Voorschoolse educatie (VVE) in de context van kinderopvang: aanbod, regelgeving en praktijkuitvoering

Inleiding

Voorschoolse educatie (VVE) speelt een essentiële rol in de vroege jeugdopvang in Nederland. Het betreft een specifieke vorm van kinderopvang voor peuters vanaf 2,5 jaar die bepaalde ontwikkelingskenmerken vertonen, zoals een taalachterstand of risicogebiedkenmerken. Deze kinderen krijgen een intensiever educatief programma dan reguliere peuters, met het doel hun sociaal-emotionele, cognitieve en taalontwikkeling te stimuleren. VVE is verplicht voor bepaalde doelgroepen en wordt gefinancierd door de gemeente, afhankelijk van of de ouders aanspraak kunnen maken op de kinderopvangtoeslag (KOT). De implementatie en uitvoering van VVE zijn sterk afhankelijk van de organisaties die kinderopvang aanbieden. Niet alle kinderopvangorganisaties bieden VVE aan, en dit kan gevolgen hebben voor de toegankelijkheid van het programma voor ouders en kinderen. In dit artikel worden de juridische kaders, de praktijkuitvoering, de financiering en de rol van verschillende betrokken partijen belicht aan de hand van de beschikbare informatie.

Wat is voorschoolse educatie (VVE)?

Voorschoolse educatie (VVE) is een specifieke vorm van kinderopvang voor peuters vanaf 2,5 jaar die in een risicogebied wonen of bepaalde ontwikkelingskenmerken vertonen. Deze kinderen krijgen binnen de kinderopvang extra aandacht voor hun ontwikkeling. De doelgroep wordt geïdentificeerd door het consultatiebureau voor jongerengezondheidszorg (JGZ), dat een indicatie afgeeft wanneer een kind VVE nodig heeft. De ouders kunnen deze indicatie accepteren en een plek in een VVE-voorziening aanvragen. Het programma is gericht op het bevorderen van de taalontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling en leergereedheid van het kind.

Onderliggende wetgeving

De regels voor VVE zijn verankerd in de Wet Innovatie Kwaliteit Kinderopvang (IKK), die per 1 januari 2018 gedeeltelijk in werking is getreden. Deze wet stelt hogere kwaliteitseisen aan de kinderopvang, waaronder een verlaagde leidster-kind ratio en aangescherpte taaleisen voor medewerkers. Daarnaast is er ook een Verordening Peuter- en VVE-arrangementen, waarin nadere regels zijn opgesteld voor de organisatie van VVE. Deze regels zijn in sommige gemeenten verder uitgewerkt in lokale regelgeving, zoals in Valkenswaard en Haaksbergen.

Kwaliteitseisen

Om VVE aan te bieden, moeten kinderopvangorganisaties aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen, die worden getoetst door de GGD. Deze eisen omvatten onder andere:

  • Aanwezigheid van een mentor voor elk kind.
  • Aangescherpte taalvaardigheden van medewerkers.
  • Specifieke aandacht voor de ontwikkeling van kinderen in VVE.
  • Gedetailleerde monitoring en registratie van de ontwikkelingen van kinderen.

Als een kind in een groep is geplaatst die VVE biedt, moet deze groep ook voldoen aan de eisen van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.

De praktijkuitvoering van VVE

In de praktijk kan het aanbod van VVE variëren per gemeente en per kinderopvangorganisatie. In Valkenswaard zijn er vijf kinderopvangorganisaties die kinderopvang aanbieden voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Van deze organisaties zijn er twee die sinds 2018 geregistreerd staan voor het aanbieden van VVE: Kids World en Mira. Stichting Peuterdorp biedt VVE aan voor kinderen van 2 tot 4 jaar. De organisaties IkOok! en Bij de Boer hebben in 2020 aangegeven dat ze VVE niet willen of kunnen bieden.

In Haaksbergen is de situatie iets anders. De gemeente heeft tien kinderopvangorganisaties, waarvan Bloesem Kinderopvang, KOSMO en Humankind Kinderopvang en -ontwikkeling geregistreerd staan voor het aanbieden van VVE. De andere organisaties, zoals De Speelboerderij, Peuteropvang Buurse en Kinderopvang Het Ezeltje, bieden reguliere kinderopvang aan, maar geen VVE. In dit opzicht kan het aanbod van VVE in Haaksbergen beperkt zijn, afhankelijk van de beschikbaarheid van plekken bij de geregistreerde VVE-organisaties.

