Laadinfrastructuur in VvE-parkeergarages: Kansen, uitdagingen en praktijkvoorbeelden

Inleiding

In de huidige energietransitie speelt de elektrische auto een steeds grotere rol. Voor eigenaren van appartementen of woningen in een VvE (Vereniging van Eigenaren) is het opladen van een elektrische auto in de gemeenschappelijke parkeergarage een logische keuze. Het biedt comfort, tijdens en vaak een kostenefficiënt alternatief ten opzichte van openbaar laadpunt. Toch blijven er juridische, technische en financiële obstakels op de voorgrond staan. In dit artikel leggen we het landschap van laadinfrastructuur in VvE-parkeergarages uit, op basis van concrete voorbeelden, adviezen en regelgeving die in Nederland van toepassing zijn. We bespreken onder andere de rol van de VvE, de financiering via de RVO, het aanleggen van laadpunten en de brandveiligheid van parkeergarages.

De rol van de VvE in laadinfrastructuur

Collectieve en individuele initiatieven

De VvE staat centraal bij beslissingen over investeringen in gemeenschappelijke infrastructuur, waaronder laadpunten. In sommige gevallen kiest de VvE voor een collectieve aanleg van laadinfrastructuur, waarbij meerdere bewoners tegelijkertijd kunnen opladen. In andere gevallen worden individuele initiatieven genomen, waarbij eigenaren zelf een laadpaal aansluiten op de eigen meterkast, vaak via een zogenaamde loze leiding. Dit laatste is bijvoorbeeld het geval in het project De Tuinen van Genta in Breda, waar een aantal bewoners al een eigen laadpaal heeft aangelegd.

Juridische kaders

Volgens het wetsvoorstel notificatieregeling oplaadpunten VvE’s, is het voor een VvE-leder voldoende om de VvE te notificeren over de intentie om een laadpaal aan te leggen. De VvE mag dan wel voorwaarden stellen, bijvoorbeeld inzake veiligheid en procedure. De kosten voor de aanleg van het laadpunt zijn dan in principe voor rekening van de individuele aanvrager. Dit betekent dat de VvE niet automatisch verantwoordelijk is voor kosten die voortkomen uit het aanleggen van individuele laadpunten.

Financiering en subsidies

De RVO-subsidie en de praktijk

Een van de belangrijkste manieren om de kosten van laadinfrastructuur te verlagen, is via subsidies van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Deze subsidies kunnen aangereikt worden voor het aanleggen van laadpunten, inclusief elektrische infrastructuur. In het voorbeeldproject De Tuinen van Genta werd een subsidie van €100 per parkeerplaats verwacht, wat zou resulteren in een totaalbedrag van €9.000 voor 90 parkeerplaatsen. Uiteindelijk werd deze subsidie echter grotendeels afgewezen, omdat de VvE niet als een woon-VvE werd geaccepteerd, tenzij zij kon aantonen dat de parkeerplekken onlosmakelijk verbonden waren aan woningen. De VvE liet via de splitsingsakte zien dat dit het geval was, maar de subsidie werd toch afgewezen voor 87 van de 90 woningen. Slechts drie appartementen in het oude fabriekspand kregen subsidie toegekend.

Alternatieve financiering

Als subsidies niet toereikend zijn of niet worden verleend, moeten VvE’s andere financieringsmogelijkheden overwegen. Dit kan bestaan uit een gezamenlijke investering door de VvE, waarbij de kosten worden gedeeld onder alle VvE-leden of via een lening. In het geval van De Tuinen van Genta kopte de VvE een andere financieringsroute, waardoor het project toch doorging. Dit benadrukt de noodzaak van een goed financieel advies en een realistische kostenaanbesteding.

Technische aspecten van laadinfrastructuur

Loze leiding en eigen laadpaal

Een loze leiding is een elektrische leiding die aan de woning is aangelegd naar een parkeergarage, waardoor eigenaren van elektrische auto’s hun eigen laadpaal kunnen aansluiten op hun eigen meterkast. Deze oplossing is vooral aantrekkelijk voor VvE’s waar de parkeerplekken dicht bij de woning liggen, zoals bij de zogenaamde spoorwoningen in De Tuinen van Genta. De voordelen zijn duidelijk: comfort, controle over het oplaadproces en vaak lagere kosten ten opzichte van openbaar laadpunt.

Gedeelde laadinfrastructuur

Als de VvE kiest voor een collectieve aanleg van laadinfrastructuur, wordt er een gemeenschappelijke aansluiting gemaakt. Dit betekent dat meerdere laadpunten tegelijkertijd kunnen worden aangesloten en dat het systeem als geheel aan alle normen en eisen moet voldoen. Voordelen hiervan zijn het gebruikmaken van de beschikbare stroomcapaciteit op efficiënte wijze en het mogelijk maken van slimme verdeling van de stroom. Zo kan de stroom eerst worden gebruikt voor essentiële functies van het gebouw, zoals verlichting en lift, en de rest benut worden voor het opladen van elektrische voertuigen.

