Nieuwe Eisen voor Voor- en Vroegschoolse Educatie in de Praktijk

Inleiding

De voor- en vroegschoolse educatie (VVE) speelt een essentiële rol in de ontwikkeling van jonge kinderen, met name in het ontwikkelingsveld van taal, cognitie, motoriek en sociaal-emotionale vaardigheden. In de jaren 2020 en 2021 zijn in gemeenten als Valkenswaard en Vlieland nieuwe eisen en beleidslijnen vastgesteld om de kwaliteit van VVE te verbeteren en te versterken. Deze ontwikkelingen zijn het gevolg van wetswijzigingen en veranderingen in de landelijke en lokale regelgeving, zoals de Wet OKE (Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie).

In dit artikel worden de nieuwe eisen voor VVE nader toegelicht aan de hand van relevante beleidsdocumenten en praktijkvoorbeelden. We bespreken hoe deze eisen worden geïmplementeerd, welke betrokkenheid ouders en professionaliteit van medewerkers betekent voor de kwaliteit van VVE, en hoe subsidies en financiële regelingen worden geregeld. Daarnaast wordt gekeken naar de rol van monitoring en evaluatie in het continu verbeteringsproces van VVE-voorzieningen.

Nieuwe eisen voor de duur van VVE

Een van de belangrijkste veranderingen in de VVE-regelgeving is de verlenging van de aanbesteduurstelling. In gemeente Valkenswaard is vanaf 1 januari 2020 het aanbod van 16 uur per week VVE mogelijk voor kinderen jonger dan 2,5 jaar. Deze eis is grotendeels afgeleid van landelijke richtlijnen en is formeel van toepassing op alle kinderen die op 1 augustus 2020 jonger zijn dan 2,5 jaar. Echter, gemeente Valkenswaard heeft ervoor gekozen om de overgangsperiode vroegtijdig in te zetten, waardoor ouders van kinderen die al eerder een indicatie hadden, al in januari 2020 konden profiteren van het 16-uurs aanbod.

Voor kinderen die gebruik maken van de dagopvang minder dan vier dagen per week, wordt het VVE-voorstel niet als voldoende geacht. In dat geval moet het kind extra uren afnemen, tot een maximum van 8 extra uren per week. Deze extra uren worden grotendeels gesubsidieerd door de gemeente, maar moeten verdeeld zijn over ten minste twee dagen. Deze maatregel zorgt ervoor dat de eisen aan VVE in de praktijk worden nageleefd, zonder dat ouders te zwaar belast worden.

Ouderbetrokkenheid en communicatie

Een andere kernaspect van de nieuwe eisen voor VVE is de nadruk op ouderbetrokkenheid. Ouderbetrokkenheid is een continu aandachtspunt in voor- en vroegschoolse educatie. De betrokkenheid van ouders is essentieel voor een succesvolle VVE-ontwikkeling, zowel qua communicatie als qua betrokkenheid in het dagelijks functioneren van de kinderopvang.

In de praktijk betekent dit dat kinderopvangen extra aandacht besteden aan de communicatie met ouders, met name bij de benadering van anderstalige ouders. Daarbij worden extra middelen ingezet, zoals vertalingen of beeldmateriaal in plaats van tekstmateriaal. Centraal staat het aangaan, onderhouden en uitbouwen van een betrouwbare relatie tussen de kinderopvang en de ouders van de kinderen.

Ouders zijn niet alleen betrokken bij het communicatieve aspect, maar ook bij de monitoring en evaluatie van het VVE-beleid. Het beleid wordt jaarlijks geëvalueerd met betrekking tot bereik, kwaliteit en opbrengsten. Deze evaluatie leidt tot aanscherpingen of aanpassingen van het beleid. Dit proces is een sleutelaspect van het verbeteringsproces in VVE.

Kwaliteitsborging en professionaliteit

De kwaliteit van VVE is een continu aandachtspunt in de voor- en vroegschoolse educatie. In de regelgeving is duidelijk gemaakt dat de kwaliteit van VVE aan bepaalde basisvoorwaarden moet voldoen, zoals bepaald in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, op basis van de Wet OKE. Deze basisvoorwaarden omvatten eisen rondom locatie, programma en personeel.

In de praktijk betekent dit dat kinderopvangen zoals Kinderopvang ‘De Jutter’ en Eilandschool ‘De Jutter’ hoge eisen stellen aan de kwaliteit van de educatieve aanbieding. Een van de centrale aandachtspunten is het voortdurende ontwikkelingsproces van pedagogisch personeel. De medewerkers van deze instellingen hebben meestal een tweejarig scholingsproces gevolgd en inmiddels is het merendeel van de medewerkers VVE-certificaat in bezit. Nieuwkomers ontvangen direct VVE-scholing, waardoor de kwaliteit van het aanbod blijft stijgen.

De focus op kwaliteitsborging omvat ook het signaleren en opvangen van afwijkingen in de ontwikkeling van jonge kinderen. Pedagogisch personeel wordt getraind om zowel ontwikkelingsachterstanden als voorsprongen op te merken en op tevangen. Dit is essentieel voor een gerichte ontwikkelingsstimulering, die centraal staat in de VVE-philosophie.

