Het ontwerp en realisatie van een parkeergarage in woning- en woningbouwprojecten

Inleiding

Het ontwerpen en realiseren van een parkeergarage is een essentieel onderdeel van elke woning- of woningbouwontwikkeling. Zowel vanuit juridisch, technisch als functioneel oogpunt zijn bepaalde normen en richtlijnen van toepassing. In dit artikel worden de belangrijkste aandachtspunten besproken die betrekking hebben op het inrichten van een parkeergarage. De nadruk ligt op de wettelijke verplichtingen, technische uitvoering, en de rol van de NEN 2443-richtlijn. Ook wordt ingegaan op alternatieve oplossingen waar het aanleggen van parkeerplaatsen op eigen terrein niet mogelijk is, met een korte blik op financiële en maatschappelijke overwegingen.

Wettelijke kaders en normen voor parkeerplaatsen

Het aanleggen van parkeerplaatsen is in Nederland bepaald door een reeks beleidsregels en normen die ervoor zorgen dat er voldoende parkeercapaciteit is voor zowel inwoners als bezoekers van een woning- of woningbouwproject. De centrale uitgangspunten zijn dat de verantwoordelijke partij, bijvoorbeeld een bouwprojectontwikkelaar of projectaanvrager, alles moet doen om de benodigde parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren. Dit geldt in de meeste gevallen, met uitzondering van centrum- en binnenstadprojecten, waar ruimtelijke beperkingen vaak het aanleggen van een parkeergarage op eigen terrein onmogelijk maken.

De verplichting om parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren

Het uitgangspunt is duidelijk: een projectaanvrager moet zoveel mogelijk parkeerplaatsen op eigen terrein aanleggen. Dit betekent dat een parkeergarage, parkeerterrein of parkeerplaatsen onder, op of in het ontwikkelde gebied moeten worden gerealiseerd. Deze verplichting geldt bijvoorbeeld bij nieuwbouwprojecten, maar niet altijd bij functieveranderingen in de binnenstad. In dergelijke gevallen kan het aanleggen van parkeerplaatsen op eigen terrein om ruimtelijke of bouwtechnische redenen niet haalbaar zijn.

Wanneer de aanleg van parkeerplaatsen op eigen terrein niet mogelijk is, moet de aanvrager dit aantonen in de omgevingsvergunningaanvraag. Daartoe moet hij kunnen bewijzen dat het aanleggen van de benodigde parkeerplaatsen ruimtelijk, bouwtechnisch of verkeerstechnisch niet mogelijk is. Dit is een essentieel juridisch aspect dat vaak wordt gecombineerd met verkeerskundig advies.

Parkeerplaatsen op eigen terrein: definities en praktijkproblemen

Een parkeerplaats op eigen terrein kan gerealiseerd worden als onderdeel van een woning, bijvoorbeeld in de vorm van een garage of oprit. Echter, in de praktijk blijkt dat garages vaak niet worden gebruikt voor het stallen van auto’s, maar als opslagruimte. Dit heeft gevolgen voor de parkeeroverlast in de openbare ruimte, aangezien de bezetting van parkeerplaatsen op eigen terrein lager is dan die van openbare parkeerplaatsen.

Bovendien geldt dat het realiseren van één enkele parkeerplaats op eigen terrein niet is toegestaan indien dit ten koste gaat van een parkeerplaats in de openbare ruimte. Dit is een belangrijk juridisch principe dat de verdeling van parkeercapaciteit tussen particulier en openbaar bepaalt.

Een oprit naar een garage die voldoet aan de afmetingen van een parkeerplaats wordt gezien als een parkeerplaats op eigen terrein. Deze oprit moet dan ook voldoen aan de functionele eisen van de NEN 2443-norm, die verder besproken wordt in deze tekst.

NEN 2443:2013 – de richtlijn voor het ontwerpen van parkeervoorzieningen

De NEN 2443-richtlijn, ontwikkeld door het Koninklijk Nederlands Normalisatie Instituut (NEN), is een essentieel instrument bij het ontwerp van parkeergarages en parkeerterreinen. Deze norm bevat functionele en prestatie-eisen voor drie typen parkeervoorzieningen: openbare parkeergarages, niet-openbare parkeergarages en stallinggarages. De richtlijn is ontworpen om zowel gebruikers als ontwerpers te ondersteunen bij het realiseren van parkeervoorzieningen die functioneel, veilig en toegankelijk zijn.

