Jurisprudentie VVE en scootmobielgebruik in appartementencomplexen

Inleiding

Het gebruik van een scootmobiel binnen appartementencomplexen is in de praktijk regelmatig aanleiding tot juridische geschillen. Een appartementseigenaar die vanwege een fysieke beperking een scootmobiel nodig heeft, kan op tegenstand stuiten van de Vereniging van Eigenaren (VVE) bij de wens om het voertuig in een gemeenschappelijke ruimte te plaatsen. De VVE is wettelijk bevoegd om (huishoudelijke) reglementen op te stellen en te handhaven, maar die bevoegdheid is niet onbeperkt. Jurisprudentie laat zien dat het verbod op het plaatsen van een scootmobiel in een gemeenschappelijke ruimte kan worden onderworpen aan de eisen van redelijkheid, billijkheid en gelijke behandeling.

In dit artikel bespreken we relevante uitspraken van kantoren en gerechtshoven, waarin de balans tussen wettelijke bevoegdheid van de VVE en de wens van de bewoner naar een toegankelijke leefomgeving centraal staat. De nadruk ligt op de rechtsgrondslag, de rol van medische indicaties, en de aard van de belangenafweging die door de rechter wordt gemaakt. Het artikel richt zich aan eigenaren, huurders, VVE-bestuursleden en andere betrokken partijen die in de praktijk geconfronteerd worden met dit vraagstuk.

Rechtsgrondslag en bevoegdheid van de VVE

De bevoegdheid van de VVE om reglementen op te stellen over het gebruik van gemeenschappelijke ruimten is verankerd in de Wet op het Appartementsrecht en de bijbehorende reglementen zoals het splitsingsreglement en het huishoudelijk reglement. Deze reglementen bepalen welke activiteiten in de gemeenschappelijke ruimte toegestaan zijn en welke verboden. In de praktijk is het gebruikelijk dat scootmobielgebruik in deze ruimten verboden is vanwege ruimtelijke beperkingen, hygiëne, en veiligheid.

Toch kan de VVE haar bevoegdheid niet onvoorwaardelijk uitoefenen. De rechter stelt regelmatig dat haar beslissingen moeten voldoen aan de eisen van redelijkheid en billijkheid (artikel 2:15 lid 1 sub b Burgerlijk Wetboek – BW), evenals aan de eisen van de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (artikel 6b onder d). Deze wet verbiedt onredelijke discriminatie en verplicht de VVE om een uitzondering te maken als deze noodzakelijk is om de zelfredzaamheid van een bewoner met een beperking te waarborgen.

In de jurisprudentie is duidelijk geworden dat de VVE niet mag weigeren om een ontheffing te verlenen wanneer dit noodzakelijk is voor een bewoner om buiten de woning te verkeren. Dit geldt met name wanneer de bewoner een medische indicatie heeft voor het gebruik van een scootmobiel en er geen redelijke alternatieven zijn.

De rol van medische indicaties en deskundigen

Een kernaspect in veel rechtszaken is de vraag of de bewoner voldoende medische bewijsstukken heeft aangeleverd om het gebruik van een scootmobiel te onderbouwen. In meerdere gevallen hebben rechters duidelijk gesteld dat medische verklaringen van arts of zorgverlener belangrijk zijn, maar dat de kwaliteit en inhoud van deze verklaringen eveneens van invloed zijn op de uitspraak.

In een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam (5 maart 2019) werd geconstateerd dat de VVE vraagtekens plaatste bij de noodzaak van scootmobielgebruik vanwege het feit dat de bewoner lopend was gezien en geen WMO-indicatie had overgelegd. Toch werd in dat geval een medische verklaring van een chirurg en een e-mail van een casemanager gebruikt om aan te tonen dat het gebruik van een scootmobiel medisch noodzakelijk was.

In een ander geval (Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 17 juni 2016) was de kantonrechter al een vervangende machtiging verleend, maar werd het hoger beroepperspectief van de VVE aangegaan. De rechter onderzocht of de VVE redelijkerwijs had kunnen afwegen of alternatieve stallingsmogelijkheden beschikbaar waren. De rechter stelde dat alternatieven objectief moeten worden beoordeeld, ongeacht of de bewoner zelf deze als geschikt acht.

Belangenafweging: de rol van de rechter

Een centraal juridisch instrument in deze geschillen is de belangenafweging. De rechter moet bepalen of het belang van de bewoner om gebruik te kunnen maken van een scootmobiel zwaarder weegt dan het belang van de VVE om gemeenschappelijke ruimten vrij van hinder te houden. Deze afweging is niet absoluut, maar hangt af van de specifieke omstandigheden in elk geval.

In een uitspraak van de Rechtbank Gelderland (5 januari 2021) werd vastgesteld dat een verbod op het plaatsen van een scootmobiel in een gemeenschappelijke ruimte onredelijk kan zijn. De rechter onderzocht of de VVE redelijkerwijs had kunnen vaststellen dat er geen geschikte alternatieven waren. In dit geval had de VVE niet voldoende onderzocht of het scootmobiel in de woning zelf of elders kon worden geparkeerd.

Een belangrijk punt in deze uitspraak was dat de rechter de medische noodzaak van de bewoner serieus nam, maar ook benadrukte dat de VVE niet verplicht is om rekening te houden met de belangen van een potentiële koper of buitengewoon persoon. De VVE is verantwoordelijk voor de gemeenschappelijke ruimte en de wensen van derden zijn in dit kader irrelevant.

