Huurtoeslag bij Opname en Thuisverpleging: Strategische Regulering van Inkomen en Vermogen

De transitie van zelfstandig wonen naar een zorginstelling, of het organiseren van zorg binnen de eigen woning, creëert complexe gevolgen voor het recht op huurtoeslag. Het Nederlandse toeslagstelsel biedt specifieke mechanismen om de financiële druk op huishoudens te beperken wanneer zorgnodig is, maar vereist een nauwkeurige administratieve aanpak. De kern van dit onderwerp ligt in het vermogen om inkomen en vermogen van zorgbehoevende personen uit de berekening te laten vallen, wat direct leidt tot een gunstiger toeslagbeslissing. Dit proces is niet vanzelfsprekend; het vereist het indienen van een formulier voor een bijzondere situatie en het overleggen van een officieel indicatiebesluit van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ).

De regels rondom huurtoeslag bij verhuizing naar een verzorgingshuis of verpleeghuis zijn ingewikkeld. In de meeste gevallen vervalt het recht op huurtoeslag voor de oude woning zodra de betrokkene wordt ingeschreven op het adres van de zorginstelling. Echter, er bestaan uitzonderingen en overbruggingsperiodes waarin de partner of medebewoner die achterblijft, nog wel recht heeft op een toeslag. Daarnaast biedt het stelsel een unieke regeling voor situaties waarin een persoon thuis wordt verzorgd met een Wlz-indicatie, waardoor het inkomen en vermogen van die persoon niet hoeven mee te tellen in de gezamenlijke berekening. Deze regeling is essentieel voor het behouden van financiële stabiliteit voor het huishouden.

Het beheer van vermogen speelt eveneens een cruciale rol. Bij de berekening van de huurtoeslag wordt gekeken naar het vermogen boven de heffingsvrije drempel, welke in 2022 bedroeg € 50.650 per persoon. Dit vermogen omvat niet alleen spaargeld en beleggingen, maar ook eigendom van een tweede huis, zoals een recreatiewoning. Het is van belang om te begrijpen dat de regels voor de zorginstelling zelf verschilt van de regels voor de oude woning. Meestal kan voor een woning in een zorginstelling géén huurtoeslag worden verkregen, tenzij de woning als zelfstandige woonruimte is aangewezen door de Dienst Toeslagen.

Deze tekst analyseert de juridische en financiële implicaties van zorgsituaties op de huurtoeslag, met nadruk op het proces om inkomen en vermogen uit de berekening te houden, de rol van de CIZ-indicatie, en de specifieke voorwaarden voor thuisverpleging versus opname in een instelling.

De Invloed van Opname op het Huurtoeslagrecht

De beslissing om naar een zorginstelling te verhuizen is een ingrijpende stap die direct impact heeft op de financiële regelingen van het huishouden. Wanneer een persoon wordt opgenomen in een verpleeghuis, een verzorgingshuis of een instelling voor geestelijke gezondheidszorg (GGZ), verandert de status van de oude woning. De Belastingdienst maakt hier een duidelijk onderscheid tussen de situatie van de betrokkene die verhuist en de situatie van de partner of medebewoner die achterblijft.

Wanneer de betrokkene wordt ingeschreven op het adres van de zorginstelling, vervalt het recht op huurtoeslag voor de oude woning. Dit komt doordat de betrokkene niet meer op het oude adres is ingeschreven. De Belastingdienst ontvangt de adreswijziging automatisch van de gemeente en stopt de toeslag. De betrokkene moet de toeslag zelf stoppen via 'Mijn toeslagen'. Het is echter niet nodig om de opname expliciet door te geven, aangezien de administratieve processen hiervoor al plaatsvinden via de gemeente.

Voor de achterblijvende partner of medebewoner ontstaat er een nieuwe situatie. Omdat de opgenomen persoon niet meer meeteelt in de gezamenlijke berekening van inkomen en vermogen, kan de achterblijvende persoon opeens recht hebben op huurtoeslag of een hogere huurtoeslag. Dit geldt mits de achterblijvende persoon als medehuurder is omschreven en het huurcontract op diens naam staat. Indien de achterblijvende partner alleen maar als medebewoner staat ingeschreven zonder medehuurderschap, kan het recht op toeslag in gevaar komen.

