Praktijkexamen Ontwikkelingsgericht Werken in de VVE: Aanbod, Einddoelen en Kwaliteitsborging

Inleiding

Ontwikkelingsgericht werken in de Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) is tegenwoordig een essentieel onderdeel van de professionalisering van pedagogisch medewerkers in de kinderopvang. De Wet Inschakeling Kwaliteit Kinderopvang (Wet IKK) stelt duidelijke kwaliteitsnormen en eisen aan het werk in VVE-groepen, waardoor het noodzakelijk is dat pedagogisch medewerkers aanvullende scholing volgen. Deze cursussen en bijscholingen zijn ontworpen om professionals kennis en vaardigheden bij te brengen die specifiek van toepassing zijn op jonge kinderen in de leeftijd van 2 tot en met 6 jaar.

Het praktijkexamen binnen deze scholingsprogramma’s speelt een centrale rol in het certificeren van de kwalificatie van medewerkers. Het examen is gericht op het toepassen van theorie in de praktijk en dient als afsluiting van het leerproces. In dit artikel worden de inhoud, structuur en eisen van het praktijkexamen ontwikkelingsgericht werken in de VVE beschreven, op basis van de beschikbare informatie uit diverse scholingsaanbieders en instellingen in Nederland.

Structuur van het praktijkexamen

Het praktijkexamen is een onderdeel van het MBO keuzedeel Ontwikkelingsgericht werken in de VVE (code K0388). Dit keuzedeel maakt deel uit van het reguliere opleidingsprogramma voor pedagogisch medewerkers en is tevens beschikbaar als aparte scholing voor medewerkers die al een basisopleiding hebben gevolgd.

1. Praktijkopdrachten

Volgens meerdere bronnen is het praktijkexamen niet los van de scholing te zien, maar vormt het een logische afsluiting van het leertraject. De deelnemers voeren gedurende de cursusperiode meerdere praktijkopdrachten uit op een locatie die erkend is voor het VVE-programma. Deze opdrachten zijn bedoeld om de theorie te verwerken en in te praktijk te brengen.

De opdrachten omvatten bijvoorbeeld het ontwikkelen van een speel- en leeromgeving die aansluit bij de ontwikkelingsdoelen van kinderen in de VVE-groep, of het opstellen van een plan voor interactie en observatie. De VVE-docent beoordeelt deze opdrachten en geeft feedback.

2. Examinering en certificering

Na afronding van de e-learning en de praktijkopdrachten volgt het examen. Het examen bestaat uit een praktijkgerichte toets waarin de deelnemers laten zien dat zij in staat zijn om de leerdoelen van de cursus in de praktijk toe te passen. Het examen wordt beoordeeld door een erkend docent of examinator.

Bij succesvol afronden van het keuzedeel ontvangt de deelnemer een erkend MBO-keuzedeelcertificaat. Dit certificaat is een voorwaarde om in een VVE-groep tewerk te kunnen, mits de deelnemer daarnaast ook 5 uur coaching on the job heeft gehad van een pedagogisch coach.

3. Stage- en praktijkervaring

Een van de voorwaarden voor het volgen van het praktijkexamen is het uitvoeren van een stage of het werken in een erkend leerbedrijf. De stage moet minimaal 55 uur duren, volgens één van de bronnen. Tijdens de stage moeten de deelnemers praktijkopdrachten uitvoeren die aansluiten op de leerdoelen van de cursus.

Het is belangrijk dat de stageplek of werkplek erkend is. De erkendheid van het leerbedrijf kan worden gecontroleerd via externe platforms zoals Stagemarkt.nl. Deelnemers die geen stageplek hebben die voldoet aan deze eisen, kunnen eventueel een alternatieve locatie in overleg met de opleider zoeken.

Inhoud van het praktijkexamen

Het praktijkexamen richt zich op een aantal kerngebieden die essentieel zijn voor het ontwikkelingsgericht werken in de VVE. Deze gebieden zijn afgeleid uit de leerdoelen van de cursussen en de wettelijke eisen van de CAO-kinderopvang. De deelnemers moeten demonstreren dat ze in staat zijn om deze kennis in de praktijk toe te passen.

