De Basistraining VVE is een essentieel onderdeel binnen de kinderopvangsector, gericht op het ontwikkelen van pedagogisch-educatieve vaardigheden bij medewerkers die werken met jonge kinderen. Deze training, ontwikkeld door vier vooraanstaande organisaties in opdracht van de gemeente Amsterdam, biedt een grondlegging voor het werk in de VVE (Voorbereidend Voortgezet Onderwijs) en richt zich op het bevorderen van de ontwikkeling van kinderen in de leeftijd van 0 tot 8 jaar. Het accent ligt hierbij op het betrokken zijn van medewerkers bij het leerproces van kinderen, het herkennen van leermomenten, en het uitbreiden van de ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen via spel en interactie. In dit artikel bespreken we de kernprincipes van de Basistraining VVE, haar uitgangspunten, de samenwerking met andere VVE-programma’s, en de rol van de pedagogisch medewerker (pm’er) in de praktijk.
Kernconcepten van de Basistraining VVE
De Basistraining VVE is geen specifiek programma, maar vormt een overkoepelende werkwijze die past bij verschillende VVE-programma’s, waaronder Piramide, Uk & Puk, Startblokken en Kaleidoscoop. Het programma is ontworpen om pedagogisch medewerkers te ondersteunen in het herkennen en begeleiden van leerprocessen bij jonge kinderen. De aandacht is gericht op de pedagogisch-educatieve vaardigheden van de pm’er, met twee centrale vragen in het vooruitzicht:
- Wat heeft een kind nodig om zich te kunnen ontwikkelen?
- Welke rol speelt de pedagogisch medewerker in die ontwikkeling?
Deze vragen zijn leidend voor het werk van de pm’er en zorgen voor een bewust en doelgericht aanbod aan kinderen. De Basistraining VVE legt uit dat het niet gaat om het volgen van een vaste methode, maar om het leren kijken naar het gedrag, de interesse en de actieve betrokkenheid van kinderen. Dit maakt de pm’er in staat om activiteiten te ontwerpen en uit te voeren die aansluiten bij de ontwikkeling van het kind.
De Talentendriehoek en de 3V’s
Een kernconcept in de Basistraining VVE is de talentendriehoek, waarin drie belangrijke aspecten van kinderontwikkeling worden benadrukt: verkennen, verbinden en verrijken. Deze 3V’s vormen de basis voor het uitbreiden van de ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen.
- Verkennen gaat over het herkennen van de interesse van het kind en het in kaart brengen van de huidige ontwikkelingsniveau.
- Verbinden betreft het verbinden van die interesse aan een betekenisvolle activiteit of thema.
- Verrijken is het uitbreiden van die activiteit met doelgerichte leerdoelen, zodat het kind op een natuurlijke manier verder ontwikkelt.
Daarnaast worden zes interactievaardigheden benadrukt, die van belang zijn voor de effectieve communicatie en begeleiding van kinderen:
- Observeren en waar nemen
- Actief luisteren
- Gericht vragen stellen
- Aansluiten bij het gedrag van het kind
- Actie uitvoeren op basis van observatie
- Reflecteren op de interactie en het leerproces
Deze vaardigheden vormen een kerncompetentie voor pm’ers, omdat ze essentieel zijn voor het geven van gerichte begeleiding en het ontwikkelen van een betekenisvolle omgeving voor kinderen.
De rol van de pm’er in de Basistraining VVE
In de Basistraining VVE is de rol van de pm’er centraal. Het is niet de bedoeling dat de pm’er een programma volgt, maar dat hij of zij het gedrag en de ontwikkeling van kinderen onderzoekt en hierop aansluitend actie ondernemt. De pm’er leert om in het dagelijks werk te letten op routineactiviteiten zoals eten, drinken, aankleden of spelen, die allemaal kansen zijn voor leren en ontwikkelen.
Een voorbeeld uit de praktijk, zoals beschreven in een artikel, toont aan hoe dit werkt. In een peuterspeelgroep met meertalige kinderen is er een baby geboren bij één van de kinderen. De pm’er stelt een spelactiviteit in waarin de kinderen met echte materialen spelen met het thema “verzorgen van een baby”. Aan de muur worden afbeeldingen uit een prentenboek geplaatst om de kinderen te ondersteunen bij het spelen. De pm’er is aanwezig om het spel te begeleiden, bij te sturen en interactie te bevorderen. Dit benadrukt het belang van het inzichtelijk gebruik van thema’s en materialen om de ontwikkeling van kinderen te stimuleren.
De pm’er leert ook om de interactie tussen kinderen en tussen kinderen en volwassenen bewust te begeleiden. Dit gebeurt door het stellen van gerichte vragen, het verwoorden van acties en het uitbreiden van de betekenis van een activiteit. Het doel is om het kind te ondersteunen bij het verwerken van informatie, het anticiperen op situaties, het nadenken over zijn eigen gedrag en het leren samenwerken met anderen.
Verband met andere VVE-programma’s
De Basistraining VVE is ontworpen om goed aansluitend te zijn op andere erkende VVE-programma’s, zoals Piramide, Uk & Puk en Startblokken. Deze programma’s bieden elk een eigen werkwijze en thema’s, maar delen de gemeenschappelijke basis van de Basistraining VVE.
