Inleiding
Het waterschap Hunze en Aa’s is een van de kernorganisaties die verantwoordelijk is voor het beheer van oppervlaktewater en de keringen in het noordelijke deel van Nederland, met name in de regio’s Groningen en Drenthe. Het waterschap is ontstaan uit een fusie die in 1995 is doorgevoerd volgens een besluit van de provinciale Staten van Groningen en Drenthe. De fusie had als doel het efficiënter organiseren van het waterbeheer en het zorgen voor voldoende, schoon oppervlaktewater.
Het waterschap is verantwoordelijk voor diverse maatregelen zoals het beheer van bergingsgebieden, het uitvoeren van baggerwerken en de zorg voor toegankelijke vaarwegen. Bovendien speelt het waterschap een rol bij het realiseren van meer ruimte voor water, zoals in het gebied rondom Beerta, waar de bergingsgebieden Ulsderpolder, Tusschenwegen en Oldambtmeer zijn aangewezen.
In dit artikel zullen we de organisatie, de opdracht, de belangrijkste projecten en uitdagingen van het waterschap Hunze en Aa’s bespreken, met een focus op zijn rol in het waterbeheer in de regio. Daarnaast zullen we kijken naar de samenwerking met andere waterschappen en overheidspartijen, en de huidige doelstellingen zoals die zijn vastgelegd in de Kaderrichtlijn Water (KRW).
Waterschap Hunze en Aa’s: Organisatie en Opdracht
Het waterschap Hunze en Aa’s is gevestigd in Veendam en bestrijkt ruwweg het gebied ten oosten van het Eemskanaal en het Noord-Willemskanaal. Het is verantwoordelijk voor het beheer van:
- Zeedijken en boezemkaden voor veiligheid;
- Oppervlaktewater voor voldoende en schoon water;
- Vaarwegen voor toegankelijkheid;
- Bergingsgebieden voor tijdelijke opslag van te veel water.
De oprichting van het waterschap is een gevolg van de noodzaak om het waterbeheer te consolideren en efficiënter te maken. Het waterschap is gemaakt op basis van waterstaatkundige eenheid, wat betekent dat het beheer is afgestemd op natuurlijke waterloopgebieden.
Sinds de oprichting zijn er diverse projecten uitgevoerd. De meest ingrijpende veranderingen zijn te vinden in de bergingsgebieden en de verbetering van vaarverbindingen. Na de zware regenval in oktober 1998 heeft het waterschap samen met de provincies Groningen en Drenthe gekozen voor een waterbeheer met meer ruimte voor water. Hierbij is het Oldambtmeer en andere bergingsgebieden een belangrijk onderdeel geworden.
Bergingsgebieden en de rol van het Oldambtmeer
Een van de belangrijkste maatregelen die zijn genomen, is de inrichting van bergingsgebieden. Deze zijn bedoeld om tijdelijk water op te slaan tijdens regenperiodes waarin het regenwater het normale afvoerstelsel overbelast. In het gebied rondom Beerta zijn verschillende bergingsgebieden aangewezen, waaronder:
- Ulsderpolder
- Tusschenwegen
- Benedenloop Westerwoldse Aa
- Kuurbos
- Hamdijk
- Bovenlanden
- Oldambtmeer
Het Oldambtmeer ligt ten noorden van Winschoten, binnen de dorpenring van Scheemda, Midwolda, Oostwold, Finsterwolde en Beerta. Het gebied was vroeger het Huningameer, dat door de Dollard was omgeven. In 1545 begon de eerste inpoldering, waarbij het gebied in twee armen werd verdeeld: het Oldambt in het westen en het Reiderland in het oosten. Het Schiereiland van Winschoten scheidde deze twee delen.
Tijdens de 20e eeuw werd er intensieve veenontginning en landbouw in het gebied gevoerd. De mechanisatie van de landbouw in de tweede helft van de 20e eeuw leidde echter tot een sterk teruglopende werkgelegenheid in de regio. Hierdoor kwam de leefbaarheid onder druk te staan. In 1991 werd een stuurgroep aangesteld door het Rijk, de provincie Groningen en de gemeente Oldambt om verbeteringen aan te brengen.
Het Oldambtmeer is daarom ook een symbool voor een duurzame aanpak van het waterbeheer. Het is niet alleen een bergingsgebied, maar ook een gebied dat functioneel is voor recreatie en natuur. Het is een voorbeeld van hoe waterschappen een rol kunnen spelen in het creëren van leefbaarheid in de regio.
Financiële en logistieke uitdagingen
Hoewel het waterschap Hunze en Aa’s sinds de oprichting veel heeft bereikt, zijn er ook uitdagingen. Een voorbeeld is de benodigde verwerving van grond door de provincies. In een aantal gevallen zijn maatregelen niet uitgevoerd vanwege het feit dat de benodigde grondnoodzakelijkheid nog niet is gerealiseerd. Dit betekent dat de waterschap niet alle benodigde maatregelen kan uitvoeren totdat de grondbezitssituatie geregeld is.
Een ander voorbeeld is de baggering van het Mussel Aa kanaal, gelegen tussen Veelerveen en Musselkanaal. De baggering werd over een afstand van 17,5 kilometer uitgevoerd. De kosten werden te scherp ingeschat. In plaats van 1,2 miljoen euro kostte het werk uiteindelijk 1,9 miljoen euro. Dit werd besproken tijdens de Algemene Bestuurvergadering van 5 juni.