Functie van NEN 2443

De NEN 2443-richtlijn is geen verplichte norm in de zin van een wettelijke verplichting, maar het wordt vaak gebruikt als een kwaliteitsnorm in de parkeersector. Het document bevat richtsnoeren voor het ontwerpen van parkeervoorzieningen die niet alleen voldoen aan de technische eisen, maar ook optimaal bruikbaar zijn voor de toekomstige gebruikers.

Hoewel de richtlijn niet wettelijk bindend is, is ze in de praktijk vaak van toepassing, aangezien verkeerskundige autoriteiten en gemeenten vaak verwachten dat een parkeergarage minimaal voldoet aan de eisen van de NEN 2443. Daarnaast speelt verkeerskundig advies een cruciale rol bij de interpretatie en toepassing van deze richtlijn.

Technische eisen en uitvoering

De richtlijn legt uit hoe een parkeergarage moet worden gelegen in relatie tot de openbare weg, hoe de in- en uitritten moeten worden aangelegd, en hoe de parkeerplaatsen zelf moeten worden ontworpen. Zo worden afmetingen van parkeerplaatsen, de hoogte van parkeergarages, de toegankelijkheid voor fietsen en voetgangers en het gebruik van oplaadfaciliteiten voor elektrische voertuigen besproken.

Bij de uitvoering van een parkeergarage is het belangrijk om rekening te houden met de beoogde gebruikersgroepen. De eisen van NEN 2443 zijn daarom afgestemd op de behoeften van zowel inwoners (residentiële parkeerplaatsen) als bezoekers (parkeerplaatsen voor bezoekers en winkelbezoekers).

Het belang van verkeerskundig advies

Hoewel de NEN 2443-richtlijn een duidelijke basis biedt voor het ontwerp van parkeervoorzieningen, is verkeerskundig advies onmisbaar. Deze adviezen helpen om de richtlijn op te zetten in een concreet ontwerp en te verifiëren of de parkeergarage in het praktische gebruik voldoet aan de eisen.

Het gebruik van verkeerskundig advies is vooral belangrijk bij complexe projecten, zoals functieveranderingen of nieuwbouw in stedelijke gebieden, waarbij de interactie tussen het project en de omgevende parkeerinfrastructuur cruciaal is.

Alternatieve parkeerlocaties en het zoeken naar oplossingen

Wanneer het aanleggen van parkeerplaatsen op eigen terrein niet mogelijk is, is het zoeken naar alternatieve parkeerlocaties een logische stap. Deze alternatieven kunnen liggen op loopafstand van het project en moeten worden aangeduid in de omgevingsvergunningaanvraag.

Het zoeken naar alternatieve parkeerlocaties

Als de aanvrager niet in staat is om de benodigde parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren, moet hij eerst naar alternatieve parkeerlocaties op loopafstand zoeken. Deze parkeerlocaties kunnen bijvoorbeeld buurtstallingen, privéstallingen of openbare parkeergarages zijn. Deze oplossingen zijn vooral relevant bij functieveranderingen, zoals het omzetten van commerciële ruimtes naar woningen. Bij nieuwbouwprojecten is het meestal niet mogelijk om gebruik te maken van bestaande parkeerlocaties vanwege het ontbreken van vrije ruimte.

Het gebruik van alternatieve parkeerlocaties hangt af van de beschikbaarheid en de duurzaamheid van de parkeervoorziening. De aanvrager moet kunnen aantonen dat de parkeervoorziening minstens vijf jaar beschikbaar zal zijn, bijvoorbeeld door middel van een huurovereenkomst of een koopovereenkomst. Dit zorgt voor zekerheid in de toekomstige beschikbaarheid van de parkeerplaatsen.

Bezoekersparkeren en openbare parkeergarages

In stedelijke gebieden is het bezoekersparkeren vaak het enige optredende parkeerprobleem, aangezien het parkeerbehoeften van werknemers en inwoners vaak al op eigen terrein zijn afgewikkeld. In gereguleerde gebieden is het echter vaak niet mogelijk voor toekomstige huurders of werknemers om parkeervergunningen of abonnementen op openbare parkeergarages te krijgen. Dit betekent dat bezoekersparkeren op straat of in openbare parkeergarages de enige optie is, mits de parkeerdruk dit toelaat.