Piramide
Piramide is een van de meest gebruikte VVE-programma’s en richt zich op kinderen van 0 tot 7 jaar. Het bestaat uit elf thema’s, waarin projecten worden uitgewerkt die alle SLO-doelen dekken. Het programma is gericht op de cognitieve ontwikkeling van kinderen en biedt een gestructureerde aanpak met vier stappen: oriënteren, demonstreren, verbreden en verdiepen.
Een van de voordelen van Piramide is de beschikbaarheid van een digitale versie, waarmee pedagogisch medewerkers eenvoudig projecten en activiteiten kunnen plannen. De methode is in 2016 door de Erkenningscommissie Interventies (NJI) geclassificeerd als Bewezen Effectief, wat betekent dat het een solide basis biedt voor het werken in de kinderopvang.
Bij Piramide leren pm’ers om betekenisvolle activiteiten te ontwerpen die aansluiten bij de ontwikkelingsbehoeften van kinderen. De nadruk ligt op het stimuleren van de onderzoekende houding en het uitbreiden van de woordenschat van kinderen. Ook wordt aandacht besteed aan metacognitieve vaardigheden, zoals anticiperen en reflecteren. De pm’er speelt hierbij een bemiddelende rol en ondersteunt kinderen bij het leren, zonder ze direct te leiden.
Startblokken
Startblokken is een spelgerichte aanpak voor kinderen van 0 tot 8 jaar, waarbij het uitgangspunt ligt bij spelontwikkeling en betekenisvolle activiteiten. Het programma benadrukt de 3B’s: betekenisvolle activiteiten, bemiddelende rol van de volwassenen, en brede ontwikkeling. De pm’er leert om aansluitend te zijn bij het gedrag en de interesse van kinderen en om hierop gerichte begeleiding te geven.
Het programma benadrukt het belang van interactie, observeren, evalueren en reflecteren. Door te kijken naar wat kinderen al kunnen, en niet alleen naar wat ze nog niet kunnen, leren pm’ers om activiteiten te ontwerpen die aansluiten bij de ontwikkelingsniveau van kinderen. Hierbij is het doel om het kind een stap verder te brengen in zijn ontwikkeling, door te verbinden met thema’s en activiteiten die zijn interesse weerspiegelen.
Startblokken benadrukt ook het belang van routineactiviteiten zoals eten, drinken en spelen, die allemaal kansen zijn voor leren en ontwikkelen. De pm’er leert om deze momenten bewust te benutten voor ontwikkelingsstimulering en het organiseren van betekenisvolle speelleeractiviteiten.
Uk & Puk
Uk & Puk is een VVE-programma dat zich richt op kinderen van 0 tot 4 jaar. Het is recent vernieuwd en bevat actuele thema’s en wetenschappelijke inzichten die beter aansluiten op de belevingswereld van jonge kinderen. Het programma benadrukt het belang van betekenisvolle activiteiten, interactie en spel als motor voor ontwikkeling.
De pm’er speelt een centrale rol in het begeleiden van kinderen en leert om het gedrag van kinderen bewust te begeleiden. De nadruk ligt op het verkennen van de interesse van kinderen, het verbinden van die interesse aan activiteiten, en het verrijken van de activiteit met doelgerichte leerdoelen.
Praktische toepassing en instroomeisen
Om aan de Basistraining VVE deel te nemen, zijn er bepaalde instroomeisen. Deelnemers moeten werkzaam zijn bij een erkende kinderopvangorganisatie, toegang hebben tot een groep (met een geldig VOG), en praktijkopdrachten mogen uitvoeren. Daarnaast is het belangrijk dat de kinderopvangorganisatie achter de deelnemer staat en dat er toegang is tot een interne pedagogisch coach of VVE-coach, die 2 coachgesprekken voert. De trainer voert 3 coachgesprekken uit, en de deelnemer krijgt in totaal 5 coachgesprekken.
Daarnaast is het mogelijk om telefonisch of per e-mail contact te houden met de trainer. Een belangrijk aspect van de training is dat het leerproces niet alleen bestaat uit bijeenkomsten, maar ook uit het direct toepassen van het geleerde in de praktijk. Dit betekent dat het leren van pedagogisch-educatieve vaardigheden gebeurt op basis van praktijkgerichte ervaring.
Conclusie
De Basistraining VVE vormt een essentieel onderdeel van de professionele ontwikkeling van pedagogisch medewerkers die werken in de kinderopvang. Het programma biedt een overkoepelende aanpak die aansluit op verschillende VVE-programma’s, zoals Piramide, Uk & Puk en Startblokken. Het accent ligt op het leren kijken naar kinderen, het herkennen van leermomenten, en het verrijkend begeleiden van de ontwikkeling van kinderen.
De pm’er speelt een centrale rol in deze aanpak, en leert om activiteiten te ontwerpen en uit te voeren die aansluiten bij de ontwikkelingsniveau en interesse van kinderen. Door middel van gerichte interactie, waarneming en reflectie, leert de pm’er om de ontwikkeling van kinderen bewust te begeleiden.
De Basistraining VVE is dus niet alleen een theoretische opleiding, maar een praktische, doelgerichte aanpak die de kwaliteit van de kinderopvang sterk kan verhogen. Het programma benadrukt de belangrijkste kernvaardigheden van pm’ers en ondersteunt hen in hun rol als ontwikkelaar en begeleider van jonge kinderen. Voor pedagogisch professionals is dit een essentieel onderdeel van hun professionele ontwikkeling en een belangrijke stap in de kwaliteitsverbetering van de kinderopvangsector.