Wajong-uitkering en geldlening voor woninginrichting in de gemeente Arnhem

In de woningbouwsector zijn er diverse regelingen en financieringsmogelijkheden voorzien om kwetsbare groepen bij te staan bij het betrekken van een eigen of gehuurde woonruimte. In het kader van bijzondere bijstand worden leningen verstrekt voor inrichtingskosten, waaronder duurzame gebruiksgoederen. Voor personen die onder de Wet Arbeidsongeschiktheidsuitkering (Wajong) vallen, zijn er bepaalde voorwaarden en regels voor toegang tot deze financiering. Deze regelingen zijn van toepassing op de gemeente Arnhem, waar de beoordeling en uitkering van bijzondere bijstand door het college van burgemeester en wethouders plaatsvindt.

In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de juridische en praktische regels die van toepassing zijn op wajong-uitkerenden die een geldlening aanvragen voor woninginrichting. Hierbij wordt aandacht besteed aan de voorwaarden voor toegang tot de lening, de financieringsvormen, verantwoordingseisen en eventuele uitzonderingen. De informatie is gebaseerd op de relevante lokale regelgeving en bepalingen van de gemeente Arnhem, zoals verwerkt in de bronnen.

Juridische kaders en bepalingen

De financiering van inrichtingskosten voor kwetsbare groepen, waaronder wajong-uitkerenden, valt onder het concept van bijzondere bijstand. Deze regeling is onderdeel van de bredere regels rondom duurzame gebruiksgoederen, zoals gedefinieerd in de gemeentelijke regelgeving. In dit kader zijn leningen verstrekt voor de aanschaf van meubilair, keukens, badkamers en andere noodzakelijke voorzieningen die essentieel zijn bij het betrekken van een zelfstandige woning.

Een belangrijke voorwaarde voor het verstrekken van deze leningen is de reserveringscapaciteit van de belanghebbende. Dit betreft de vermogensreservering die iemand op basis van zijn inkomen zou moeten kunnen maken. Voor personen die in aanmerking komen voor de wajong-uitkering, die vaak uitgekeerd wordt aan personen die tijdelijk of permanent arbeidsongeschikt zijn, is vaak sprake van een beperkte of niet-bestaande reserveringscapaciteit. Dit heeft invloed op de toegang tot bijzondere bijstand en de financieringsvormen die voor deze groepen beschikbaar zijn.

Wajong-uitkerenden en inrichtingskosten

Voor wajong-uitkerenden die een zelfstandige woonruimte betrekken, is het niet gebruikelijk om automatisch aanspraak te maken op een lening voor inrichtingskosten. In principe wordt ervan uitgegaan dat de eerste inrichting van een woning volledig op eigen kosten moet komen. Dit geldt ook voor personen die vanuit een studentenflat of -kamer verhuizen. Echter, bepaalde uitzonderingen zijn mogelijk als het om noodzakelijk uitwonende personen gaat.

Een noodzakelijk uitwonende persoon is iemand die verplicht is om te verhuizen naar een zelfstandige woonruimte, bijvoorbeeld vanwege een scheiding, verlating of andere sociale omstandigheden, en die niet in staat is om voor te reserveren voor de inrichting van de nieuwe woonruimte. Voor deze personen kan bijzondere bijstand in de vorm van een lening worden verstrekt.

De financiering in de vorm van een geldlening die in aanmerking komt voor kwijtschelding is dan toegestaan. Dit betekent dat, als het bedrag daadwerkelijk wordt besteed aan inrichtingskosten en voldoende bewijsstukken worden aangeleverd, de lening volledig of gedeeltelijk van de verplichte terugbetaling kan worden verlost.

Aanvullende financieringsvoorwaarden

De financiering van inrichtingskosten voor wajong-uitkerenden in Arnhem is aanvullend op eventuele andere financieringsmogelijkheden. Dit wil zeggen dat de lening voor inrichtingskosten alleen kan worden verstrekt in combinatie met een lening van de kredietbank of een andere voorliggende financieringsvorm. Deze regel is bedoeld om ervoor te zorgen dat de financiering niet misbruikt wordt, maar alleen dient ter ondersteuning van een essentieel woonproces.