1. Interactievaardigheden

Een van de centrale thema’s in het VVE-programma is de interactie tussen pedagogisch medewerkers en kinderen. De deelnemers leren hoe ze met kinderen kunnen omgaan op een manier die aansluit bij hun ontwikkelingsniveau. Dit betreft zowel lichamelijk contact, non-verbale communicatie als het inzetten van gesprekken om het kind in zijn of haar ontwikkeling te ondersteunen.

Tijdens het praktijkexamen wordt gekeken of de deelnemers in staat zijn om deze interactie in de praktijk goed te laten zien. Bijvoorbeeld door te laten zien dat ze in staat zijn om met kinderen te spelen, hun activiteiten te stimuleren en te observeren op een manier die gericht is op de individuele ontwikkeling van het kind.

2. Observatietechnieken

Een belangrijk onderdeel van het ontwikkelingsgericht werken is het observeren van kinderen. De pedagogisch medewerkers leren hoe ze kinderen kunnen observeren op een systematische en betrouwbare manier. Dit omvat het opmerken van gedragingen, het vastleggen van observaties en het interpreteren van die observaties in het licht van de ontwikkelingsdoelen van het kind.

Het praktijkexamen beoordeelt of de deelnemers deze technieken in de praktijk goed kunnen toepassen. Bijvoorbeeld door een observatie van een kind vast te leggen en op basis daarvan een plan te ontwikkelen voor verder ontwikkelingsgericht werken.

3. Uitdagende speel- en leeromgeving

Een ander kernthema is het creëren van een speel- en leeromgeving die aansluit bij de ontwikkelingsdoelen van jonge kinderen. De deelnemers leren hoe ze een omgeving kunnen opzetten die zowel veilig is als uitdagend en ondersteunend voor de ontwikkeling van kinderen.

Tijdens het praktijkexamen wordt gekeken of de deelnemers in staat zijn om een dergelijke omgeving te creëren en te documenteren. Bijvoorbeeld door te laten zien dat ze een speelactiviteit kunnen plannen die gericht is op de sociale, emotionele of cognitieve ontwikkeling van kinderen.

4. Samenwerking met de omgeving van het kind

Het VVE-programma benadrukt ook de belangrijkheid van samenwerking met de directe omgeving van het kind, zoals ouders, andere pedagogisch medewerkers en externe professionals. De deelnemers leren hoe ze communiceren met deze partijen en hoe ze samenwerkingen kunnen opbouwen die het kind in zijn of haar ontwikkeling ondersteunen.

Het praktijkexamen beoordeelt of de deelnemers in staat zijn om dergelijke samenwerkingen te organiseren en te documenteren. Bijvoorbeeld door te laten zien dat ze een gesprek met een ouder kunnen voeren over de ontwikkeling van het kind, of dat ze een plan kunnen opstellen voor samenwerking met een therapeut.

Aanvullende eisen en voorwaarden

Om het praktijkexamen te kunnen afleggen, zijn er een aantal aanvullende eisen en voorwaarden. Deze zijn afgeleid uit de wettelijke kaders zoals de Wet IKK en de CAO-kinderopvang, evenals de inhoud van de cursussen.

1. Nederlands 3F

Een van de voorwaarden is dat de deelnemers op minstens Nederlands niveau 3F zijn. Dit betreft de onderdelen lezen, luisteren, spreken en gesprekken. Als de deelnemer dit niveau niet heeft, kan de scholing worden gecombineerd met een nascholing Nederlands 3F.

2. Coaching on the job

Na het behalen van het MBO-keuzedeelcertificaat is het verplicht dat de deelnemer 5 uur coaching on the job ontvangt van een pedagogisch coach. Deze coaching is bedoeld om de theorie en kennis verder te verwerken in de praktijk en om het medewerker beter voor te bereiden op het werken in een VVE-groep.

3. Bijscholingen en nascholingen

Voor sommige medewerkers is het mogelijk om de cursus als bijscholing te volgen. Dit is het geval voor professionals die al een basisopleiding hebben gevolgd, maar nog geen ervaring hebben in de VVE. De duur van de bijscholing is afhankelijk van de cursusvariant. Sommige varianten duren 12 weken en bestaan uit 12 bijeenkomsten, terwijl andere varianten kortere duur hebben.

Kosten en financiering

De kosten van het praktijkexamen en de scholing variëren afhankelijk van de cursusvariant en de opleider. De beschikbare informatie geeft aan dat de kosten tussen €450,- en €895,- per persoon kunnen variëren, afhankelijk van het aantal bijeenkomsten en de structuur van de cursus.