Het gebruik van openbare parkeergarages kan een efficiënte oplossing bieden, zolang de parkeerplaatsen voldoen aan de functionele eisen en toegankelijk zijn voor bezoekers. Het is belangrijk dat deze parkeerplaatsen altijd onbelemmerd toegankelijk zijn en dat ze niet al zijn toegewezen aan andere projecten of gebruikersgroepen.

Financiële en maatschappelijke overwegingen

Het inrichten van een parkeergarage is niet alleen een kwestie van technische en juridische aandachtspunten, maar ook van financiële haalbaarheid en maatschappelijke relevantie. In stedelijke omgevingen is het vaak kostbaar om een gecontroleerde en veilige parkeervoorziening te realiseren. Daarom worden steeds meer projectontwikkelaars aangemoedigd om te zoeken naar innovatieve en duurzame oplossingen.

Het rendement van parkeergarages

Een groot deel van de parkeergarages in Nederland is volgens bronnen niet rendabel. Dit komt onder andere doordat de stichtingskosten hoog zijn en het niet mogelijk is om voor alle gebruikers dezelfde parkeertarieven te hanteren. Bijvoorbeeld deelauto’s kunnen niet hetzelfde tarief betalen als bezoekers, terwijl de beheer- en onderhoudskosten van de fysieke ruimte gelijk zijn.

Een mogelijke oplossing voor het financiële probleem is het inrichten van een mobiliteitshub. Dit is een multifunctionele ruimte waarin zowel parkeerfaciliteiten als andere diensten worden aangeboden. Denk bijvoorbeeld aan vergaderruimtes, fitnessstudio’s, winkels en oplaadpunten voor elektrische voertuigen. Deze mix van functies maakt investeringen haalbaar en helpt bij het verdisconteren van de stichtingskosten in een gebieds- of grondexploitatie.

Structuurverandering en maatschappelijke argumenten

Het ontwikkelen van parkeervoorzieningen die niet alleen financieel haalbaar zijn, maar ook bijdragen aan de leefbaarheid van een gebied, is een maatschappelijke doelstelling. Door het mengen van functies en het toewerkken aan langere termijninvesteringen in de infrastructuur, kan het verkeer in een wijk op een duurzame manier worden beheerst.

Daarnaast is het gebruik van parkeergarages als onderdeel van een bredere mobiliteitsstrategie een kans om het aantal auto’s in een wijk te verminderen en alternatieve vervoersvormen te bevorderen. Dit kan leiden tot een lagere verkeersdruk en een betere leefomgeving voor inwoners.

Conclusie

Het inrichten van een parkeergarage in een woning- of woningbouwproject is een complexe en multidisciplinaire opdracht die aandacht vraagt voor juridische, technische, financiële en maatschappelijke aspecten. Het uitgangspunt is dat de benodigde parkeerplaatsen op eigen terrein moeten worden aangelegd, maar in stedelijke gebieden is dit vaak niet mogelijk. In dergelijke gevallen moet de aanvrager alternatieve parkeerlocaties op loopafstand zoeken, of het gebruik van openbare parkeergarages in overweging nemen.

De NEN 2443-richtlijn speelt een belangrijke rol bij het ontwerp van parkeervoorzieningen en biedt een basis voor functionele en gebruikersgerichte ontwerpen. Verkeerskundig advies is essentieel bij de interpretatie van deze richtlijn en bij het verifiëren van het functioneel gebruik van de parkeergarage.

Ook financiële en maatschappelijke overwegingen zijn belangrijk. Het inrichten van een parkeergarage kan onderdeel worden van een bredere mobiliteitsstrategie, waarbij multifunctionale ruimtes een rol spelen. Deze strategieën kunnen helpen bij het verlagen van de parkeerdruk en het verbeteren van de leefbaarheid van een gebied.

Het is duidelijk dat een goed doordachte parkeerstrategie niet alleen technisch en juridisch correct moet zijn, maar ook functioneel, duurzaam en maatschappelijk verantwoord. Het combineren van deze aspecten is essentieel voor de realisatie van een parkeergarage die zowel gebruikers als omgeving tientallen jaren zal dienen.

Bronnen

  1. Lokale regelgeving: Stap b: voorzien parkeeraanbod op eigen terrein
  2. NEN 2443:2013: richtlijn voor ontwerpen parkeervoorzieningen
  3. Succesvolle mobiliteitshub met de juiste inzet van parkeren
  4. Lokale regelgeving: Uitgangspunt van de parkeerregels

Related Posts