Een voorbeeld van een dergelijke combinatie is het gebruik van een kredietbanklening voor het betalen van de huur of de aankoop van een woning, waarbij een aanvullende lening wordt verstrekt voor de inrichting. De financiering van de inrichting wordt dan als een afzonderlijke voorziening gezien, maar onder de voorwaarde dat er al een voorkomend krediet is voor het woningonderdeel.

Uitzonderingen en specifieke situaties

Er zijn enkele situaties waarin de financiering van inrichtingskosten voor wajong-uitkerenden onder bepaalde voorwaarden toegestaan is, zelfs als sprake is van een eerste inrichting. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een echtscheiding of verlating, waarbij het verlies van een deel van de inboedel als een reëel verlies wordt beschouwd.

In dergelijke gevallen wordt uitgegaan van een halve inboedel of de waarde daarvan. Dit betekent dat de financiering wordt berekend op maximaal de helft van de richtprijs voor een volledige inrichting. In het geval van woningstoffering, zoals het aanschaffen van kleding of andere persoonlijke voorzieningen, is het normbedrag volledig vergoedbaar.

Een ander voorbeeld is de financiering na een verhuizing vanuit een justitiële inrichting, zoals een gevangenis of een herstel- en opvoedcentrum. Ook hier is sprake van een beperkte of geen reserveringscapaciteit, waardoor de financiering in de vorm van een lening mogelijk is.

Verantwoording en controle

Het verstrekken van een lening voor inrichtingskosten gaat gepaard met verplichtingen inzake verantwoording en controle. Belanghebbenden zijn verplicht om bewijsstukken te bewaren die aantonen dat het verstrekte bedrag daadwerkelijk is besteed aan de aanschaf van duurzame gebruiksgoederen. Deze bewijsstukken moeten gedurende minimaal twee jaar bewaard blijven, en kunnen bij controle aan de gemeente worden voorgelegd.

Als het college van burgemeester en wethouders vaststelt dat 85% van het verstrekte bedrag verantwoordelijk is besteed, wordt het niet nodig om verdere controle te voeren of een terugbetaling in te vorderen. In geval van minder dan 85% verantwoording, wordt het niet-verantwoorde deel van de lening teruggevorderd. In dat geval is er ook geen recht op een bestedingsvrij deel van de financiering.

Financiering en terugbetaling

De financiering in de vorm van een geldlening voor inrichtingskosten is meestal kwijtscheldbaar, mits de voorwaarden zijn vervuld. Dit betekent dat, bij een goede verantwoording, het bedrag niet hoeft terugbetaald te worden. Echter, bij een misbruik of onvoldoende verantwoording, kan het college besluiten om het bedrag terug te vragen.

Voor wajong-uitkerenden die in een woninginrichtingsproject van de GGD betrokken zijn, is er een specifieke regel. De financiering voor inrichtingskosten wordt pas na twee jaar in behandeling genomen, zodra de inrichting via de GGD is verstrekt. Deze financiering in natura vervangt dan de reguliere bijzondere bijstand. De reguliere regels gelden dan met inachtneming van de al verstrekte inrichting.

Financieringsvoorwaarden bij terugkeer naar de arbeidsmarkt

Een wajong-uitkerende persoon die in het kader van een hersteltraject terugkeert naar de arbeidsmarkt kan ook profiteren van bepaalde financieringsregels. In het kader van uitstroom naar arbeid in loondienst of zelfstandigheid, geldt dat de financiering in de vorm van een lening na een bepaalde periode omgezet kan worden in een verstrekking om niet. Dit betekent dat de verplichting tot terugbetaling kan worden afgeschaft.