De rol van de JGZ-verpleegkundige

De JGZ-verpleegkundige speelt een centrale rol in de toeleiding van kinderen naar VVE. Zij bepalen op basis van een indicatie of een kind VVE nodig heeft. Als de JGZ-indicatie is afgegeven, is het aan de ouders om een plek in een VVE-voorziening aan te vragen. De ouders hebben een vrije keuze in de organisatie waarin hun kind VVE afneemt. Echter, als een organisatie niet geregistreerd staat voor VVE, kan de ouders geen plek worden toegewezen bij die organisatie.

De werkafspraken

Om de uitvoering van VVE te vergemakkelijken, zijn er werkafspraken opgesteld die de stappen van indicatie tot toewijzing van een VVE-plek beschrijven. Deze afspraken zijn bedoeld om alle betrokken partijen op de hoogte te houden van hun rollen en verantwoordelijkheden. Zo wordt bijvoorbeeld aangegeven dat ouders binnen 6 weken na de indicatie een aanmelding moeten doen bij een VVE-voorziening. Als dit niet gebeurt, nemen de gemeente of het JGZ contact op met de ouders om te bespreken waarom de VVE niet is afgehaald.

De verantwoordelijkheid van VVE-aanbieders

Een VVE-aanbieder is verplicht om binnen twee maanden na de aanmelding van een kind een VVE-plek aan te bieden. Als dit niet haalbaar is, moet de organisatie de gemeente informeren. De organisatie is verder verplicht om doelgroepkinderen die zich aanmelden bij hen, in een gemengde groep te plaatsen. Dit betekent dat VVE-kinderen niet gescheiden zijn van reguliere peuters, maar gezamenlijk in een groep zitten. Dit is belangrijk om sociale en communicatieve vaardigheden te stimuleren bij alle kinderen.

Financiering van VVE

De financiering van VVE is afhankelijk van of de ouders aanspraak kunnen maken op de kinderopvangtoeslag (KOT). Voor ouders die wel recht hebben op KOT, loopt de financiering via de Belastingdienst. Voor ouders die géén KOT hebben, wordt de financiering volledig via de gemeente geregeld. In dit geval moet de gemeente de kosten van de kindplek voor zowel reguliere peuteropvang als VVE dekken.

Subsidie voor VVE-doelgroeppeuters

Voor ouders zonder KOT die VVE voor hun kind afnemen, is het aanbod van 16 uur per week, verspreid over vier dagen. Hiervan zijn 8 uur gesubsidieerd door de gemeente, en de andere 8 uur betalen de ouders een ouderbijdrage op basis van hun inkomen. De bijdrage is hetzelfde als voor reguliere peuters. Voor reguliere peuters (niet-VVE) geldt dat de financiering volledig via de Belastingdienst loopt, afhankelijk van of de ouders aanspraak kunnen maken op KOT.

Financiële verantwoordelijkheid van de gemeente

De gemeente is verantwoordelijk voor het faciliteren van het VVE-aanbod binnen haar gemeente. In Valkenswaard is het VVE-aanbod momenteel volledig dekbaar, wat betekent dat er voldoende plekken zijn bij geregistreerde VVE-organisaties. In Haaksbergen is dit afhankelijk van het aantal geregistreerde VVE-organisaties en de beschikbaarheid van plekken.

De rol van de Belastingdienst

De Belastingdienst speelt een rol in de financiering van reguliere kinderopvang, waarbij ouders aanspraak kunnen maken op de kinderopvangtoeslag. Voor VVE geldt dat ouders zonder KOT volledig aangewezen zijn op de gemeente voor financiering, terwijl ouders met KOT deel van de financiering via de Belastingdienst ontvangen.

De rol van ouders en voorlichting

Ouders hebben een belangrijke rol in de afname van VVE. Zij hebben een vrije keuze in de organisatie waarin hun kind VVE afneemt, zolang deze geregistreerd staat voor VVE. Echter, de gemeente stimuleert ouders om het volledige VVE-aanbod van 16 uur per week af te nemen. Voorlichting van ouders is daarom van groot belang. Het consultatiebureau speelt een centrale rol in het informeren van ouders over het VVE-aanbod. In Valkenswaard, waar het consultatiebureau 99% van de peuters ziet, heeft het een essentiële functie in het informeren en adviseren van ouders over VVE.

Voorlichtingsstrategieën

Voorlichting kan op verschillende manieren plaatsvinden:

  • Gesprekken tussen ouders en medewerkers van het consultatiebureau of kinderopvangorganisaties.
  • Voorlichtingsmaterialen, zoals folders met beeldmateriaal.
  • Voorlichtingsavonden waar ouders meer te weten komen over VVE.

