Mag je met een VVE-diploma werken in de KDV?

Inleiding

De vraag of iemand met een VVE-diploma mag werken in een kinderopvang voor de voortgezette groepen (KDV) is relevant binnen de huidige werkomstandigheden in de kinderopvangsector. In deze context speelt een rol hoe de kwalificaties, scholingen en regelgeving in de VVE- en KDV-educatie zijn gerangschikt. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de wettelijke eisen, educatieve standaarden en praktische toepassing van kwalificaties in deze context. De focus ligt op de vraag of een diploma of scholing gericht op VVE (voorschoolse educatie) toegestaan wordt in de KDV-groepen.

De informatie in dit artikel is gebaseerd op officiële bronnen en wetgeving van betekenis in de kinderopvangsector. Het betreft onder andere de wettelijke regelgeving zoals het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, de taaleisen zoals Nederlands 3F, en de scholingseisen voor VVE-locaties. Deze richtlijnen zijn cruciaal voor het begrijpen van de kwalificaties die nodig zijn om in de kinderopvangsector te werken, zowel in VVE- als KDV-groepen.

Wat is VVE en wat is KDV?

In de context van de kinderopvang is het belangrijk om de definities van VVE en KDV duidelijk te maken. VVE staat voor voorschoolse en vroegschoolse educatie. Deze vorm van educatie richt zich op kinderen in de leeftijd van 2,5 tot en met groep 2 van de basisschool. Het doel van VVE is om kinderen met een taal- of ontwikkelingsachterstand beter voor te bereiden op de start van de basisschool. Daartoe wordt er gebruik gemaakt van specifieke educatieve programma’s die de vier domeinen van de ontwikkeling van het jonge kind ondersteunen: taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek.

VVE is onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid van de rijksoverheid. Het is een samenwerking tussen de vroegschoolse en de voorschoolse educatie. Het is een intensieve vorm van ondersteuning die gericht is op het voorkomen of het bestrijden van onderwijsachterstanden. Kinderen die geïndiceerd zijn voor VVE krijgen een bepaalde hoeveelheid educatie uren, meestal verdeeld over meerdere dagen. De ouders ontvangen een tegemoetkoming via de gemeente. Kinderen zonder indicatie kunnen ook deel nemen, maar dan betalen de ouders zelf, afhankelijk van hun inkomen.

In tegenstelling tot VVE, richt KDV zich op kinderen in groep 2 tot en met groep 4 van de basisschool. Het betreft dan de kinderopvang voor de voortgezette groepen (KDV). Deze groepen vallen onder de reguliere kinderopvang en het is niet verplicht dat er specifieke educatieve programma’s worden gebruikt. Wel zijn er algemene kwaliteitsstandaarden en pedagogische richtlijnen die de kinderopvanginstellingen moeten volgen.

De vraag die centraal staat in dit artikel is: mag iemand met een VVE-diploma of -scholing werken in een KDV-groep? Met andere woorden: is een diploma of scholing gericht op VVE voldoende om in een KDV-groep in te zitten?

Kwalificaties voor VVE

Om in de VVE-educatie te werken, zijn er duidelijke kwalificaties en scholingen vereist. De wettelijke eisen zijn vastgelegd in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. Hierin staat dat pedagogisch medewerkers een relevante opleiding op mbo-niveau moeten hebben afgerond. De drie opties zijn:

  • Pedagogisch medewerker kinderopvang, mbo-3
  • Gespecialiseerd pedagogisch medewerker, mbo-4
  • Onderwijsassistent, mbo-4

Daarnaast is het vereist dat deze medewerkers een specifieke scholing volgen die gericht is op VVE. Deze scholing moet hen voorzien van kennis en vaardigheden op het gebied van:

  • het werken met VVE-programma’s zoals Piramide, Kaleidoscoop, Uk & Puk;
  • het stimuleren van de ontwikkeling van jonge kinderen, met name in de domeinen taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling;
  • het volgen van de ontwikkeling van peuters en het aanpassen van het educatieve aanbod;
  • het betrekken van ouders in het educatieve proces;
  • het zorgen voor een aansluiting tussen voorschoolse en vroegschoolse educatie;
  • het faciliteren van een zorgvuldige overgang van VVE naar vroegschoolse educatie.