Uitvoerbaarheid en procedurele aspecten

Een vaak over het hoofd gezien aspect is de procedurele kant van het verzoek tot toestemming voor het plaatsen van een scootmobiel. In een uitspraak van de kantonrechter Gelderland (locatie Zutphen) werd een eigenaar in het gelijk gesteld door de rechter, maar de uitspraak werd niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dat betekent dat de uitspraak niet direct uitvoerbaar was, en er moest worden afgezien van een eventuele hoger beroepprocedure.

In dit geval had de eigenaar vergat om de betreffende uitspraak uitvoerbaar bij voorraad te laten verklaren. Dit heeft als gevolg dat de VVE niet onmiddellijk verplicht was om de scootmobiel te laten stallen. Pas nadat de uitkomst van de hoger beroepprocedure bekend was, kon de uitspraak op gang worden gebracht. Dit benadrukt de invloed van procedurele aspecten op de praktische toepassing van rechtsverzekeringen.

De rol van alternatieven en redelijkheid

In meerdere uitspraken is benadrukt dat de VVE verplicht is om alternatieve stallingsmogelijkheden te onderzoeken. Dit geldt met name wanneer de bewoner een medische indicatie heeft. Alternatieven kunnen bijvoorbeeld het stallen van het scootmobiel in de woning zelf, in een kelder, of in een andere gemeenschappelijke ruimte zijn.

In de uitspraak van 24 november 2015 door de Rechtbank Gelderland (ECLI:NL:RBGEL:2015:7270) werd een eis afgewezen omdat de bewoner niet had aannemelijk gemaakt dat er geen geschikte alternatieven waren. De rechter stelde dat de VvE de bevoegdheid heeft om te bepalen of alternatieven redelijkerwijs geschikt zijn, en dat de bewoner dit niet had aangetoond.

Een belangrijk juridisch principe is hierbij dat de VVE niet verplicht is om een eigen alternatief te accepteren, zelfs als de bewoner dat voorkeur geeft. Alternatieve stallingsmogelijkheden moeten objectief beoordeeld worden, ongeacht de voorkeuren van de bewoner.

De invloed van de Wet gelijke behandeling

De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte speelt een belangrijke rol in de uitspraken over scootmobielgebruik. Deze wet verbiedt onredelijke discriminatie en stelt dat de VVE een uitzondering moet maken als het noodzakelijk is voor een bewoner om zelfredzaam te blijven.

In de uitspraak van de Rechtbank Gelderland (5 januari 2021) werd benadrukt dat de VVE niet mag weigeren om een ontheffing te verlenen als de bewoner geen alternatieve stallingsmogelijkheden heeft. De rechter stelde dat de VVE de bevoegdheid heeft om te beslissen over de toestemming, maar dat deze bevoegdheid begrensd is door de wettelijke verplichtingen om gelijke behandeling te waarborgen.

De invloed van deze wet is duidelijk in de jurisprudentie. Rechters stellen regelmatig dat het verbod op scootmobielgebruik onredelijk is als het leidt tot discriminatie van bewoners met beperkingen.

Conclusie

Het juridische kader rond het gebruik van scootmobiel in appartementencomplexen is duidelijk, maar de praktische toepassing hangt sterk af van de specifieke omstandigheden in elk geval. De bevoegdheid van de VVE om reglementen op te stellen is rechtsvast, maar deze bevoegdheid is niet absoluut. De rechter stelt regelmatig dat de VVE haar beslissingen moet onderbouwen met een redelijke en billijke afweging van belangen.

Medische indicaties spelen een centrale rol in de uitspraken, evenals de beschikbaarheid van alternatieve stallingsmogelijkheden. De rechter benadrukt regelmatig dat deze alternatieven objectief moeten worden beoordeeld, ongeacht de persoonlijke voorkeuren van de bewoner. Buiten het medische aspect draagt ook de Wet gelijke behandeling een belangrijke bijdrage aan de uitspraak van de rechter. Deze wet maakt duidelijk dat onredelijke beperkingen voor bewoners met een beperking niet toegestaan zijn.

Het is belangrijk om te beseffen dat ook de procedurele kant van het verzoek een rol speelt. Een eis tot toestemming kan juridisch verankerd zijn, maar praktisch uitvoerbaar alleen als de uitspraak uitvoerbaar bij voorraad is verklaard. Dit benadrukt de noodzaak om zowel juridisch als procedureel voorzichtig te zijn bij het indienen van zulke eisen.

In de praktijk is het aan te raden om duidelijke medische bewijsstukken te verzamelen, alternatieven te onderzoeken, en indien nodig juridische hulp in te schakelen. Het kader van redelijkheid, billijkheid en gelijke behandeling biedt een duidelijke richtlijn voor zowel de VVE als de bewoner bij het oplossen van geschillen rond het gebruik van scootmobiel in gemeenschappelijke ruimten.

Bronnen

  1. VVE-recht: Plaatsing scootmobiel in gemeenschappelijke ruimte – vernietiging besluit VVE wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid
  2. VVE-recht: Appartementsrecht VVE – verbod op het plaatsen van scootmobiel in openbare ruimte appartement – onredelijk? Ontheffing. Gelijke behandeling. Belangenafweging.
  3. VVE-recht: Scootmobiel op gang – moet VVE toestemming verlenen?
  4. Huurgeschil: Scootmobiel in gemeenschappelijke ruimte
  5. Appartementeneigenaar: VVE en scootmobiel
  6. Huurgeschil: VVE en scootmobiel

Related Posts