In de situatie waarin de betrokkene een Wlz-indicatie heeft maar nog op de wachtlijst staat voor een zorginstelling, bestaat er een overbruggingsperiode. Gedurende deze periode kan de Belastingdienst toestemming verlenen om het inkomen van de betrokkene niet mee te tellen in de berekening van de huurtoeslag. Dit is een cruciale regeling die financiële druk vermindert. Om deze regeling te activeren moet het 'Formulier Verzoek Bijzondere situatie huurtoeslag' worden ingevuld en naar de Belastingdienst worden verzonden.

De gevolgen van deze regeling zijn substantieel. Het gezamenlijke inkomen dat voor de toeslag in aanmerking komt, daalt aanzienlijk omdat het inkomen van de persoon die verzorging ontvangt, niet meer wordt geteld. Dit kan ertoe leiden dat het huishouden in aanmerking komt voor een hogere toeslag dan voorheen het geval was. Het is echter van belang om te benadrukken dat dit alleen mogelijk is als de persoon die verzorging ontvangt, een officiële indicatie van het CIZ heeft op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Een verklaring van een huisarts of een andere verklaring is niet geldig. Er moet dus een kopie van het indicatiebesluit van het CIZ worden overlegd.

Voor situaties waarin de betrokkene nog niet is opgenomen, maar wel een Wlz-indicatie heeft, kan de partner of medebewoner de toeslag aanvragen terwijl de betrokkene nog thuis woont. In deze situatie kan de Belastingdienst toestemming verlenen om het inkomen van de betrokkene uit de berekening te laten vallen, waardoor de achterblijvende partner mogelijk toch recht krijgt op huurtoeslag. Dit is een vorm van overbruggingshulp die de financiële stabiliteit tijdens de wachtperiode voor de zorginstelling waarborgt.

Thuisverzorging en de Regeling voor Niet-Meetellende Bewoners

Wanneer een persoon die thuis wordt verzorgd, geen recht heeft op een opname in een instelling, biedt het stelsel een specifieke regeling om de financiële druk op het huishouden te beperken. De kern van deze regeling is dat het inkomen en vermogen van de persoon die verzorging ontvangt, niet hoeven mee te tellen voor de berekening van de huurtoeslag. Dit geldt voor situaties waarin iemand thuis wordt verzorgd door een mantelzorger of door een andere bewoner in het huishouden.

Deze regeling vereist dat de persoon die thuis wordt verzorgd, een indicatie van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) heeft. Zonder deze officiële indicatie is het niet mogelijk om het inkomen en vermogen van deze persoon uit de berekening te houden. Het proces om dit te activeren bestaat uit twee fasen. Eerst moet de toeslag worden aangevraagd via 'Mijn toeslagen'. Als de aanvraag wordt afgewezen omdat het gezamenlijke inkomen te hoog is, moet het 'Formulier Verzoek Bijzondere situatie huurtoeslag' worden ingediend.

In deze bijzondere situatie kiest de Dienst Toeslagen de situatie die het meest gunstig is voor het huishouden. Dit betekent dat de Dienst Toeslagen kan beslissen dat het inkomen van de persoon die verzorging ontvangt, of dat van de partner of medebewoner die de zorg verleent, niet wordt meegerekend. Het is belangrijk op te merken dat de aanvrager van de huurtoeslag altijd meetelt, maar andere personen in het huishouden kunnen worden uitgesloten van de berekening.

De voorwaarden om iemands inkomen en vermogen niet mee te laten tellen zijn streng gedefinieerd. De persoon die thuis wordt verzorgd, mag geen kind onder de 18 jaar zijn. Daarnaast mag het gezamenlijke inkomen niet boven een bepaalde drempel uitkomen. In 2026 moet het gezamenlijke inkomen maximaal € 60.525 zijn. Dit bedrag is het inkomen van alle personen in het huishouden, inclusief het inkomen van de persoon die niet meetelt. De drempels voor eerdere jaren zijn: 2025: € 58.400, 2024: € 57.075, 2023: € 52.425 en 2022: € 49.525.

Het vermogen van de persoon die niet meetelt, mag ook niet te hoog zijn. Dit betekent dat er een maximumvermogen bestaat dat in aanmerking komt. Als het vermogen te hoog is, kan het recht op toeslag verlopen. Het is dus essentieel om het vermogen van de persoon die thuis wordt verzorgd, binnen de grenzen te houden die door de Belastingdienst worden vastgesteld.

Deze regeling is vooral nuttig voor situaties waarin een mantelzorger thuis zorg verleent. Het kan ertoe leiden dat het huishouden toch in aanmerking komt voor huurtoeslag, ondanks dat het gezamenlijke inkomen anders te hoog zou zijn. Het is van belang om te benadrukken dat de persoon die thuis wordt verzorgd, geen kind onder de 18 jaar mag zijn. Dit is een harde voorwaarde die in de wet is opgenomen.