Bovendien is er een taaleis voor VVE. Deze betreft het niveau van Nederlands 3F, zowel op het gebied van leesvaardigheid als mondelinge vaardigheden. Deze taaleisen zijn vastgelegd in de wet IKK en de taaleis VE. Deze eisen zijn bedoeld om ervoor te zorgen dat pedagogisch medewerkers voldoende in staat zijn om zowel met ouders als met kinderen te communiceren in het kader van VVE.

Een alternatieve optie is het afleggen van een losse bijscholing VVE. Dit betekent dat iemand zonder een relevante mbo-opleiding wel basis geschoold is om in de VVE te werken. Deze optie is echter niet voldoende om in een KDV-groep in te zitten. De wettelijke eisen voor KDV zijn namelijk anders dan die voor VVE.

Kwalificaties voor KDV

Het werken in een KDV-groep houdt in dat pedagogisch medewerkers voldoen aan de algemene kwaliteitsstandaarden van de kinderopvangsector. Deze standaarden zijn vastgelegd in de wettelijke bepaling IKK en de CAO Kinderopvang. De eisen voor KDV zijn minder specifiek dan die voor VVE. Toch zijn er bepaalde criteria die van toepassing zijn.

Een medewerker in een KDV-groep moet:

  • over een relevante opleiding beschikken;
  • voldoen aan de taaleisen die van toepassing zijn in de kinderopvangsector.

Er is geen verplichte scholing voor VVE nodig om in een KDV-groep in te zitten. De pedagogische aanpak in KDV is gericht op het ondersteunen van kinderen in de voortgezette groepen, maar er is geen verplichte focus op intensieve ontwikkeling of het aanleren van specifieke domeinen zoals in VVE.

Hoewel er geen specifieke scholing voor VVE nodig is om in KDV te werken, zijn er wel algemene scholingsverplichtingen. Deze scholingen kunnen bijvoorbeeld gericht zijn op:

  • kinderontwikkeling;
  • veiligheid en zorg;
  • communicatie en samenwerking met ouders;
  • pedagogisch handelen.

Bij KDV is het ook mogelijk dat een medewerker als boventallig in de groep werkt. Dit betekent dat iemand extra wordt ingezet, buiten de wettelijk benodigde aantallen, om bijvoorbeeld de kwaliteit van de opvang te verbeteren of om extra ondersteuning te bieden aan kinderen of collega’s.

Mag je met een VVE-diploma werken in KDV?

De vraag die centraal staat in dit artikel is: mag je met een VVE-diploma werken in een KDV-groep? Het antwoord hierop is: ja, dat mag.

De wettelijke bepaling IKK stelt dat pedagogisch medewerkers die werken in een KDV-groep voldoen aan de algemene kwaliteitsstandaarden van de kinderopvangsector. Een VVE-diploma is in dit kader wel toegestaan. Dit betekent dat iemand die een mbo-3 of mbo-4 diploma heeft met een vermelding dat de eisen voor VVE zijn voldaan, ook in een KDV-groep ingezet mag worden. Hetzelfde geldt voor iemand die een losse bijscholing VVE heeft afgerond en daarmee basis geschoold is om in VVE te werken.

Het is echter belangrijk om te benadrukken dat het omgekeerde niet geldt: een diploma of scholing gericht op KDV is niet voldoende om in een VVE-groep te werken. In VVE zijn er extra eisen inzake scholing en taaleisen die niet automatisch voldaan zijn door een KDV-diploma.

