Voor iedere vereniging van eigenaren (VvE) is het jaarlijks maken van een inkomstenbelastingaangifte een verplichte activiteit. Het vermogen van de VvE speelt een belangrijke rol in deze aangifte, omdat het aandeel van elk lid in het VvE-vermogen een belastbaar onderdeel kan zijn. Het begrijpen van hoe dit aandeel bepaald wordt, hoe het belastingrechtelijk behandeld wordt, en wat de praktische gevolgen zijn voor eigenaren is essentieel. Dit artikel biedt een overzicht van de juridische en fiscale aspecten van het VvE-vermogen, met nadruk op hoe dit vermogen wordt ingevuld in de aangifte inkomstenbelasting.
Wat is het vermogen van een VvE?
De vereniging van eigenaren (VvE) is een juridische entiteit die verantwoordelijk is voor het gemeenschappelijke goed, zoals de gevels, de gemeenschappelijke ruimtes, en de infrastructuur van het appartementsgebouw. De VvE moet jaarlijks een reservefonds aanleggen om eventuele onderhouds- en herstelkosten in de toekomst te kunnen dekken. Dit reservefonds wordt gezien als een soort spaargeld dat tot het vermogen van de VvE behoort.
Het vermogen van de VvE bestaat dus onder andere uit dit reservefonds, eventuele leningen, en de waarde van gemeenschappelijke bezittingen. Hoewel het vermogen formeel van de VvE is, wordt ieder lid van de VvE rechtstreeks betrokken bij dit vermogen via zijn aandeel. Dit aandeel wordt bepaald op basis van het breukdeel van de respectievelijke appartementen, zoals vastgelegd in de splitsingsakte en het splitsingsreglement van de VvE.
Het aandeel van VvE-vermogen in de belastingaangifte
In de context van de inkomstenbelastingaangifte, wordt het aandeel van de VvE in het vermogen gezien als een soort “spaartegoed” of “overige bezittingen”. Dit aandeel moet, indien van toepassing, opgenomen worden in Box 3 van de aangifte inkomstenbelasting. Box 3 is bedoeld voor vermogensbeleggingen, zoals spaargeld, beleggingen, en andere vormen van vermogen die geen inkomensbron zijn.
Het aandeel in het VvE-vermogen is dus geen inkomst, maar wordt wel als een vermogensobject gezien dat belast kan worden. De belastingdienst heeft daarbij een heffingsvrij vermogen vastgesteld. Voor 2023 is dit heffingsvrije vermogen voor één persoon €57.000 en voor een koppel €114.000. Als het totale vermogen, inclusief het aandeel in de VvE, boven deze grens ligt, wordt het overschot belast.
Voorbeeld: Berekening van het aandeel in het VvE-vermogen
Stel dat een VvE een totaal vermogen heeft van €300.000 en dat er 20 leden zijn met elk een gelijk aandeel. In dat geval heeft elk lid een aandeel van €15.000. Aangezien dit bedrag onder de heffingsvrije grens van €57.000 valt, wordt er geen belasting over betaald.
Als het vermogen van de VvE echter hoger is, bijvoorbeeld €300.000 en het aandeel van een lid is €15.000, terwijl het totale vermogen van de eigenaar boven de heffingsvrije grens ligt, dan kan er belasting ontstaan. In een voorbeeld uit de bronnen wordt uitgelegd dat bij een vermogen van €116.000 boven de heffingsvrije grens een belastingbedrag van €1.296 kan ontstaan. Dit is 32% van €4.050,42.
Hoewel het aandeel in het VvE-vermogen als vermogensobject belast kan worden, blijft het percentage belasting lager dan 1% in de meeste gevallen. Dit is vooral het geval wanneer het aandeel klein is ten opzichte van het totale vermogen van de eigenaar.
Belastingplan 2024 en de verandering in de belastingtakting
Een belangrijke verandering die invloed kan hebben op de belastingtakting van het VvE-vermogen werd voorgesteld in het Belastingplan 2024. In dit plan wordt het aandeel in het VvE-vermogen niet meer behandeld als “overige bezittingen”, maar als “spaartegoeden”. Dit heeft gevolgen voor de berekening van de belastingtakting.
In het Belastingplan 2024 wordt het rendementspercentage verlaagd van 6,17% naar 0,1%. Dit betekent dat de belasting die over het aandeel in het VvE-vermogen moet worden betaald, aanzienlijk lager uitvalt. Indien de Eerste Kamer het plan goedkeurt, wordt deze wijziging met terugwerkende kracht van toepassing tot en met januari 2023. Dit heeft directe gevolgen voor de aangifte inkomstenbelasting 2023.
Praktische gevolgen van het Belastingplan 2024
Voor eigenaren met een aandeel in het VvE-vermogen betekent dit dat het belastingschuld minder kan zijn dan verwacht. In het voorbeeld uit de bron wordt uitgelegd dat het aandeel in het VvE-vermogen onder het heffingsvrije vermogen valt, waardoor geen belasting wordt betaald. In combinatie met het nieuwe rendementspercentage wordt de belastingtakting verder verlaagd.
Het Belastingplan 2024 biedt dus een kans voor VvE-leden om hun belastingtakting te verlagen. Het is echter belangrijk om te weten dat de Eerste Kamer nog over het plan moet stemmen. Totdat dit is gebeurd, blijft het huidige rendementspercentage van 6,17% van toepassing.
