Opleidingsplan voor VVE in 2018: Aanpassingen en uitvoering binnen de kinderopvang

Inleiding

In 2018 is de wettelijke verplichting ingevoerd dat pedagogisch medewerkers die werkzaam zijn in een VVE-groep jaarlijks bijscholing moeten volgen. Dit is een directe gevolg van de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK), die per 1 januari 2018 gedeeltelijk in werking is getreden. Deze wet houdt niet alleen een strengere kwaliteitseis in voor kinderopvang, maar stelt ook eisen aan het opleidingsniveau van medewerkers en het voortgezette opleidingenplan (OPLEIDINGSPLAN VVE 2018). De wettelijke verplichting betreft specifiek het behouden van kwaliteit in de voor- en vroegschoolse educatie (VVE), een programma dat gericht is op de taal- en andere ontwikkelingsachterstanden van jonge kinderen.

Het opleidingsplan voor VVE in 2018 is ontwikkeld in nauw overleg met kinderopvangorganisaties en basisscholen, met als doel de professionalisering van de pedagogische medewerkers en de kwaliteit van de VVE-dienstverlening te verhogen. Het plan is onderdeel van het bredere beleid rondom onderwijsachterstanden, dat zich richt op het voorkomen en verkleinen van verschillen in opvoed- en onderwijsuitkomsten tussen kinderen.

In deze artikel wordt ingegaan op de inhoud van het opleidingsplan voor VVE in 2018. We zullen uitzoeken wat de kerncomponenten zijn van dit plan, hoe het opgezet is binnen kinderopvangorganisaties, en welke rol de wetgeving hierin speelt. Bovendien wordt een overzicht gegeven van de praktische uitvoering van het opleidingsplan in Valkenswaard, op basis van lokale beleidsdocumenten en implementatieplannen.

Wetgeving en wettelijke verplichtingen

De wettelijke basis voor het opleidingsplan voor VVE in 2018 is de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK). Deze wet is per 1 januari 2018 in werking getreden en bevat een aantal aangescherpte kwaliteitseisen voor kinderopvang. Eén van de belangrijkste veranderingen is dat pedagogisch medewerkers verplicht zijn om jaarlijks bijscholing te volgen, naast het behalen van het basis-VVE-certificaat.

De IKK is ontworpen om de kwaliteit van de kinderopvang te verhogen en tegelijkertijd de professionele vaardigheden van medewerkers te versterken. Dit is gebeurd door onder andere het invoeren van een mentoringsysteem, het verlagen van de leidster-kind ratio en het opnemen van aangescherpte taaleisen voor medewerkers. Deze wettelijke verplichting heeft geleid tot het opstellen van een gedetailleerd opleidingsplan voor VVE, dat per kinderopvangorganisatie moet worden opgezet en uitgevoerd.

Binnen het kader van de wet IKK is het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie (Bkve) van belang. Dit besluit stelt expliciete eisen aan het aantal beroepskrachten per groep, de kwalificaties van die krachten en de inhoud van de scholing. De GGD controleert of kinderopvanginstellingen aan deze eisen voldoen. De onderwijsinspectie evalueert de kwaliteit van het VVE-aanbod.

De Wet OKE (Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie) vormt daarnaast een landelijk kader voor de voor- en vroegschoolse educatie. Deze wet is in 2010 in werking getreden en heeft tot doel de taalontwikkeling van jonge kinderen te stimuleren en de kwaliteit van peuterspeelzalen te verbeteren. De wet OKE is geen aparte wet, maar een verzamelnaam voor drie wetswijzigingen. Het is vanuit deze wet dat de eisen voor VVE zijn afgeleid, met name in het kader van het behoud van kwaliteit en de uitvoering van het opleidingsplan.

Kerncomponenten van het opleidingsplan VVE 2018

Het opleidingsplan voor VVE in 2018 is opgesteld om de pedagogische medewerkers te ondersteunen in het behouden van hun kennis en vaardigheden. Het plan is bedoeld voor medewerkers die al beschikken over een geldig VVE-certificaat, maar die verplicht zijn om jaarlijks bijscholing te volgen. Deze bijscholing kan op verschillende manieren worden georganiseerd, afhankelijk van de keuzes van de kinderopvangorganisatie. De wijze waarop de bijscholing wordt ingericht, wordt beschreven in het opleidingsplan van de organisatie.

