Het huurvermogen van appartementen in een Vereniging van Eigenaren (VvE) is een onderwerp dat zowel huurders als verhuurders, en daarmee ook investeerders en woningbouwprofessionals, regelmatig raakt. Een appartement in een VvE betekent dat de huurder, net zoals de eigenaar, verantwoordelijk is voor het deel van de gemeenschappelijke kosten die op hem of haar van toepassing is. In dit artikel bespreken we de wettelijke kaders, verantwoordelijkheden van verhuurders, de doorrekeningsverplichtingen van servicekosten en de recente trends in VvE-bijdragen. De focus ligt op het verduidelijken van hoe een verhuurder de VvE-bijdrage aan de huurder mag doorberekken, welke kosten daarbij wel en niet meegenomen mogen worden, en hoe dit verloopt in de praktijk. De informatie is gebaseerd op juridische precedents, praktijkgerichte uitleg van VvE-bijdragen en actuele trends in woningeigendom en huurmarkt.
Wat is een VvE en wat betekent het voor huurders?
Een Vereniging van Eigenaren (VvE) is een wettelijk statutair kader dat regelt het gebruik en onderhoud van de gemeenschappelijke delen van een appartementencomplex. Zowel eigenaars als huurders van appartementen in zo’n complex zijn verplicht om een maandelijkse bijdrage aan deze VvE te betalen. Deze bijdrage dient voor het onderhoud van de gemeenschappelijke ruimtes, zoals de trappenhuizen, lichtinstallaties, liftinstallaties, gemeenschappelijke badkamers en eventueel groenvoorzieningen. De VvE-bijdrage is dus een verplichte uitgave voor iedere woonruimte die deel uitmaakt van het collectief.
Wanneer een appartement wordt verhuurd, wordt de VvE-bijdrage vaak doorberekend aan de huurder. Dit is echter niet automatisch toegestaan en hangt af van de aard van de kosten, de inhoud van de huurovereenkomst en de wettelijke voorschriften. Het is dus belangrijk dat zowel verhuurder als huurder zich goed informeert over de wettelijke kaders en de praktijkuitdagingen van deze doorberekening.
Wettelijke kaders voor verhuur in een VvE
Volgens artikel 5:120 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek is het in principe toegestaan voor een appartementseigenaar om zijn woning aan een ander in gebruik te geven, zoals via huurovereenkomst. Dit betekent dat verhuur in een VvE toegestaan is, mits er geen tegenoverstaande regels in het splitsingsreglement zijn opgenomen. Artikel 5:112 lid 4 van het Burgerlijk Wetboek geeft de VvE de mogelijkheid om in het splitsingsreglement regels op te nemen die betrekking hebben op het gebruik van de woningen, waaronder eventueel beperkingen op verhuur. Deze regels zijn bindend voor iedere eigenaar van een appartementsrecht.
Een belangrijk punt is dat in het splitsingsreglement ook kan worden bepaald of een algeheel verhuurverbod geldt of of er regels zijn voor de verhuur aan toeristen of in kamergewijze vorm. Kamergewijze verhuur, waarbij een appartement in delen wordt verhuurd aan meerdere bewoners die delen in de keuken, badkamer of toilet, vereist in sommige steden zoals Amsterdam een aparte vergunning. De wettelijke bepalingen zijn dus niet alleen van toepassing op de verhuur in zich, maar ook op de wijze waarop een woning in gebruik wordt genomen door derden.
Verantwoordelijkheden van de verhuurder
De verhuurder van een appartement in een VvE heeft meerdere verantwoordelijkheden die van invloed zijn op de doorberekening van servicekosten. Ten eerste is de verhuurder verplicht om de huurprijs te bepalen op basis van het woningwaarderingsstelsel. Dit stelsel kent een maximum huurprijs afhankelijk van de grootte en kwaliteit van de woning. Als de woning in de sociale sector valt, moet de verhuurder aan de huurprijsgrens voldoen. Een te hoge huurprijs kan leiden tot huurverlaging door de huurcommissie.
Daarnaast moet de verhuurder ervoor zorgen dat de VvE-bijdrage die hij aan de huurder doorberekent, in lijn is met de wettelijke voorschriften. Dit betekent dat de verhuurder een duidelijke, jaargewijze afrekening moet leveren aan de huurder, waarin staat welke kosten daadwerkelijk zijn gemaakt en hoe deze zijn verdeeld. Het is verplicht om de huurder een overzicht te geven van de kosten die daadwerkelijk zijn gemaakt in de voorgaande periode, zoals het onderhoud van gemeenschappelijke ruimtes, verlichting, schoonmaak, eventueel groenvoorzieningen en elektriciteitsverbruik in de gemeenschappelijke ruimtes.
Wat mag de verhuurder doorberekken?
Niet alle kosten van de VvE kunnen doorberekend worden aan de huurder. De wettelijke regels zijn hier duidelijk over. De verhuurder mag alleen kosten doorberekken die rechtstreeks betrekking hebben op het gebruik van de woonruimte. Voorbeelden van kosten die wel doorberekken mag zijn:
- Schoonmaakkosten voor gemeenschappelijke ruimtes, zoals de trappenhuizen of gemeenschappelijke badkamers;
- Glasbewassing van ruiten die voor de huurder niet bereikbaar zijn;
- Elektriciteitsverbruik van gemeenschappelijke ruimtes, zoals verlichting in de hal of trappenhuizen.