Hoe bepaal je je aandeel in het VvE-vermogen?
Het aandeel in het VvE-vermogen wordt bepaald op basis van het breukdeel van het appartement. Dit breukdeel is vastgelegd in de splitsingsakte van de VvE. De splitsingsakte bepaalt hoeveel ieder lid draagt aan de gemeenschappelijke kosten, en daarmee ook hoeveel vermogen het appartementsrecht “bezit”.
Het VvE-bestuur of de beheerder is verplicht om jaarlijks inzage te geven in de financiële stukken van de VvE. In deze stukken is te zien hoeveel vermogen de VvE heeft. Op basis van deze gegevens kan elk lid zijn aandeel in het VvE-vermogen berekenen. Als dit niet lukt, is het aan te raden om contact op te nemen met het bestuur of de beheerder om duidelijkheid te krijgen over het aandeel.
Let op: het aandeel in het VvE-vermogen dat voor de belastingaangifte ingevuld moet worden, is het vermogen op 1 januari van het jaar waarover de aangifte gedaan wordt. Voor de aangifte inkomstenbelasting 2023 is dit het vermogen op 1 januari 2023, wat gelijk is aan het vermogen op 31 december 2022.
Belastingaangifte: Wat moet je invullen?
De belastingaangifte vereist het invullen van een aantal gegevens. Hieronder zijn de belangrijkste punten opgenomen:
- Inkomsten: inclusief salaris, pensioen, uitkeringen, en eventuele extra inkomsten.
- Woningwaarde: de WOZ-waarde van de eigen woning.
- Aftrekposten: zoals hypotheekrente, zorgkosten, en andere toegelaten aftrekposten.
- Bezittingen: onder andere spaargeld, beleggingen, en het aandeel in het VvE-vermogen.
Het aandeel in het VvE-vermogen moet daarom correct worden ingevuld in Box 3. Het is belangrijk om hierbij het juiste bedrag op te geven, namelijk het aandeel in het vermogen van de VvE per 1 januari van het betreffende jaar.
Aandachtspunten bij het invullen
Bij het invullen van het aandeel in het VvE-vermogen zijn er een aantal belangrijke aandachtspunten:
- Spaargeld van de VvE: het bedrag spaargeld dat de VvE heeft, is niet van belang voor de belastingaangifte.
- Schuld aan de VvE: als je schuld hebt aan de VvE, bijvoorbeeld door achterstallige bijdragen, dan kan dit bedrag worden afgerekend tegen het aandeel in het VvE-vermogen.
- Vooruitbetaalde bijdrage: als je de eigenaarsbijdrage vooruit hebt betaald, moet dit bedrag worden meegenomen in de berekening van je aandeel in het VvE-vermogen.
Het is daarom aan te raden om de financiële stukken van de VvE goed te bestuderen. In het geval van twijfel is het verstandig om contact op te nemen met de beheerder of het bestuur van de VvE voor duidelijkheid.
Belastingaangifte en het VvE-vermogen in de praktijk
In de praktijk betekent het aangifte van het aandeel in het VvE-vermogen dat eigenaren het vermogen van de VvE moeten berekenen en dit aandeel correct moeten opnemen in Box 3 van hun aangifte. In de meeste gevallen valt het aandeel onder de heffingsvrije grens, zodat geen belasting over dit vermogen hoeft te worden betaald. Dit is vooral het geval voor eigenaren met een klein aandeel in het VvE-vermogen.
Een voorbeeld uit de bronnen laat zien dat bij een VvE-vermogen van €300.000 en 20 leden, het aandeel van elk lid €15.000 is. Aangezien het heffingsvrije vermogen €57.000 bedraagt, is het aandeel van elk lid ruim onder deze grens. Daarom hoeft er geen belasting over betaald te worden.
In gevallen waarin het aandeel in het VvE-vermogen boven de heffingsvrije grens ligt, kan er wel belasting ontstaan. De belasting wordt berekend op basis van het overschot boven de heffingsvrije grens en het rendementspercentage. In het Belastingplan 2024 wordt dit rendementspercentage verlaagd, wat tot een lager belastingschuld kan leiden.
Conclusie
Het aandeel in het VvE-vermogen speelt een belangrijke rol in de inkomstenbelastingaangifte. Hoewel het vermogen van de VvE formeel niet van de individuele eigenaar is, wordt het aandeel van elk lid gezien als een vermogensobject dat belast kan worden. Het is belangrijk om dit aandeel correct te berekenen en in de belastingaangifte op te nemen.
In de meeste gevallen valt het aandeel in het VvE-vermogen onder de heffingsvrije grens, zodat geen belasting over betaald hoeft te worden. In combinatie met de veranderingen in het Belastingplan 2024 kan dit leiden tot een verlaging van de belastingschuld.
Voor VvE-leden is het daarom van belang om goed te begrijpen hoe het aandeel in het VvE-vermogen bepaald wordt, hoe het belastingrechtelijk behandeld wordt, en wat de praktische gevolgen zijn. Door dit te doen, kunnen eigenaren ervoor zorgen dat hun belastingaangifte accuraat en voldoende is ingevuld.