Er is ook een beperking voor OVO- of BBL-studenten in de context van KDV. Deze studenten mogen niet in een VVE-groep worden ingezet voor het behalen van hun diploma. Dit is vastgelegd in de wettelijke bepaling IKK. In KDV mag dit wel, mits ze een inzetbaarheidsverklaring hebben. Dit betekent dat studenten die werken in KDV wel kunnen meerekenen in het aantal medewerkers in de groep, zolang ze nog niet hun diploma hebben behaald.

Praktijkvoorbeelden en toepassing

In de praktijk betekent dit dat een pedagogisch medewerker met een VVE-diploma in de kinderopvangsector kan werken in zowel VVE- als KDV-groepen. Een voorbeeld hiervan is een medewerker die een mbo-3 diploma heeft met een vermelding op het diploma dat de eisen voor VVE zijn voldaan. Deze medewerker kan in een VVE-groep werken, maar mag ook in een KDV-groep worden ingezet. De wettelijke eisen voor KDV zijn minder strikt dan die voor VVE, dus er is geen conflict.

Een andere situatie is die van een medewerker die alleen een losse bijscholing VVE heeft afgerond. Deze medewerker is dan basis geschoold om in een VVE-groep te werken, maar mag ook in een KDV-groep worden ingezet. Ook hier is de wettelijke toegestane kwalificatie voldoende om in KDV te werken. De bijscholing VVE is echter niet voldoende om in een VVE-groep te werken zonder een relevante mbo-opleiding.

Een belangrijk punt om te benadrukken is dat het inzetten van een medewerker in een KDV-groep niet betekent dat deze automatisch ook in een VVE-groep ingezet mag worden. De wettelijke eisen voor VVE zijn strikter, en de scholing en kwalificaties die nodig zijn voor VVE zijn niet automatisch aanwezig bij iemand die werkt in KDV.

De rol van de houder

De houder van een kinderopvanginstelling speelt een centrale rol in het toezicht op de kwaliteitsborging van de educatie en opvang. De houder is verantwoordelijk voor het opstellen van een opleidingsplan voor de pedagogische medewerkers. Dit plan moet jaarlijks worden aangepast en bevat onder meer de vereisten voor scholingen en certificeringen.

In het kader van VVE is het verplicht dat ten minste één medewerker in de groep een certificaat heeft van een afgeronde scholing gericht op het VVE-programma dat wordt gebruikt. Dit betreft bijvoorbeeld Kaleidoscoop of Piramide. De houder is ook verantwoordelijk voor het zorgen dat de andere medewerkers aanvullende scholingen volgen of deze binnen zes maanden starten.

In het geval van KDV zijn er minder scholingsverplichtingen, maar de houder moet wel zorgen dat de medewerkers voldoen aan de algemene kwaliteitsstandaarden. Het is aan de houder om te bepalen of een medewerker met een VVE-diploma of -scholing geschikt is voor een KDV-groep. In de meeste gevallen is dit wel het geval, mits de medewerker voldoet aan de wettelijke eisen voor KDV.

De houder is ook verantwoordelijk voor het opstellen van een pedagogisch plan of werkplan, waarin wordt uitgelegd hoe het educatieve aanbod in de groep is ingericht. In het geval van VVE moet dit plan aandacht besteden aan de vier ontwikkelingsdomeinen: taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek. In KDV is dit niet verplicht, maar het is wel aan te raden om een pedagogisch plan op te stellen om de kwaliteit van de opvang te verbeteren.

Taaleisen in VVE en KDV

De taaleisen in de kinderopvangsector zijn een belangrijk aspect van de kwaliteitsborging. In de VVE is het verplicht dat pedagogisch medewerkers voldoen aan Nederlands 3F op het gebied van zowel leesvaardigheid als mondelinge vaardigheden. Deze eisen zijn vastgelegd in de wet IKK en de taaleis VE. Het doel van deze eisen is om ervoor te zorgen dat medewerkers voldoende in staat zijn om met ouders en kinderen te communiceren en de educatieve programma’s op een effectieve manier uit te voeren.