Brandveiligheid en veiligheid in parkeergarages

Regelgeving vanaf 1 juli 2023

Vanaf 1 juli 2023 geldt in Nederland een aanvullende regelgeving voor het veilig plaatsen van laadpunten in parkeergarages. Deze regelgeving legt onder andere vast dat het mogelijk moet zijn om alle laadpunten tegelijk af te schakelen en dat dit duidelijk moet worden aangegeven bij de ingang van de garage. Daarnaast is het belangrijk dat laadpunten zijn uitgerust met automatische afsluitmechanismen in geval van een technisch defect tijdens het opladen van een auto.

Brandrisico’s en quickscan

Hoewel er in Nederland tot op heden nog geen geval is geweest van een brand veroorzaakt door een elektrische auto in een parkeergarage, is het belangrijk om voorzichtig te zijn. De brandveiligheid van parkeergarages kan worden beoordeeld via een quickscan. Deze quickscan wordt aangeraden uitgevoerd te worden door partijen zoals Stravea of Adviescentrum Brandveilig Wonen. Het doel van de quickscan is om mogelijke verbeterpunten op te sporen en een verbeterplan op te stellen.

Veiligheidsscan als alternatief

Als er twijfels zijn over de integrale (brand)veiligheid van een parkeergarage binnen een VvE, wordt aanbevolen om een (brand)veiligheidsscan uit te voeren. Dit kan leiden tot het ontwikkelen van een verbeterplan of het wegnemen van zorgen over de veiligheid van het pand. Het is een aanbevolen maatregel, vooral in VvE’s waar de parkeergarage oud is of waar er twijfel is over de huidige veiligheid.

Praktijkvoorbeelden en adviezen

De Tuinen van Genta: Een casus

Het project De Tuinen van Genta in Breda biedt een uitgebreid voorbeeld van de praktische uitdagingen bij het aanleggen van laadinfrastructuur in een VvE-parkeergarage. De VvE besloot om collectief laadinfrastructuur aan te leggen, maar de subsidieaanvraag bij de RVO werd voor de meeste woningen afgewezen. De VvE kopte een alternatieve financiering, waardoor het project toch doorging. Het voorbeeld laat zien dat subsidies niet altijd betrouwbaar zijn en dat VvE’s een realistische financiering moeten opstellen. Bovendien benadrukt het voorbeeld de belangrijkheid van een duidelijke splitsingsakte en juridische advies bij het aanleggen van laadinfrastructuur.

De rol van adviesorganisaties

Organisaties zoals VVE Laadloket en VvE Metea spelen een belangrijke rol bij het adviseren van VvE’s over de aanleg van laadinfrastructuur. Zij kunnen onder andere helpen bij het opstellen van een subsidieaanvraag, het verzamelen van juridische documenten en het beoordelen van de veiligheid van de parkeergarage. Deze partijen zijn vaak betrokken bij het opzetten van een adviestraject, wat essentieel is om de juridische, technische en financiële aspecten goed te begrijpen.

Keuze voor wallboxen

In VvE’s waar de parkeergarage krap is, wordt vaak gekozen voor wallboxen, een soort laadpaal die weinig ruimte inneemt en gemakkelijk in een parkeergarage kan worden geïnstalleerd. Deze oplossing is vooral geschikt voor VvE’s die niet veel ruimte hebben en waar bewoners gezamenlijk besluiten om laadpunten aan te leggen. De keuze voor wallboxen laat zien dat het niet altijd nodig is om grote infrastructuurprojecten te starten om laadinfrastructuur aan te leggen.

Conclusie

Laadinfrastructuur in VvE-parkeergarages is een essentieel onderdeel van de toekomstige mobiliteit in stedelijke en voorstedelijke gebieden. Het biedt bewoners van appartementen en woningen de mogelijkheid om hun elektrische auto comfortabel en efficiënt op te laden, zonder afhankelijk te zijn van openbare laadpunten. Toch blijven er uitdagingen, zowel op juridisch, technisch als financieel vlak. Subsidies van de RVO zijn een belangrijke bron van financiering, maar niet altijd betrouwbaar. Daarom is het belangrijk dat VvE’s goed advies zoeken en realistische financieringsplannen opstellen. Bovendien is veiligheid – vooral brandveiligheid – een essentieel aspect dat niet onderbelicht mag worden. Door samen te werken met adviesorganisaties en door gebruik te maken van technisch betrouwbare oplossingen zoals wallboxen en loze leidingen, kunnen VvE’s een duurzame en veilige laadinfrastructuur realiseren.

Bronnen

  1. VVE Laadloket – Klantcase
  2. Mennekes – Laadoplossingen voor VvE
  3. VVE Metea – Laadpalen in parkeergarages
  4. EVrijders.nl – Alles over laden en VvE

Related Posts