Overdracht en erfbelasting bij landgoederen onder de Natuurschoonwet

Het overdrachtregime en de fyscale verplichtingen bij landgoederen onder de Natuurschoonwet (NSW) vormen een complexe en specialistische rechtsgebied. Voor zowel notariussen als erfgenamen of schenkrechtelingen is het van essentieel belang dat de juridische en fiscale aspecten goed begrepen worden. Dit artikel biedt een overzicht van de belangrijkste regelgeving rond de overdracht van landgoederen onder de NSW, met specifieke aandacht voor de situaties die zich kunnen voordoen bij schenking of erfrechtelijke overdracht, inclusief eventuele kwijtscheldingen of verdelingsregelingen. Op basis van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928 en het jurisprudentieel standpunt van de rechter, worden de relevante voorwaarden en risico’s toegelicht.

Inleiding

Landgoederen die zijn gerangschikt onder de Natuurschoonwet zijn onroerende zaken die een bijdrage leveren aan het Nederlandse natuurschoon. Deze landgoederen zijn onderworpen aan een aantal fiscale en juridische regelgevingen die gericht zijn op het behoud van het landschap. De overdracht van dergelijke landgoederen – ofwel via schenking, erfrecht of door koop – kan fiscale gevolgen hebben, vooral wanneer deze overdracht niet volledig voldoet aan de voorwaarden die zijn opgesteld in de wet en het bijbehorende rangschikkingsbesluit.

De Natuurschoonwet bevat een voorwaardelijke vrijstelling voor schenk- en erfbelasting. Deze vrijstelling is echter niet automatisch van toepassing; het hangt af van het naleven van bepaalde voorwaarden zoals het bezitsvereiste en de instandhoudingseis. In de praktijk zijn er situaties waarin de vrijstelling niet kan worden gehandhaafd, bijvoorbeeld wanneer de overdracht niet tijdig wordt geregistreerd of wanneer een gedeelte van het landgoed niet langer aan de voorwaarden voldoet.

De juridische context

Het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet van 9 maart 2018 bevat een aantal belangrijke uitleggen en goedkeuringen voor situaties waarin de overdracht van een NSW-landgoed plaatsvindt. Een van de centrale bepalingen is artikel 7a, waarin sprake is van de mogelijkheid om landgoederen in een naamloze vennootschap of besloten vennootschap (NSW-NV/BV) te verpakken. Dit is van fiscaal belang, omdat de verdeling van aandelen of het beheer van dergelijke vennootschappen onder bepaalde voorwaarden fiscaal gunstiger kan zijn.

Artikel 9a van de Natuurschoonwet bevat een vrijstelling van overdrachtsbelasting, mits er sprake is van een geldige rangschikking. Deze vrijstelling kan echter niet worden gebruikt wanneer de overdracht niet tijdig plaatsvindt of wanneer bepaalde voorwaarden niet worden nageleefd. Zo moet een verzoek tot voortzetting van de rangschikking binnen een bepaalde termijn worden ingediend. In het geval van te late ingave kan de vrijstelling worden ingetrokken, wat fiscale gevolgen kan hebben voor zowel de vorige als de huidige eigenaar.

Schenken en erven van NSW-landgoed

Een schenking of erfrechtelijke overdracht van een NSW-landgoed vereist een zorgvuldige juridische en fiscale voorbereiding. Artikel 7 van de Natuurschoonwet bevat een voorwaardelijke vrijstelling van schenk- en erfbelasting. Deze vrijstelling geldt echter alleen onder voorwaarden en moet expliciet door de verkrijger worden aangegaan. Dit betekent dat bij een erfrechtelijke overdracht de erfgenaam zelf moet aangeven dat hij gebruik wil maken van de vrijstelling. Deze aanduiding moet binnen een bepaalde termijn worden gedaan; anders kan de vrijstelling niet worden aangewend.

Een belangrijke eis bij deze vrijstelling is het bezitsvereiste. Het landgoed moet gedurende een aaneengesloten periode van vijfentwintig jaar door één persoon worden bezeten. De overdracht van het landgoed aan een derde, of een verdeling van het landgoed, kan dit bezitsvereiste ondermijnen. Zo kan bijvoorbeeld de verdeling van een gemeenschap van goederen binnen vijfentwintig jaar leiden tot het verlies van de vrijstelling.

Verdeling en overdracht binnen gemeenschap van goederen

Bij een echtscheiding kan een landgoed dat onder de NSW is gerangschikt worden toegewezen aan de ene partner. In dat geval kan de overdracht van het landgoed worden geacht niet aan het bezitsvereiste te voldoen, wat fiscale gevolgen kan hebben. In dergelijke gevallen kan een deel van de schenk- of erfbelasting wel worden ingevorderd, afhankelijk van het aantal jaren dat aan de voorwaarden is voldaan.

Een voorbeeld hiervan is als X een NSW-landgoed verkrijgt via schenking, en daarna binnen vijfentwintig jaar de gemeenschap van goederen met Y wordt opgeheven. Y krijgt het landgoed toegewezen. In dat geval voldoet X niet meer aan het bezitsvereiste, waardoor de vrijstelling kan worden ingetrokken. De Hoge Raad heeft hierover reeds jurisprudentie uitgesproken, waaruit blijkt dat dergelijke situaties fiscaal worden beoordeeld op basis van het aantal jaren dat aan de voorwaarden is voldaan.

Kwijtschelding van koopsom

Een situatie waarin de koopsom voor een NSW-landgoed wordt gedeeltelijk of volledig gekwijtscheld kan fiscale complicaties opleveren. Zoals aangegeven in het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet, is een onmiddellijke kwijtschelding van de koopsom na overdracht in bepaalde gevallen aangemerkt als een (gedeeltelijke) verkrijging van het landgoed. Dit betekent dat ook in dergelijke gevallen sprake kan zijn van schenk- of erfbelasting. Bij een gefaseerde kwijtschelding is dit echter niet het geval.

