelstellingen van de organisatie, de focus op bepaalde ontwikkelingsgebieden, en de voorkeuren van de pedagogisch medewerkers.
De rol van het portfolio in de ontwikkelingsgerichte werkwijze
Het portfolio is een essentieel onderdeel van de Startblokkenmethodiek. Het dient als een instrument voor reflectie, begeleiding en groei zowel voor de kinderen als voor de professionals die ermee werken. Het portfolio is een verzameling van observaties, activiteiten, nagesprekken en andere documenten die gericht zijn op de ontwikkeling van kinderen.
Het portfolio wordt gebruikt om de kwaliteit van de VVE-aanpak te verbeteren. Het is een dynamisch instrument dat zowel observatie als actie bevat. De pm’er leert kinderen te observeren en daarop in te spelen met activiteiten die gericht zijn op het ontwikkelingsniveau van het kind.
Naast de inhoudelijke input wordt er ook aandacht besteed aan de eigen ontwikkeling van de trainer. Over de ontwikkeling van de cursist als trainer wordt ook een portfolio opgesteld. Deze aanpak zorgt ervoor dat trainers niet alleen de kennis en vaardigheden van het programma meesterven, maar ook zichzelf reflectief begeleiden in hun professionele groei.
Conclusie
Startblokken is een erkend en goed onderbouwd VVE-programma dat zich richt op de ontwikkeling van jonge kinderen via een spelgeoriënteerde aanpak. Het programma is ontworpen voor kinderen van 0 tot 8 jaar en stelt een observatiegerichte en ontwikkelingsgerichte werkwijze centraal. Het programma is niet alleen gericht op kinderen met VVE-behoefte, maar biedt een kader voor alle kinderen in een groep en een doorgaande lijn naar de basisschool.
De training en certificering van trainers is een belangrijk onderdeel van het programma. Trainers spelen een centrale rol in het begeleiden van pm’ers en het implementeren van het programma. De training omvat zowel theorie als praktijk en maakt gebruik van een portfolio om de kwaliteit van de training te monitoren. Het portfolio is ook een essentieel onderdeel van de praktijktoepassing van het programma en wordt gebruikt om de observaties, activiteiten en leerprocessen van kinderen vast te leggen.
Startblokken is een van de vier erkende VVE-programma’s in de kinderopvang. Het programma is goed onderbouwd en biedt een unieke aanpak die zich richt op het aanbod van betekenisvolle activiteiten. Het programma is geschikt voor een breed spectrum van kinderen en biedt een doorgaande lijn naar de basisschool. De keuze voor een specifiek programma hangt af van de doelstellingen van de organisatie, de focus op bepaalde ontwikkelingsgebieden, en de voorkeuren van de pedagogisch medewerkers.