Inleiding
Het inrichten van terrassen in de openbare ruimte is een complexe aangelegenheid die betrekking heeft op wettelijke, praktische en maatschappelijke aspecten. In de regio Opsterland zijn er gedetailleerde beleidsregels opgesteld om het gebruik van openbare ruimte door horeca- en andere ondernemingen te reguleren. Deze beleidskaders zijn van toepassing op zowel permanente als tijdelijke terrassen, waarbij nadruk ligt op het voorkomen van hinder en overlast, maar ook op het stimuleren van het economisch en maatschappelijk welzijn van de gemeenschap. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de juridische en praktische voorwaarden, aandachtspunten bij de locatiekeuze, en de verantwoordelijkheden van ondernemers bij het inrichten van terrassen. Daarnaast wordt ingegaan op de tijdelijke beleidsregels die tijdens crisisperioden, zoals bij de maatregelen die werden genomen in verband met de Corona-pandemie, van toepassing zijn.
Juridische en beleidskaders
Het inrichten van terrassen in de openbare ruimte is juridisch geregeld via het Algemene Plan van Verkeer (APV) en specifieke beleidsregels die door de gemeente worden vastgesteld. In Opsterland is een beleidsregel opgesteld die betrekking heeft op het "hebben en inrichten van terrassen in de openbare ruimte" en deze is van toepassing sinds 2013. Deze regel is opgesteld door het bevoegde gezag, dat voor horeca-terrasSEN de burgemeester is, en voor andere ondernemingen het college van burgemeester en wethouders.
Een terras wordt juridisch gedefinieerd als een buiten de besloten ruimte van een bedrijf liggend gebied of ruimte op of aan de openbare weg waar zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken en of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid en verstrekt. Deze definitie maakt duidelijk dat het inrichten van een terras geen enkel willekeurig gebruik is van openbare ruimte, maar een georganiseerde vorm van ruimte-inzet die regelmatig gecontroleerd moet worden.
De beleidsregels leggen uit dat het gebruik van een terras moet plaatsvinden binnen de reguliere openingstijden van het bijbehorende bedrijf. Dit omvat zowel de wettelijke openingstijden volgens de Winkeltijdenwet, het Activiteitenbesluit of artikel 2:31, lid 2 APV (sluitingstijden horecabedrijven), als eventueel verleende ontheffingen. In de nacht uren (00:00-08:00) mogen terrassen ontruimd worden, behalve op zaterdagen en zondagen, waarbij de sluitingstijd iets lager ligt (01:00-08:00). Deze beperking dient het behoud van nachtrust en rechtszekerheid voor omwonenden en weggebruikers.
Daarnaast zijn ondernemers verplicht te zorgen voor een minimaal niveau van hinder en overlast. Dit betekent dat de ondernemer verantwoordelijk is voor het handhaving van de openbare ruimte en moet ervoor zorgen dat het gebruik van het terras niet leidt tot overlast voor de omgeving. Deze verantwoordelijkheid is niet alleen een wettelijke plicht, maar ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid die de integriteit van de onderneming ondersteunt.
Locatie en afmetingen van terrassen
Bij de keuze van de locatie voor een terras in de openbare ruimte gelden een aantal eisen. Het terras moet in de directe nabijheid van het bedrijf gelegen zijn, meestal voor de gevel. Echter, als er fysieke belemmeringen zijn, zoals bomen, straatmeubilair of een te smal trottoir, kan het terras ook elders worden ingenomen. In dergelijke gevallen moet er een duidelijke relatie zijn tussen het terras en het bijbehorende bedrijf. Dit kan bijvoorbeeld worden bereikt door het aanbrengen van een naam, logo of andere zichtbare kenmerken die het terras kenbaar maken als deel van een bepaalde onderneming.
De locatie van het terras moet zodanig zijn dat de verkeersveiligheid niet in het geding is. Dit betekent dat het terras niet mag worden geplaatst op plekken waar het het vervoer of de voetgangersveiligheid kan verstoren. Daarnaast zijn er bepalingen over de afmetingen van het terras, die afhankelijk zijn van de beschikbare ruimte en de veiligheid. Het doel is om zowel het gebruik van het terras als het gebruik van de openbare weg te waarborgen.
Verantwoordelijkheid van de ondernemer
Een van de kernaspecten van de beleidsregels is de verantwoordelijkheid van de ondernemer. De ondernemer is verplicht te zorgen voor het voorkomen of beperken van hinder en overlast die kunnen ontstaan door het gebruik van het terras. Deze verantwoordelijkheid is niet alleen wettelijk vastgelegd, maar ook een maatschappelijke plicht. De ondernemer moet redelijkerwijs handelen in de situatie en voorzien in maatregelen die de overlast voor de omgeving beperken.
Bij het inrichten van een terras moet de ondernemer een plan indienen bij de gemeente. Dit plan bestaat uit een tekening van de gewenste indeling van het terras en een beschrijving van hoe aan de genoemde criteria wordt voldaan. De gemeente beoordeelt dit plan integraal aan de hand van de relevante criteria in een planoverleg, waarbij verschillende disciplines worden betrokken, zoals vergunningverlening, openbare orde en veiligheid, ruimtelijke ordening en verkeer. Deze multidisciplinaire benadering zorgt ervoor dat alle relevante aspecten van het inrichten van een terras worden meegenomen in de beoordeling.