Het opleidingsplan omvat een aantal kerncomponenten die essentieel zijn voor het behoud van de kwaliteit van de VVE-dienstverlening. Deze componenten zijn:

  • Het werken met een programma voor voor- en vroegschoolse educatie. Dit betreft het kennisgeving en uitvoering van het VVE-programma, inclusief het ontwikkelen van individuele leertrajecten voor kinderen.
  • Het stimuleren van de ontwikkeling van het jonge kind, in het bijzonder op de gebieden taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. De bijscholing moet medewerkers in staat stellen om deze ontwikkelingsgebieden te herkennen en gericht te stimuleren.
  • Het volgen van de ontwikkeling van peuters en het hierop afstemmen van het aanbod van voorschoolse educatie. Medewerkers moeten in staat zijn om de groei van kinderen te monitoren en de activiteiten aan te passen op basis van hun individuele ontwikkelingsniveau.
  • Het betrekken van de ouders bij het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen. Het opleidingsplan legt ook nadruk op het betrekken van ouders in de VVE-activiteiten, met het oog op een samenwerking tussen opvoeding en onderwijs.
  • Het vormgeven aan de inhoudelijke aansluiting tussen voor- en vroegschoolse educatie en aan een zorgvuldige overgang van het kind van voor- naar vroegschoolse educatie. Dit betreft het voorbereiden van kinderen op het basisonderwijs en het versterken van de aansluiting tussen de twee educatieve niveaus.

Deze kerncomponenten zijn vastgelegd in het opleidingsplan en worden jaarlijks bijgesteld op basis van de wettelijke verplichtingen en de behoeften van de organisatie. De kinderopvangorganisatie is verantwoordelijk voor het faciliteren en begeleiden van medewerkers in het behouden van hun kennis en vaardigheden.

Uitvoering van het opleidingsplan in Valkenswaard

In Valkenswaard is het opleidingsplan voor VVE in 2018 opgenomen in het VVE-beleidsplan voor de jaren 2020 en verder. Het beleid richt zich op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen met een (taal- en spraak)achterstand in de leeftijd van 2 tot 6 jaar. In dit beleid ligt de nadruk op taalontwikkeling, maar ook op rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling.

Het VVE-beleid is opgesteld in nauw overleg met voorschoolse voorzieningen, jeugdgezondheidszorg (JGZ Zuidzorg), het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) en basisscholen. Deze samenwerking is essentieel om een dekkend aanbod van VVE te realiseren. De gemeente Valkenswaard is verantwoordelijk voor de voorschoolse periode, terwijl het onderwijs verantwoordelijk is voor de vroegschoolse periode (groep 1 en 2).

In Valkenswaard zijn in totaal vijf organisaties die kinderopvang aanbieden met een aanbod voor 0-4 jarigen. Sinds 2018 zijn Kids World en Mira VVE-geregistreerd. Stichting Peuterdorp heeft een aanbod voor 2-4 jarigen en is ook geregistreerd voor het aanbieden van VVE. In 2020 zijn de locaties van Horizon begonnen met de scholing van VVE, en wordt verwacht dat ze in 2021 ook VVE kunnen aanbieden. Hierdoor is er een dekkend aanbod van VVE binnen de gemeente gerealiseerd.

Twee Valkenswaardse kinderopvangorganisaties, IkOok! en Bij de Boer, hebben aangegeven (nog) geen VVE te kunnen of willen bieden in 2020. Wanneer een voorschoolse voorziening voldoet aan de kwaliteitseisen VVE (toetsing door GGD), zorgt de JGZ-verpleegkundige voor de toeleiding en indicering van VVE-doelgroepkinderen naar een van deze voorzieningen. De ouders hebben een vrije keuze waar zij VVE afnemen.

Het VVE-beleid in Valkenswaard is onderdeel van het bredere beleid op het terrein van onderwijsachterstanden. Deze beleidsnota voor VVE 2017 is vastgesteld in februari 2017 en bevat onder meer de voorgenomen VVE-beleid voor 2017. In deze beleidsnota zijn naast enkele aanpassingen ook andere onderdelen van het onderwijsachterstandenbeleid aan de orde gekomen, zoals NT2-onderwijs en laaggeletterdheid.