Deze regeling is bedoeld om misbruik te voorkomen, bijvoorbeeld bij constructies waarbij een landgoed wordt gekocht en direct daarna wordt verklaard dat de koopsom is gekwijtscheld. In dergelijke gevallen kan de fiscus afdwingen dat er sprake is van een schenk- of erfrechtelijke overdracht, met als gevolg dat belasting verschuldigd is.

Instandhoudings- en bezitseisen

De instandhoudingseis en het bezitsvereiste zijn centrale elementen van de Natuurschoonwet. Het landgoed moet gedurende een periode van vijfentwintig jaar opgesteld blijven en aan bepaalde beheer- en gebruikseisen voldoen. Als deze voorwaarden niet worden nageleefd, kan de vrijstelling worden ingetrokken en kan er sprake zijn van belastingverplichtingen.

Bijvoorbeeld: als het landgoed gedurende vijftien jaar aan de voorwaarden is voldaan, maar vervolgens wordt verkocht aan een derde, dan kan 10/25ste deel van het buiten invordering gestelde bedrag alsnog worden ingevorderd. Daarnaast wordt er ook rekening gehouden met de verschuldigde invorderingsrente. Dit is een belangrijk aspect bij de overdracht van NSW-landgoederen en dient daarom zorgvuldig te worden beoordeeld.

Aandachtspunten bij overdracht

Er zijn meerdere aandachtspunten die bij de overdracht van een NSW-landgoed van belang zijn. Zo is het van essentieel belang dat het verzoek tot voortzetting van de rangschikking op tijd wordt ingediend. In het geval van te late ingave kan de vrijstelling worden ingetrokken, wat fiscale gevolgen kan hebben voor zowel de vorige als de huidige eigenaar.

Daarnaast is het belangrijk om te weten dat de vrijstelling niet van toepassing is op geldvorderingen. Zoals aangegeven in het jurisprudentieel oordeel van 27 november 2009, is een geldvordering geen NSW-landgoed en valt deze daarom niet onder de vrijstelling. Dit heeft gevolgen voor situaties waarin bijvoorbeeld kinderen een geldvordering hebben op basis van een wettelijke verdeling.

Fiscale risico’s bij overdracht

De overdracht van een NSW-landgoed kan fiscale risico’s met zich meebrengen, vooral wanneer de voorwaarden van de Natuurschoonwet niet volledig worden nageleefd. Zoals aangegeven in het Rangschikkingsbesluit, kan het verlies van de vrijstelling leiden tot belastingverplichtingen. In sommige gevallen kan zelfs het verlies van een gedeelte van de vrijstelling optreden, afhankelijk van het aantal jaren dat aan de voorwaarden is voldaan.

Het is daarom van groot belang dat bij de overdracht van een NSW-landgoed een gedegen advies wordt ingewonnen, zowel op juridisch als fiscaal vlak. Dit omvat een beoordeling van de huidige situatie, de toekomstige plannen en de eventuele gevolgen voor de belastingverplichting. In het geval van een verdeling of een schenk- of erfrechtelijke overdracht is het aan te raden om een juridisch en fiscaal kundig notaris te raadplegen.

Juridische en fiscale advisering

De Natuurschoonwet is een specialistisch en ingewikkeld deelgebied van het erfrecht. Adequate advisering is daarom onontbeerlijk. Zowel bij schenking als bij erfrechtelijke overdracht is het belangrijk om te weten hoe de vrijstelling werkt en wat de voorwaarden zijn. De notarieel jurist moet zich bewust zijn van de fyscale en civiele aspecten van de overdracht.

In de praktijk zijn er situaties waarin het opnemen van een kettingbeding in de vaststellingsovereenkomst niet is gelukt, wat fiscaal en juridisch kan leiden tot verlies van de vrijstelling. Het is daarom belangrijk dat bij de opstelling van de overeenkomst alle relevante bepalingen en voorwaarden worden meegenomen.

Conclusie

De overdracht van een NSW-landgoed is een complex proces dat zowel juridisch als fiscaal gevolgen kan hebben. De Natuurschoonwet bevat een voorwaardelijke vrijstelling van schenk- en erfbelasting, maar deze vrijstelling is alleen van toepassing bij het naleven van bepaalde voorwaarden zoals het bezitsvereiste en de instandhoudingseis. Het is van groot belang dat bij een schenk- of erfrechtelijke overdracht deze voorwaarden worden nageleefd en dat de vrijstelling expliciet wordt aangegaan.

In de praktijk zijn er situaties waarin de vrijstelling niet kan worden gehandhaafd, bijvoorbeeld wanneer de overdracht niet tijdig wordt geregistreerd of wanneer een gedeelte van het landgoed niet langer aan de voorwaarden voldoet. Dit kan fiscale gevolgen hebben voor zowel de vorige als de huidige eigenaar. Het is daarom aan te raden om bij de overdracht van een NSW-landgoed een gedegen advies in te winnen bij een juridisch en fiscaal kundig notaris.

De beschikbare bronnen maken duidelijk dat de Natuurschoonwet en het bijbehorende rangschikkingsbesluit een belangrijke rol spelen bij de overdracht van landgoederen. Het is van essentieel belang dat deze regelgeving goed wordt begrepen en nageleefd, zowel voor de vorige eigenaar als voor de huidige verkrijger van het landgoed.

Bronnen

  1. Landgoed en kettingbeding: de fiscale gevolgen
  2. Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928
  3. NSW-faciliteit bij schenking en erfrecht
  4. Schenken en erven van NSW-landgoed in De Landeigenaar

Related Posts