Financiële Aspekten en Vermogensberekening

De berekening van de huurtoeslag is sterk afhankelijk van het vermogen en het inkomen van het huishouden. In de context van zorg en verhuizing naar een instelling, speelt het vermogen een cruciale rol. Het vermogen dat voor de toeslag in aanmerking komt, is het vermogen boven de heffingsvrije drempel. Deze drempel was in 2022 € 50.650 per persoon. Dit bedrag omvat niet alleen spaargeld en beleggingen, maar ook eigendom van een tweede huis, zoals een recreatiewoning.

Wanneer een persoon naar een zorginstelling verhuist, verandert de situatie van het vermogen. In de zorginstelling geldt vaak dat de kosten van de zorgverzekering, kleding, kleding wassen, kapper, gezamenlijke uitjes en persoonlijke boodschappen zoals koekjes voor eigen rekening zijn. Dit betekent dat het vermogen van de betrokkene in de instelling niet direct in aanmerking komt voor de oude woning, maar wel voor de nieuwe situatie.

Voor de oude woning is het belangrijk om te weten dat het vermogen van de betrokkene niet meer meetelt als deze persoon naar een zorginstelling is verhuisd. Dit kan ertoe leiden dat het huishouden een lagere vermogensdrempel heeft en dus recht heeft op een hogere huurtoeslag. Het is echter van belang om te benadrukken dat deze regeling alleen geldt als de betrokkene een Wlz-indicatie heeft en de situatie als een bijzondere situatie wordt aangemerkt.

De kosten die niet door de zorginstelling worden gedekt, zijn van belang voor de financiële planning. Dit omvat de kosten van de zorgverzekering, kleding, kleding wassen, kapper, gezamenlijke uitjes en persoonlijke boodschappen. Deze kosten komen voor eigen rekening. Het is dus essentieel om deze kosten in de financiële planning mee te nemen.

Voor de situatie waarin iemand thuis wordt verzorgd, gelden dezelfde regels voor het vermogen als voor de oude woning. Het vermogen van de persoon die thuis wordt verzorgd, mag niet te hoog zijn. De exacte drempel is afhankelijk van het jaar. In 2022 was dit € 50.650 per persoon. Voor later jaren gelden hogere drempels. Het is van belang om te weten dat het vermogen van de persoon die niet meetelt, niet te hoog mag zijn.

De tabel hieronder geeft een overzicht van de inkomenstresholds voor de huurtoeslag in de loop der jaren. Dit is essentieel voor het bepalen van het recht op toeslag in verschillende jaren.

Jaar Maximale gezamenlijk inkomen
2026 € 60.525
2025 € 58.400
2024 € 57.075
2023 € 52.425
2022 € 49.525

Specifieke Regelingen voor Woningen in Zorginstellingen

Meestal is het niet mogelijk om huurtoeslag te krijgen voor een woning in een zorginstelling. Dit komt doordat de woning in een zorginstelling vaak geen zelfstandige woonruimte is. Echter, er zijn uitzonderingen waarin huurtoeslag wel mogelijk is. Dit is afhankelijk van de indeling van de woning als zelfstandig of onzelfstandig.

Als de woning in de zorginstelling zelfstandig is en de bewoner zelf de kosten voor het wonen betaalt, dan kan er huurtoeslag worden verkregen mits de andere voorwaarden voor huurtoeslag worden voldaan. Als de woning onzelfstandig is, kan er huurtoeslag worden verkregen als de woning is aangewezen door de Dienst Toeslagen. In dit geval moet de zorginstelling vragen aan de Belastingdienst om de woning aan te wijzen voor huurtoeslag. Als dit niet gebeurt, is er geen recht op huurtoeslag.

Deze regeling is van belang voor degenen die in een zorginstelling wonen. Het is echter van belang om te benadrukken dat de meeste woningen in zorginstellingen onzelfstandig zijn en dus geen recht op huurtoeslag hebben. De uitzonderingen zijn zeldzaam en vereisen een specifieke indicatie.

Procedurele Stappen en Noodzakelijke Documentatie

Om recht te krijgen op huurtoeslag in een bijzondere situatie, is het noodzakelijk om de juiste stappen te volgen. De eerste stap is het aanvragen van de huurtoeslag via 'Mijn toeslagen'. Als de aanvraag wordt afgewezen, moet het 'Formulier Verzoek Bijzondere situatie huurtoeslag' worden ingediend. Dit formulier moet worden ingevuld en naar de Belastingdienst worden verzonden.