In KDV is er geen specifieke taaleis voor VVE, maar de algemene taaleisen voor de kinderopvangsector zijn wel van toepassing. Deze eisen zijn lager dan die voor VVE. In de meeste gevallen is het voldoende om voldoen aan Nederlands 2F of 3S. De exacte eisen hangen af van de regio en de instelling, maar het is aan te raden om voldoende taalkundige vaardigheden te hebben om goed te communiceren met ouders en kinderen.

Het is belangrijk om te benadrukken dat de taaleisen voor VVE en KDV niet automatisch gelijk zijn. Een medewerker die voldoet aan de taaleisen voor VVE, voldoet daarmee ook aan de taaleisen voor KDV. De omgekeerde situatie is echter niet gegarandeerd. Iemand die alleen voldoet aan de taaleisen voor KDV, voldoet niet automatisch aan de taaleisen voor VVE.

Toekomstverwachtingen en veranderingen

De kinderopvangsector staat voor een aantal veranderingen op het gebied van kwalificaties, scholingen en taaleisen. In het kader van de CAO Kinderopvang is besloten dat vanaf 18 mei 2025 het CAO-secretariaat verantwoordelijk is voor het beantwoorden van vragen over de kwalificatie- en taaleisen voor VVE. Dit betekent dat er meer duidelijkheid komt over de eisen die pedagogisch medewerkers moeten voldoen.

Een andere ontwikkeling is de verplichte scholing voor VVE. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft bepaald dat pedagogisch medewerkers in de VVE-educatie verplicht moeten scholing volgen. Deze scholing moet hen voorzien van kennis en vaardigheden op het gebied van:

  • het werken met VVE-programma’s;
  • het stimuleren van de ontwikkeling van jonge kinderen;
  • het betrekken van ouders in het educatieve proces;
  • het zorgen voor een aansluiting tussen voorschoolse en vroegschoolse educatie.

Deze scholing is verplicht voor alle medewerkers die werken in een VVE-groep. Het is echter niet verplicht voor medewerkers die werken in een KDV-groep. Dit betekent dat iemand met een VVE-diploma of -scholing wel in een KDV-groep mag werken, maar dat iemand die alleen werkt in KDV niet verplicht is om een VVE-scholing te volgen.

Conclusie

Om op de vraag terug te komen: mag je met een VVE-diploma werken in een KDV-groep? Het antwoord is ja, dat mag. Een VVE-diploma of bijscholing is in de context van KDV voldoende om in een KDV-groep te werken. De wettelijke eisen voor KDV zijn minder strikt dan die voor VVE, dus er is geen conflict.

Het is echter belangrijk om te benadrukken dat het omgekeerde niet geldt: een diploma of scholing gericht op KDV is niet voldoende om in een VVE-groep te werken. In VVE zijn er extra eisen inzake scholing en taaleisen die niet automatisch voldaan zijn door een KDV-diploma.

In de praktijk betekent dit dat een pedagogisch medewerker met een VVE-diploma of bijscholing in de kinderopvangsector kan werken in zowel VVE- als KDV-groepen. De houder van de kinderopvanginstelling is verantwoordelijk voor het toezicht op de kwaliteitsborging en het opstellen van een opleidingsplan. In het geval van KDV zijn er minder scholingsverplichtingen dan in VVE, maar het is aan te raden om voldoende kennis en vaardigheden te hebben om de opvang te kunnen ondersteunen.

De kinderopvangsector staat voor een aantal veranderingen op het gebied van kwalificaties, scholingen en taaleisen. Het is belangrijk dat pedagogisch medewerkers zich hierop voorbereiden en blijven ontwikkelen om de kwaliteit van de opvang en educatie te verbeteren.

Bronnen

  1. Variva – Werken in de VVE
  2. Kinderopvang-werkt.nl – Kwalificatie-eisen
  3. Variva – Taaleisen in de kinderopvang
  4. Lokale regelgeving – CVDR386466

Related Posts