Daarnaast moet de verhuurder ervoor zorgen dat de VvE-bijdrage die hij doorberekent, op basis van een voorschot wordt gesteld. Dit voorschot moet aan het einde van de betreffende periode (meestal een jaar of seizoen) worden afgegerekend op de daadwerkelijke kosten. Dit is belangrijk om te voorkomen dat de huurder te veel of te weinig betaalt.
Wat mag de verhuurder niet doorberekken?
De verhuurder mag niet doorberekken aan de huurder kosten die niet rechtstreeks verband houden met het gebruik van de woonruimte. Voorbeelden van kosten die niet doorberekken mogen zijn:
- Onderhoudskosten van het gebouwencomplex als geheel, zoals schilderwerk of vervanging van de dakkapellen;
- Aanleg of onderhoud van gemeenschappelijke groenvoorzieningen en parkeerplaatsen;
- Het eigenaarsdeel van de onroerende zaakbelasting (OZB);
- Rioolrechten;
- De premie voor de opstalverzekering.
Het is belangrijk dat de verhuurder zich bewust is van deze grenzen. Als hij kostennamen meeneemt die niet toegestaan zijn, kan de huurder dit na afloop eisen terug te betalen, zoals blijkt uit een recente uitspraak van de Hoge Raad. In zo’n zaak betaalde een huurder gedurende twee jaar een all-in huurprijs, inclusief VvE-bijdrage. Vlak na afloop van de huurovereenkomst vorderde de huurder terugbetaling van deze bijdrage, omdat hij ervan uitging dat de verhuurder deze niet zogezegd had moeten doorberekken. De rechter oordeelde dat de verhuurder in dit geval verplicht was om een gedetailleerde afrekening te geven en dat het niet voldoende was om een algemene uitleg te geven.
De praktijk van doorberekening van VvE-bijdragen
In de praktijk is het belangrijk dat de verhuurder een duidelijke en jaargewijze afrekening aan de huurder uitreikt. Deze afrekening moet aangeven welke kosten er daadwerkelijk zijn gemaakt en hoe deze zijn verdeeld. Dit is niet alleen wettelijk verplicht, maar ook belangrijk voor de transparantie in de huurovereenkomst.
Een belangrijk aspect is dat de verhuurder ervoor moet zorgen dat de huurder inzicht heeft in alle relevante documenten en kostenposten. Dit betekent dat de huurder bijvoorbeeld de jaarrekening van de VvE, de overzichten van de voorschotten en eventueel de kosten voor warmtelevering (indien van toepassing) mag inzien. Deze transparantie is nodig om eventuele discussies over de doorberekening van kosten te voorkomen.
Warmtelevering en inzicht
Als de VvE verantwoordelijk is voor de warmtelevering in het appartementencomplex, is de verhuurder verplicht om dit aan de huurder door te rekenen en een gedetailleerde afrekening te geven. Dit moet op basis van individuele meters worden gedaan, zodat de huurder kan zien hoeveel warmte er daadwerkelijk is verbruikt. Het is niet toegestaan om een algemene schatting te maken of een gemiddelde verbruik aan te houden.
De verhuurder moet ook zorgen dat het inpandige leidingstelsel en de individuele aansluiting voor warmtelevering goed onderhouden zijn. Als er afspraken zijn gemaakt met de warmteleverancier, kan dit het onderhoud van het leidingstelsel aan de verhuurder overlaten, maar dit moet duidelijk in de huurovereenkomst worden opgenomen.
Trends in VvE-bijdragen en hun impact op huurders
De afgelopen vijf jaar is er een duidelijke stijging geweest in de VvE-bijdragen. De gemiddelde VvE-bijdrage per appartement is met 35% toegenomen. In 2025 betaalt een eigenaar van een appartement met een oppervlakte van 70 m² gemiddeld € 161 aan maandelijkse VvE-kosten. Dit komt neer op ruim € 500 per jaar. Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt door de investeringen die nodig zijn voor het verduurzamen van appartementencomplexen.
De verduurzamingsmaatregelen die worden genomen, zoals de installatie van zonnepanelen, de isolatie van daken en muren, en de vervanging van oude warmteinstallaties, leiden tot hogere kosten. Deze kosten worden op zijn beurt doorgerekend aan de VvE-leden, waardoor ook de huurders, indien de VvE-bijdrage doorberekend wordt, een hogere huurprijs te betalen hebben.
Regionale verschillen in VvE-bijdragen
De hoogte van de VvE-bijdrage varieert sterk per regio. In Noord-Holland is de VvE-bijdrage het hoogst, met een gemiddelde van € 185,01 per maand voor een appartement van 70 m². Dit komt neer op € 2.220 per jaar. Daarna volgen Utrecht en Zeeland, beide met ongeveer € 1.760 per jaar. In Groningen is de VvE-bijdrage relatief laag, namelijk € 1.645 per jaar.