De ondernemer is verder verplicht om onderbouwing te leveren van het feit dat zijn plan aan de criteria voldoet, en moet ervoor zorgen dat het terras na realisatie blijft voldoen aan deze criteria. Dit betekent dat het inrichten van een terras niet eenmalig is, maar dat er ook een continu proces van bewaking en aanpassing nodig is. De ondernemer moet er dus voor zorgen dat het gebruik van het terras niet leidt tot overlast, maar dat het juist bijdraagt aan het welzijn van de gemeenschap.
Tijdelijke beleidsregels bij crisismaatregelen
Tijdens crisissen, zoals bij de maatregelen die werden genomen in verband met de Corona-pandemie, zijn tijdelijke beleidsregels opgesteld die het inrichten of uitbreiden van terrassen mogelijk maken. Deze tijdelijke beleidsregels zijn bedoeld om horeca-ondernemers in staat te stellen om aan te sluiten bij de maatregelen van de overheid en tegelijkertijd te blijven functioneren binnen de economische realiteiten van de crisis.
De tijdelijke beleidsregel voor het inrichten of uitbreiden van terrassen is van toepassing zolang de landelijk vastgestelde beperkende maatregelen voor horecabedrijven gelden. Deze beleidsregel is geïntroduceerd in mei 2020 en is vervallen in maart 2021. Het doel was om horecabedrijven de mogelijkheid te bieden om hun activiteiten voort te zetten, terwijl ze tegelijkertijd aandacht besteedden aan de maatregelen om de verspreiding van het coronavirus te beperken.
Een belangrijk aspect van deze tijdelijke beleidsregel was dat het inrichten of uitbreiden van het terras een tijdelijk karakter had. Dit betekent dat het terras slechts tijdelijk mocht worden gebruikt en dat er geen permanente veranderingen in de inrichting of uitstraling van het terras mochten worden doorgevoerd. Daarnaast was het tijdelijk inrichten of uitbreiden van het terras slechts mogelijk als het in goed overleg met de directe omgeving was tot stand gekomen. Dit omvatte niet alleen de omwonenden, maar ook aangrenzende bedrijven. Het doel was om een draagvlak te creëren voor de tijdelijke inrichting van het terras, zodat er geen negatieve gevolgen zouden ontstaan voor de omgeving.
Daarnaast was het voorwaardelijk dat er een bewijs van toestemming van de grondeigenaar was. Dit betekent dat het inrichten of uitbreiden van het terras niet zonder toestemming van de grondeigenaar mogelijk was. Deze eis was bedoeld om te voorkomen dat er willekeurig in de openbare ruimte werd ingeingericht, wat zou kunnen leiden tot overlast en conflict.
Het tijdelijk inrichten of uitbreiden van een terras leidde wel tot een strijd met de bestemming van de betreffende grond, zoals die is vastgelegd in het bestemmingsplan, met de APV en met de verstrekte Drank- en horecavergunning. Het bevoegde gezag, in dit geval het college van burgemeester en wethouders, had een beginselplicht tot handhaving. In het geval van overtreding van een wettelijk voorschrift behoorde het bestuursorgaan, dat bevoegd is om handhavend op te treden, dit in beginsel ook te doen, omdat het algemeen belang daarmee is gediend. Echter, in bijzondere omstandigheden kon ervan worden afgeweken. Dit betekent dat de handhaving van wettelijke voorschriften niet altijd strikt toepasbaar was, maar dat er ook rekening moest worden gehouden met de praktische realiteit van de crisis.
Conclusie
Het inrichten van terrassen in de openbare ruimte is een complexe aangelegenheid die betrekking heeft op wettelijke, praktische en maatschappelijke aspecten. In de regio Opsterland zijn er gedetailleerde beleidsregels opgesteld om het gebruik van openbare ruimte door horeca- en andere ondernemingen te reguleren. Deze beleidskaders zijn van toepassing op zowel permanente als tijdelijke terrassen, waarbij nadruk ligt op het voorkomen van hinder en overlast, maar ook op het stimuleren van het economisch en maatschappelijk welzijn van de gemeenschap.
De beleidsregels leggen uit dat het gebruik van een terras moet plaatsvinden binnen de reguliere openingstijden van het bijbehorende bedrijf. Daarnaast zijn ondernemers verplicht te zorgen voor een minimaal niveau van hinder en overlast. De locatie van het terras moet in de directe nabijheid van het bedrijf liggen, meestal voor de gevel, en moet zodanig zijn dat de verkeersveiligheid niet in het geding is. De verantwoordelijkheid van de ondernemer is een kernaspect van de beleidsregels, waarbij de ondernemer verplicht is te zorgen voor het voorkomen of beperken van hinder en overlast die kunnen ontstaan door het gebruik van het terras.
Tijdens crisissen, zoals bij de maatregelen die werden genomen in verband met de Corona-pandemie, zijn tijdelijke beleidsregels opgesteld die het inrichten of uitbreiden van terrassen mogelijk maken. Deze tijdelijke beleidsregels zijn bedoeld om horeca-ondernemers in staat te stellen om aan te sluiten bij de maatregelen van de overheid en tegelijkertijd te blijven functioneren binnen de economische realiteiten van de crisis. De tijdelijke inrichting of uitbreiding van een terras leidde wel tot een strijd met de bestemming van de betreffende grond, zoals die is vastgelegd in het bestemmingsplan, met de APV en met de verstrekte Drank- en horecavergunning.
Het inrichten van een terras in de openbare ruimte is dus geen enkel willekeurig gebruik van openbare ruimte, maar een georganiseerde vorm van ruimte-inzet die regelmatig gecontroleerd moet worden. Het is een verantwoordelijke taak voor de ondernemer om ervoor te zorgen dat het gebruik van het terras niet leidt tot overlast, maar dat het juist bijdraagt aan het welzijn van de gemeenschap.