De harmonisatie van het peuterspeelzaalwerk en de kinderopvang per 1 januari 2018 vraagt om nieuw beleid. Het beleid inzake de harmonisatie is na uitvoerig overleg tussen de gemeente en SPOM Peuterspeelzalen West Maas en Waal tot stand gekomen en is in september 2017 door de raad vastgesteld.

Financiële onderbouwing en uitvoering van het opleidingsplan

Het opleidingsplan voor VVE in 2018 is niet alleen een wettelijk verplichting, maar ook een financieel kostbaar initiatief. De bijscholing van pedagogische medewerkers vraagt om aanzienlijke investeringen, zowel in tijd als in geld. De gemeente Valkenswaard heeft er daarom voor gekozen om extra middelen te investeren in het VVE-beleid, met het oog op de harmonisatie van de kinderopvang en de peuterspeelzalen per 1 januari 2018.

In overleg met de organisaties voor kinderopvang en het basisonderwijs is afgesproken dat deze extra middelen worden ingezet voor de scholing van pedagogisch medewerkers van VVE-locaties naar het wettelijk vereiste 3F-taalniveau. Daarnaast wordt het budget gebruikt voor het versterken van het signaleren, bereik, toeleiden en registreren van doelgroepkinderen naar VVE-locaties.

De deelname aan het VVE-programma moet voor ouders financieel aantrekkelijk en betaalbaar blijven. Om die reden betalen ouders van doelgroepkinderen slechts een geringe eigen bijdrage per jaar voor een kind dat VVE volgt. De overige kosten komen voor rekening van de gemeente.

In Valkenswaard is het opleidingsplan voor VVE in 2018 daardoor ook een deel van het bredere financieringsplan voor onderwijsachterstandenbeleid. De gemeente stelt extra budget beschikbaar om het VVE-beleid een impuls te geven. Deze extra middelen worden gebruikt om de bijscholing van medewerkers mogelijk te maken en de kwaliteit van het VVE-aanbod te verhogen.

Conclusie

Het opleidingsplan voor VVE in 2018 is een essentieel onderdeel van het bredere beleid rondom onderwijsachterstanden. De wettelijke verplichting, die is opgenomen in de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK), stelt duidelijke eisen aan de bijscholing van pedagogische medewerkers. Deze eisen zijn geformuleerd in het kader van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie (Bkve), dat duidelijke kwaliteitseisen stelt aan kinderopvanginstellingen.

Het opleidingsplan voor VVE in 2018 is ontwikkeld in nauw overleg met kinderopvangorganisaties en basisscholen. De kerncomponenten van het plan zijn gericht op het behoud van kwaliteit in de VVE-dienstverlening en het versterken van de professionele vaardigheden van medewerkers. Deze componenten zijn vastgelegd in het opleidingsplan en worden jaarlijks bijgesteld op basis van de wettelijke verplichtingen en de behoeften van de organisatie.

In Valkenswaard is het opleidingsplan voor VVE in 2018 opgenomen in het VVE-beleidsplan voor de jaren 2020 en verder. De gemeente heeft er voor gekozen om extra middelen te investeren in het VVE-beleid, met het oog op de harmonisatie van de kinderopvang en de peuterspeelzalen per 1 januari 2018. Deze investeringen zijn gericht op de scholing van medewerkers en de versterking van het VVE-aanbod.

Het opleidingsplan voor VVE in 2018 is dus niet alleen een wettelijke verplichting, maar ook een strategische keuze om de kwaliteit van de VVE-dienstverlening te verhogen en de ontwikkeling van jonge kinderen te stimuleren. De uitvoering van het opleidingsplan is een belangrijk onderdeel van het bredere beleid rondom onderwijsachterstanden en is essentieel voor het bereiken van de doelstellingen van het VVE-beleid.

Bronnen

  1. VVE Beleid 2020-2021, Gemeente Valkenswaard
  2. VVE borgingsmodules, Training SPiEKR
  3. VVE beleidsnota 2017, Gemeente West Maas en Waal

Related Posts