1. Cursusvarianten

  • ROC Rivor: €450,- per persoon, met 2 bijeenkomsten van 3 uur en 1 praktijkopdracht.
  • Variva: €509,- inclusief les- en examengeld.
  • DNA Next: K0388 als cursuscode.
  • Noorderpoort: €895,- per persoon voor een 12- weken cursus met 12 bijeenkomsten.

2. Korting

Voor groepen die tegelijk aanmelden zijn kortingen mogelijk (25-40%). Dit geldt bijvoorbeeld bij ROC Rivor, waarbij bij aanmelding van een complete groep kortingen tot 40% mogelijk zijn.

3. Financiering

In sommige gevallen is het mogelijk om de cursus en het praktijkexamen te financieren via de werkgever of via een opleidingsaansluiting. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij werkgevers die een opleidingsbudget hebben of die het cursusaanbod als onderdeel van hun personeelsontwikkeling beschouwen.

Locaties en data

De cursussen en bijscholingen worden aangeboden in verschillende regio’s in Nederland. De beschikbare data zijn afhankelijk van de opleider en variëren per jaar.

1. Locaties

  • ROC Rivor: Groningen, Diamantlaan 16, Noorderpoort.
  • Variva: Online cursus, met online bijeenkomsten.
  • DNA Next: Beschikbaar via hun platform.
  • Noorderpoort: Assen, Meppel, Groningen, Emmen.

2. Startdata

  • ROC Rivor: 17 november 2025.
  • Noorderpoort: Startdata variëren per cursusvariant.
  • Variva: Online, beschikbaar op meerdere data.

Deelnemers kunnen bij gebrek aan passende data of locatie contact opnemen met de opleider om alternatieve data of locaties te bespreken.

Conclusie

Het praktijkexamen ontwikkelingsgericht werken in de VVE is een essentieel onderdeel van de professionalisering van pedagogisch medewerkers in de kinderopvang. Het examen maakt deel uit van het MBO keuzedeel K0388 en beoordeelt de praktijkgerichte vaardigheden van de deelnemers in een aantal kerngebieden zoals interactievaardigheden, observatietechnieken, speel- en leeromgeving en samenwerking met de omgeving van het kind.

De structuur van het examen is duidelijk gedefinieerd en sluit nauw aan bij de leerdoelen van de cursus. De deelnemers voeren gedurende de cursusperiode praktijkopdrachten uit, die door een docent worden beoordeeld. Na afronding van de cursus en de e-learning volgt het examen, waarna de deelnemers een erkend MBO-keuzedeelcertificaat ontvangen, mits ze daarnaast ook 5 uur coaching on the job hebben gehad.

Het praktijkexamen is niet alleen een afsluiting van het leerproces, maar ook een kwaliteitsborging voor kinderopvangorganisaties. Het certificaat zorgt ervoor dat pedagogisch medewerkers in staat zijn om op een professionele en effectieve manier te werken in VVE-groepen. Daarnaast bieden de cursussen een uitgebreid scholingsaanbod dat zowel theoretische als praktische kennis biedt en die aansluiten bij de wettelijke eisen van de Wet IKK en de CAO-kinderopvang.

De beschikbaarheid van meerdere opleiders en cursusvarianten zorgt ervoor dat het scholingsaanbod toegankelijk is voor een breed publiek. De kosten variëren afhankelijk van de cursusvariant en kunnen in sommige gevallen verlaagd worden bij groepsaanmeldingen. De locaties en startdata zijn flexibel en kunnen worden aangepast aan de behoeften van de deelnemers.

In conclusie speelt het praktijkexamen een centrale rol in het professionaliseren van pedagogisch medewerkers in de VVE. Het is een logische afsluiting van het leerproces en een bewijs van kwaliteit voor zowel de medewerker als de kinderopvangorganisatie.

Bronnen

  1. ROC Rivor - Ontwikkelingsgericht Werken in de VVE
  2. Curio.nl - Voor- en Vroegschoolse Educatie
  3. Variva.nl - Bijscholing Kinderopvang VVE
  4. DNA-Next.nl - Ontwikkelingsgericht Werken in de VVE (K0388)
  5. Kinderopvang-Werkt.nl - Trainingen en Opleidingen
  6. ExameninstrumentenMBO.nl - Keuzedelen Code K0388

Related Posts