De voorwaarde voor deze omzetting is dat de belanghebbende gedurende 12 aflossingstermijnen geen beroep meer heeft gedaan op bijstand voor levensonderhoud. Bovendien mag het inkomen van de belanghebbende niet hoger zijn dan 130% van de relevante inkomensgrens. In geval van een hoger inkomen, wordt eerst de helft van de openstaande lening omgezet in een verstrekking om niet. Na een periode van 24 aflossingstermijnen kan het resterende bedrag ook worden omgezet in een verstrekking om niet.

Een eventuele financiering voor duurzame gebruiksgoederen wordt na 36 maanden omgezet in een verstrekking om niet, mits de lening gedurendende die periode volledig is afgelost of het niet mogelijk was om te aflossen vanwege andere noodzakelijke kosten, zoals de aflossing van andere leningen.

Uitzonderingen op financieringsregels

Niet alle situaties zijn hetzelfde, en er zijn uitzonderingen op de financieringsregels. Zo zijn er bijvoorbeeld bepalingen voor pensioengerechtigde personen, die geacht worden geen reserveringscapaciteit te hebben. In het geval van een echtpaar geldt dat beide partners de pensioengerechtigde leeftijd moeten hebben bereikt.

Voor jongeren die niet langer bij hun ouders kunnen wonen, is bijzondere bijstand voor inrichtingskosten mogelijk. Deze financiering is alleen toegestaan als het om jongeren gaat die voor het eerst zelfstandige woonruimte betrekken en die niet in staat zijn geweest om te reserveren voor de inrichting van hun woning.

Een andere uitzondering geldt voor personen die chronisch ziek of gehandicapt zijn. Deze personen kunnen aanspraak maken op bijzondere bijstand, mits ze kunnen aantonen dat hun inkomsten op bijstandsniveau zijn en dat ze geen reserveringscapaciteit hebben. Ook personen die een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen, zoals WAO, WIA, Wajong of WAZ-uitkering, zijn in aanmerking gekomen voor deze financiering.

Conclusie

De financiering van inrichtingskosten voor wajong-uitkerenden in de gemeente Arnhem is onderdeel van de bredere regelingen rondom bijzondere bijstand. Deze financiering wordt verstrekt in de vorm van een geldlening, die in aanmerking komt voor kwijtschelding, mits de voorwaarden zijn vervuld. De toegang tot deze financiering hangt af van de reserveringscapaciteit van de belanghebbende, eventuele uitzonderingen zoals een echtscheiding of verlating, en de aanwezigheid van een voorliggende financiering zoals een lening van de kredietbank.

Wajong-uitkerenden die noodzakelijk verhuizen naar een zelfstandige woonruimte en die niet in staat zijn geweest om voor te reserveren, zijn in aanmerking gekomen voor deze financiering. De financiering is echter onderworpen aan verantwoordingseisen en controle. Als het verstrekte bedrag niet verantwoordelijk is besteed, kan het college besluiten om het bedrag terug te vragen.

Voor personen die in het kader van een hersteltraject terugkeren naar de arbeidsmarkt, is er een specifieke regel voor de omzetting van de lening in een verstrekking om niet. Deze regel is bedoeld om ervoor te zorgen dat de financiering niet als een extra last wordt ervaren, maar als een ondersteunende maatregel.

In het kader van woninginrichtingsprojecten van de GGD is er een tijdelijke vertraging voor het verstrekken van financiering, zodat de financiering pas wordt overwogen nadat een eerste inrichting in natura is verstrekt. Ook in deze gevallen gelden de reguliere regels, met aanpassing voor de al verstrekte financiering.

De financieringsregels voor inrichtingskosten zijn dus gericht op ondersteuning van kwetsbare groepen bij het betrekken van een zelfstandige woonruimte. De regels zijn bedoeld om te voorkomen dat financiering misbruikt wordt, maar tegelijkertijd ook om ervoor te zorgen dat de financiering toegankelijk is voor personen die het echt nodig hebben.

Bronnen

  1. Lokale regelgeving gemeente Arnhem - CVDR623051
  2. Lokale regelgeving gemeente Arnhem - CVDR461316

Related Posts