Deze verschillen worden beïnvloed door factoren zoals de leeftijd van de woningen, de mate van verduurzaming, de aanwezigheid van extra faciliteiten (zoals zwembaden of sportscholen) en het beheer van de VvE. Appartementen in duurdere wijkposities of met luxe faciliteiten hebben vaak hogere VvE-bijdragen.
Een belangrijk gegeven is dat de VvE-bijdrage meestal wordt bepaald op basis van het aantal aandelen ofwel breukdelen dat iedere eigenaar heeft. In het splitsingsreglement staat hoe de kosten verdeeld worden. Soms wordt er gelijk verdeeld, wat in het splitsingsreglement vermeld moet staan. In andere gevallen is de verdeling gebaseerd op de oppervlakte van het appartement. Hoe groter het appartement, hoe hoger de VvE-bijdrage.
De rol van de VvE en het splitsingsreglement
De VvE is verantwoordelijk voor het onderhoud van de gemeenschappelijke delen van het appartementencomplex. De verdeling van de kosten wordt bepaald in het splitsingsreglement. Dit reglement is een statutair document dat voor iedere VvE geldt en inzicht moet geven in hoe de kosten verdeeld worden. Het splitsingsreglement bevat ook regels over het gebruik van de woonruimtes, zoals of verhuur is toegestaan of beperkt.
In sommige VvE’s is het verhuurverbod volledig, terwijl in andere VvE’s bepaalde beperkingen gelden, zoals een minimum huurperiode of een maximum huurprijs. Deze regels zijn bindend voor iedere eigenaar en kunnen niet worden omzeild door bijvoorbeeld het verhuurcontract op te stellen buiten het kader van de VvE. In dat geval zou het contract ongeldig kunnen zijn, aangezien de wettelijke regels van toepassing zijn op het gebruik van de woonruimte.
Praktische tips voor verhuurders
Voor verhuurders van appartementen in een VvE zijn er enkele praktische tips die van toepassing zijn om te voorkomen dat er problemen ontstaan met de doorberekening van de VvE-bijdrage en eventueel met terugbetalingseisen:
Duidelijke huurovereenkomst: Zorg dat de huurovereenkomst duidelijk aangeeft welke kosten aan de huurder worden doorberekken, inclusief de VvE-bijdrage. Dit moet ook zijn opgenomen in het verdrag.
Jarenlijks overzicht: Geef de huurder jaarlijks een overzicht van de VvE-kosten, inclusief de voorschotten en de eindafrekening. Dit overzicht moet gedetailleerd zijn en aangeven welke kosten daadwerkelijk zijn gemaakt.
Inzicht verlenen: Zorg dat de huurder inzicht heeft in de documenten van de VvE, zoals de jaarrekening, de voorschotten en eventuele kostenrapportages.
Niet doorberekken wat niet toegestaan is: Zorg dat je alleen kostennamen doorberekent die wettelijk toegestaan zijn. Voorkom dat je bijvoorbeeld kosten doorberekent voor het onderhoud van het complex of voor de OZB.
Transparantie: Zorg dat de doorberekening van kosten transparant is en dat de huurder kan zien hoeveel hij of zij daadwerkelijk betaalt aan VvE-bijdrage.
Woningwaardering: Zorg dat de huurprijs in lijn is met het woningwaarderingsstelsel, vooral als het appartement in de sociale sector valt.
Blijf op de hoogte: Let op eventuele wijzigingen in het splitsingsreglement of in de wettelijke regels rond verhuur. Als er veranderingen optreden, pas dit aan in de huurovereenkomst.
Conclusie
Huur appartementen in een VvE vereist een duidelijke kennis van de wettelijke kaders en de verantwoordelijkheden van zowel verhuurder als huurder. De VvE-bijdrage is een verplichte uitgave die meestal aan de huurder wordt doorberekken, maar dit mag alleen voor kosten die rechtstreeks betrekking hebben op het gebruik van de woonruimte. De verhuurder moet jaarlijks een gedetailleerde afrekening geven, inclusief inzicht in de daadwerkelijke kostenposten van de VvE. De stijging van VvE-bijdragen in de afgelopen vijf jaar en de regionale verschillen maken het belangrijk voor zowel verhuurders als huurders om goed op de hoogte te zijn van de verdeling van de kosten en de wettelijke regels. Met een duidelijke huurovereenkomst en transparante doorberekening van servicekosten kan worden voorkomen dat er later conflicten ontstaan over terugbetaling of onjuiste doorberekening. Het is aanbevolen om bij twijfel juridisch advies in te winnen, vooral bij complexe gevallen of bij huurovereenkomsten die afwijken van de normale praktijk.
Bronnen
- Servicekosten woonruimte: moet de huurder of de verhuurder de VvE-bijdrage betalen?
- Servicekosten bij verhuur in een VvE: wettelijke kaders, praktijkuitdagingen en doorrekeningsverplichtingen
- Huren in een VvE
- Toename van VvE-bijdragen: oorzaken en risicos voor appartementseigenaren
- Servicekosten en bijdrage in de VvE
- Verhuur in een VvE