Deze gevallen illustreren de complexiteit van het waterbeheer. Waterschappen zoals Hunze en Aa’s moeten niet alleen technische en ecologische doelen nastreven, maar ook omgaan met budgettaire beperkingen en logistieke problemen. Daarnaast is het belangrijk om in overleg te blijven met de betrokken partijen, zoals de provincies, om gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor de uitvoering van maatregelen.
De Kaderrichtlijn Water en doelen voor 2027
Het waterschap Hunze en Aa’s is ook actief in het toepassen van de Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze richtlijn stelt dat waterschappen een rol moeten spelen in het zorgen voor voldoende, schoon en veilig water. De KRW legt ook een verantwoordelijkheid op de waterschappen om doelen te stellen voor de kwaliteit van het oppervlaktewater.
In een tussenevaluatie die het waterschap heeft uitgevoerd, is duidelijk geworden dat er zorgen zijn of de doelen voor de chemische stoffen eind 2027 behaald zullen worden. Deze zorgen zijn niet uniek voor Hunze en Aa’s, maar komen bij alle waterschappen voor. Toch is het belangrijk om niet op te geven, want zoals aangegeven is de KRW geen "papieren exercitie", maar een daadwerkelijke aanpak die resultaten moet opleveren.
Het waterschap probeert hierop in te spelen door doelgerichte acties te nemen en samen te werken met andere waterschappen en overheden. Het is duidelijk dat het waterbeheer in Nederland een multidisciplinaire en gecoördineerde aanpak vereist.
Samenwerking met andere waterschappen en overheidspartijen
Het waterschap Hunze en Aa’s is niet het enige waterschap in de regio. In Drenthe zijn vier waterschappen actief, waaronder Hunze en Aa’s, Vechtstromen, Noorderzijlvest en Drents Overijsselse Delta. Deze waterschappen hebben elk hun eigen gebied en taak, maar ze werken ook samen waar dat nodig is.
De samenwerking is belangrijk bij het realiseren van projecten die groter zijn dan het territorium van één waterschap. Bovendien is er een sterke interactie met de overheden van de provincies Groningen en Drenthe. Deze overheden hebben een rol in de financiering, de uitvoering van maatregelen en de coördinatie van het waterbeheer in het algemeen.
Een voorbeeld van samenwerking is de inrichting van bergingsgebieden in het gebied rondom Beerta. Deze projecten zijn niet alleen technisch uitgevoerd, maar ook financieel gesteund door de betrokken overheden. Daarnaast zijn er ook maatregelen die niet door het waterschap zelf kunnen worden uitgevoerd, zoals grondverwerving. In dergelijke gevallen is het belangrijk dat de overheden hun verantwoordelijkheid nemen.
Toekomstplanning en uitdagingen
De uitdagingen voor het waterschap Hunze en Aa’s zijn groter dan ooit. De veranderende klimaatomstandigheden brengen meer regenval en zeespiegelstijging met zich mee. Dit betekent dat het waterschap niet alleen meer moet doen aan het beheer van het huidige watersysteem, maar ook vooruit moet denken naar toekomstige behoeften.
Een belangrijk aandachtspunt is het verdere uitvoeren van maatregelen die al zijn aangegrepen, zoals het uitbreiden van bergingsgebieden en het herstellen van natuurlijke waterlopen. Bovendien is er behoefte aan innovatie in het waterbeheer. Denk bijvoorbeeld aan het gebruik van slimme technologie om waterstanden beter te beheren, of het inzetten van natuurlijke oplossingen zoals natuurgebieden die ook als bergingsgebieden kunnen dienen.
Een andere uitdaging is het verder uitbreiden van het aantal betrokkenen bij het werk van het waterschap. Via een besluit van het bestuur is het mogelijk geworden dat fractieopvolgers mee kunnen draaien in commissies. Dit maakt het mogelijk om meer betrokken te zijn bij het werk van het waterschap en te zorgen voor een diversere inbreng in besluitvorming.
Conclusie
Het waterschap Hunze en Aa’s speelt een essentiële rol in het beheer van oppervlaktewater en de zorg voor veilig water in de regio Groningen en Drenthe. Sinds de oprichting in 1995 zijn er veel maatregelen genomen, zoals de inrichting van bergingsgebieden en het uitvoeren van baggerwerken. Het waterschap werkt samen met de provincies, andere waterschappen en betrokken partijen om een duurzame toekomst te creëren.
Toch zijn er uitdagingen. Het waterschap moet rekening houden met budgettaire beperkingen, logistieke problemen en het feit dat niet alle benodigde maatregelen direct kunnen worden uitgevoerd. Bovendien is er een wettelijke verantwoordelijkheid om doelen te behalen die gesteld zijn in de Kaderrichtlijn Water.
De toekomst van het waterschap Hunze en Aa’s hangt af van de samenwerking met andere partijen, de innovatie in het waterbeheer en de betrokkenheid van de regio. Het waterschap heeft al veel bereikt, maar er is nog veel te doen. Het is een organisatie die niet alleen technisch en ecologisch functioneel moet zijn, maar ook sociaal en financieel verantwoord.