Als ouders ondanks deze voorlichting geen gebruik maken van VVE, moet de reden hiervoor bekend zijn bij het JGZ. In zeldzame gevallen kan het JGZ besluiten om contact op te nemen met het CJG (centrum voor jeugdhulp) voor verdere beoordeling.

Monitoring en evaluatie van VVE

De ontwikkelingen van VVE-kinderen worden continu gemonitord binnen de organisatie. Een systeem is in gebruik waarin de ontwikkeling van elk kind wordt vastgelegd. Deze gegevens kunnen worden gebruikt voor het opstellen van actie- en handelingsplannen, die gericht zijn op de specifieke behoeften van het kind. Het JGZ kan de organisaties ondersteunen bij het opstellen van deze plannen.

Overdracht naar basisschool

Een belangrijk aspect van VVE is de overdracht naar de basisschool. Er is een schema opgesteld dat beschrijft hoe informatie over een kind tijdens de VVE-periode wordt overgedragen naar de basisschool. Deze overdracht vindt alleen plaats met schriftelijke toestemming van de ouders. Als ouders geen toestemming geven, wordt dit geregistreerd en wordt er geen informatie overgedragen.

De betrokkenheid van kinderopvangorganisaties

Niet alle kinderopvangorganisaties bieden VVE aan. In Valkenswaard zijn er vijf kinderopvangorganisaties, waarvan twee geregistreerd staan voor VVE. In Haaksbergen zijn er tien kinderopvangorganisaties, waarvan drie geregistreerd staan voor VVE. De keuze van ouders om een organisatie te kiezen voor VVE is beperkt tot deze geregistreerde organisaties. Dit kan in sommige gevallen leiden tot beperkte beschikbaarheid van VVE-plekken, afhankelijk van het aantal organisaties dat geregistreerd staat voor VVE.

Verplichtingen van VVE-aanbieders

Als een kinderopvangorganisatie geregistreerd staat voor VVE, is zij verplicht om een plek aan te bieden aan doelgroepkinderen die zich aanmelden. Dit betekent dat organisaties niet mogen weigeren om VVE aan te bieden, zolang ze geregistreerd zijn in het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen. Wanneer een organisatie zich niet registreert voor VVE, hoeft zij geen VVE-plek aan te bieden, maar kan ook niet als VVE-aanbieder optreden.

De rol van de gemeente

De gemeente speelt een centrale rol in het faciliteren van het VVE-aanbod. Zij zijn verantwoordelijk voor het zorgen van een dekkend aanbod binnen de gemeente. In Valkenswaard is dit momenteel het geval, wat betekent dat er voldoende plekken zijn bij geregistreerde VVE-organisaties. In Haaksbergen is dit afhankelijk van het aantal organisaties dat geregistreerd staat voor VVE.

Conclusie

Voorschoolse educatie (VVE) is een essentieel onderdeel van de vroege jeugdopvang in Nederland. Het programma richt zich op peuters vanaf 2,5 jaar die extra ondersteuning nodig hebben in hun taalontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling en leergereedheid. De implementatie en uitvoering van VVE zijn sterk afhankelijk van de kinderopvangorganisaties die geregistreerd staan voor VVE. Niet alle organisaties bieden VVE aan, wat kan leiden tot beperkte beschikbaarheid van plekken voor VVE-kinderen. De financiering van VVE is afhankelijk van of de ouders aanspraak kunnen maken op de kinderopvangtoeslag (KOT). Voor ouders zonder KOT is de gemeente verantwoordelijk voor de financiering van zowel reguliere peuteropvang als VVE. De JGZ speelt een centrale rol in de toeleiding van kinderen naar VVE, en de ouders hebben een vrije keuze in de organisatie waarin hun kind VVE afneemt. Voorlichting van ouders is belangrijk om ervoor te zorgen dat VVE effectief wordt ingezet. Monitoring van de ontwikkelingen van VVE-kinderen en de overdracht naar de basisschool zijn essentiële elementen van het VVE-programma. De rol van de gemeente, de JGZ, de Belastingdienst en de kinderopvangorganisaties is van groot belang in het faciliteren van een dekkend en kwalitatief hoogwaardig aanbod van VVE.

Bronnen

  1. Lokale regelgeving Valkenswaard over VVE
  2. Kinderopvang en VVE in Haaksbergen
  3. Nadere regels voor VVE-arrangementen

Related Posts