De noodzakelijke documentatie omvatten een kopie van het indicatiebesluit van het CIZ. Dit document moet een Wlz-indicatie bevatten. Een verklaring van een huisarts of een andere verklaring is niet geldig. Het is dus essentieel om de officiële documentatie van het CIZ te hebben.

Wanneer een persoon langer dan een jaar buitenshuis verblijft, maar nog wel op het oude adres ingeschreven staat, telt deze persoon niet meer mee voor de huurtoeslag. Dit betekent dat het inkomen van deze persoon niet hoeft te worden opgegeven. Dit geldt voor situaties waarin iemand in een verpleeghuis, psychiatrisch ziekenhuis of gevangenis verblijft. Als de persoon nog wel op het oude adres staat ingeschreven, kan er toch recht op huurtoeslag zijn.

Als iemand thuis wordt verzorgd, telt de Dienst Toeslagen een persoon minder mee voor de huurtoeslag. Het gezamenlijke inkomen wordt daardoor lager. Daardoor kan degene die thuis wordt verzorgd, zijn toeslagpartner of zijn medebewoner misschien toch toeslag krijgen. Of een hogere toeslag. De voorwaarden zijn dat de persoon die thuis wordt verzorgd, een indicatie van het CIZ heeft.

Het proces om deze regeling te activeren vereist dat eerst de huurtoeslag wordt aangevraagd. Als de aanvraag wordt afgewezen, moet het formulier voor bijzondere situatie worden ingediend. Dit zorgt ervoor dat de Dienst Toeslagen de situatie kan heroverwegen en het recht op toeslag kan toekennen.

Reiskosten en Ondersteuning voor Mantelzorg

Naast de huurtoeslag zijn er ook andere financiële voordelen voor mantelzorg. Als je met de auto reist, gaat het om een bedrag van € 0,19 per gereden kilometer. Reis je met taxi of openbaar vervoer, dan kun je de werkelijk gemaakte kosten aftrekken, mits je de bewijzen hiervan bewaart. Deze aftrek is van toepassing bij ziekte en/of invaliditeit van je naaste. Dit geldt ook als je huisgenoot in een verpleeghuis, psychiatrisch ziekenhuis of gevangenis verblijft, maar nog wel op jouw adres staat ingeschreven.

Het is van belang om te benadrukken dat deze regeling alleen van toepassing is als je elkaars huisgenoten bent geweest tot het moment van opname in de zorginstelling. Dit betekent dat de reiskosten alleen kunnen worden afgetrokken als er een relatie bestaat tussen de mantelzorger en de persoon die verzorging ontvangt.

Als hulp nodig is bij het op een rijtje zetten van de consequenties in jouw situatie, of bij het regelen van zaken, kan je je laten ondersteunen door een van onze mantelzorgmakelaars. Deze experts kunnen helpen bij het begrijpen van de regels en het invullen van de formulieren.

Conclusie

De regelingen rondom huurtoeslag bij opname in een verzorgingshuis of thuisverpleging bieden een cruciale financiële bescherming voor huishoudens. De sleutel tot het succesvol navigeren door dit stelsel ligt in het begrijpen van de voorwaarden voor het niet-meetellen van inkomen en vermogen van zorgbehoevende personen. De vereisten om een Wlz-indicatie van het CIZ te hebben, de drempels voor inkomen en vermogen, en de procedurele stappen zijn van essentieel belang. Door het correct invullen van het 'Formulier Verzoek Bijzondere situatie huurtoeslag' en het overleggen van de juiste documentatie, kunnen huishoudens financiële stabiliteit behouden tijdens zorgperiodes. Het is van belang om te onthouden dat de regels voor zelfstandige en onzelfstandige woningen in zorginstellingen verschillen, en dat de meeste situaties geen recht op huurtoeslag voor de zorgwoning geven, maar wel mogelijk zijn voor de oude woning onder specifieke voorwaarden.

Bronnen

  1. Mantelzorgcentrum - Naaste verhuist naar een zorginstelling
  2. Belastingdienst - Wijzigingen doorgeven zorg
  3. Belastingdienst - Huurtoeslag als iemand naar een zorginstelling gaat
  4. Belastingdienst - Huurtoeslag als iemand thuis wordt verzorgd
  5. Consumentenbond - Bijzondere situaties huurtoeslag

Related Posts