Samenwerking en overdracht

VVE is geen exclusieve verantwoordelijkheid van de kinderopvang. Het beleid is grotendeels opgebouwd op een interdisciplinair en intersectorale samenwerking tussen de kinderopvang, basisscholen en andere professionele partijen zoals jeugdgezondheidszorg en centra voor jeugd en gezin. Deze samenwerking zorgt ervoor dat het VVE-beleid niet alleen in de kinderopvang, maar ook in het vroegschoolse onderwijs wordt doorgevoerd.

In de praktijk betekent dit dat er sprake is van een goed georganiseerde overdracht van kinderen van de voorschoolse naar de vroegschoolse educatie. Deze overdracht is essentieel voor het behoud van de leertrajecten en de voortgang van de kinderen. De overdracht wordt beheerd via het educatief partnerschap, waarbij pedagogisch personeel en onderwijzend personeel samenwerken aan het voortzetten van het ontwikkelingsplan van kinderen.

Financiële regelingen en subsidies

Een ander aspect van de nieuwe eisen is de financiële regeling en subsidiebeleid. In Valkenswaard is er een subsidie mogelijk voor kinderen die extra VVE-uren nodig hebben. Deze subsidie is beperkt tot een maximum van 8 uren extra per week, verdeeld over 2 dagen. Dit is een voorbeeld van hoe gemeenten rekening houden met de feitelijke mogelijkheden van ouders en de kosten die met VVE te maken hebben.

In het VVE-beleidsplan 2023–2026 van gemeente Vlieland is duidelijk gesteld dat de gemeente haar VVE-voorzieningen opbouwt op basis van middelen uit het onderwijsachterstandenbeleid (OAB). Dit is een landelijk fonds dat gericht is op het verbeteren van kansen voor kinderen met onderwijsachterstanden. De financiering van VVE is hierin een kernaspect, waarbij de gemeente een eigen beleidsplan ontwikkelt op basis van landelijke richtlijnen.

Taaleisen voor medewerkers

Een van de recente ontwikkelingen in het VVE-beleid is de aandacht voor taaleisen aan medewerkers. In het kader van de Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO) Kinderopvang zijn er verschillen gemaakt tussen de taaleisen voor de IKK (Invoering Kinderopvang) en de taaleisen voor VVE. Deze eisen zijn belangrijk voor de communicatie met ouders en kinderen, en de inschakeling van andere professionalen.

In het bijzonder geldt dat medewerkers met een MBO-4-diploma die vóór 1 januari 2025 zijn behaald, automatisch voldoen aan de taaleisen voor IKK. Echter, voor VVE zijn specifieke cijfers voor Nederlands vereist, die aantonen dat iemand voldoet aan niveau 3F. Dit betekent dat medewerkers die voldoen aan de taaleisen voor IKK, niet automatisch ook voldoen aan de taaleisen voor VVE. Deze aanpassing zorgt ervoor dat het taalniveau van medewerkers adequaat is voor het VVE-aanbod.

Monitoring en evaluatie

Monitoring en evaluatie zijn kernaspecten van het VVE-beleid. In Valkenswaard en Vlieland wordt jaarlijks een evaluatie uitgevoerd van de bereikbaarheid, kwaliteit en opbrengsten van het VVE-aanbod. Deze evaluatie leidt tot aanbevelingen voor aanpassingen en verbeteringen in het beleid.

Monitoring is een continu proces dat gericht is op het verbeteren van de kwaliteit van VVE. In Valkenswaard wordt dit geregeld via een overgangsperiode die in 2020 is ingesteld. Deze overgangsperiode zorgt ervoor dat ouders geen onverwachte veranderingen ondervinden, maar er wel een geleidelijke verbetering in het VVE-aanbod is.

Conclusie

De nieuwe eisen voor voor- en vroegschoolse educatie (VVE) zijn een belangrijk onderdeel van de kwaliteitsverhoging van de kinderopvang en het vroegschoolse onderwijs. Deze eisen zijn niet alleen gericht op de duur en het aantal uren VVE, maar ook op de betrokkenheid van ouders, de professionaliteit van medewerkers, de samenwerking tussen professionele partijen en de financiering van het VVE-aanbod.

In de praktijk betekent dit dat kinderopvangen zoals Kinderopvang ‘De Jutter’ en Eilandschool ‘De Jutter’ zich richten op een hoog niveau van kwaliteit en professionaliteit. De overgangsregelingen, zoals in Valkenswaard, zorgen ervoor dat ouders niet plots onverwachte veranderingen ondervinden. De monitoring en evaluatie van het VVE-beleid zorgen voor een continu verbeteringsproces, dat gericht is op het behoud van kansen en het stimuleren van de ontwikkeling van jonge kinderen.

De landelijke regelgeving, zoals de Wet OKE, en de lokale beleidsplannen van gemeenten zoals Vlieland en Valkenswaard vormen het kader voor deze ontwikkeling. Met deze nieuwe eisen wordt er een duidelijkere lijn getrokken in de VVE-ontwikkeling, die gericht is op het verbeteren van de kansen van jonge kinderen in het onderwijs.

Bronnen

  1. VVE Beleid 2020-2021, gemeente Valkenswaard
  2. VVE Beleidsplan 2023-2026, gemeente Vlieland
  3. Kwalificatie- en taaleisen voor kinderopvang

Related Posts