Inleiding
Startblokken van Basisontwikkeling is een pedagogisch werkplan dat gericht is op de brede ontwikkeling van jonge kinderen, van 0 tot 8 jaar. Het model is ontworpen om onderwijs- en ontwikkelachterstanden te voorkomen of te verminderen door middel van doelgerichte interventies in de vorm van begeleid spel en thematische activiteiten. Het programma is gericht op kinderen in de kinderopvang, voorschoolse opvang en in de onderbouw van de basisschool, met name voor kinderen die een risico lopen op onderwijsachterstand.
Startblokken is onderdeel van een bredere context van voor- en vroegschoolse educatie (VVE), waarin het voorkomen van onderwijsachterstanden een belangrijke rol speelt. Het programma is erkend als een integraal VVE-programma en voldoet aan kwaliteitseisen zoals die worden gesteld in de Almeerse standaard. Het model is theoretisch onderbouwd en richt zich op de ontwikkelingsdomeinen van taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek.
Het pedagogisch werkplan Startblokken is gecombineerd met een certificeringstraject voor pedagogisch medewerkers en leerkrachten. Deze trainingen zijn bedoeld om professionals te bekwamen in het ontwerpen van activiteiten en het begeleiden van jonge kinderen in hun ontwikkeling. De training omvat zowel theoretische componenten als praktische toepassing in de werkelijke opvangsetting.
In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de kern van het Startblokken-programma, het certificeringstraject, de inhoud van de activiteiten en de rol van het programma in de bredere context van VVE. Daarnaast wordt ingegaan op de kwaliteitseisen en het hercertificeringstraject dat verbonden is aan het programma.
Het Doel en Doelgroep van Startblokken
Startblokken van Basisontwikkeling is ontworpen als een interventieprogramma om onderwijs- en ontwikkelachterstanden bij jonge kinderen te voorkomen of te verminderen. Het programma is gericht op kinderen tussen 0 en 8 jaar, met name op kinderen die in de kinderopvang, voorschoolse opvang of in de onderbouw van de basisschool actief zijn. Het programma is bedoeld voor kinderen die risico lopen op onderwijsachterstand, zoals kinderen met praktisch opgeleide ouders, kinderen waarvan het Nederlands niet de moedertaal is, en kinderen met een taalachterstand.
Het doel van het programma is de voorkoming van problemen. Het model werkt met een groepsgerichte aanpak, wat betekent dat activiteiten worden ontworpen die aansluiten bij de behoeften van een groep kinderen. De interventie is onderdeel van de bredere context van voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en wordt uitgevoerd in de kinderopvang en op de school. Het programma is erkend als een integraal VVE-programma, wat betekent dat het gericht is op een breed ontwikkelingsveld en meerdere aspecten van de ontwikkeling tegelijk benadrukt.
Het programma is theoretisch onderbouwd, maar er is geen onderzoek naar de effectiviteit van het model gedaan. Dit betekent dat er geen duidelijke bewijzen zijn dat het programma effectief werkt. Toch is het programma op basis van de theoretische onderbouwing als een geldig interventiemodel te beschouwen. Het model is ontworpen om kinderen te ondersteunen in hun ontwikkeling door middel van thema’s, begeleid spel en doelgerichte activiteiten.
De doelgroep van het programma is dus een specifieke, kwetsbare groep kinderen die risico lopen op onderwijsachterstand. Het programma biedt ondersteuning in de vorm van doelgerichte activiteiten die aansluiten bij de leefwereld en de interesses van deze kinderen.
De Aanpak van Startblokken
Startblokken van Basisontwikkeling is een pedagogisch werkplan dat gericht is op het stimuleren van de brede ontwikkeling van jonge kinderen. De kern van de aanpak is het ontwerpen van betekenisvolle activiteiten en het begeleiden van kinderen in hun spel en andere kernactiviteiten. Hierbij wordt afgestemd op de leefwereld van kinderen en wordt gebruikgemaakt van thema’s die aansluiten bij hun belevingswereld, ontstaan uit hun verhalen en interesses.
Een belangrijk aspect van de aanpak is het creëren van een rijke speelleeromgeving. Dit houdt in dat de opvangsetting is ingericht zodanig dat kinderen zich kunnen ontplooien in een omgeving die rijk is aan mogelijkheden voor ontdekken, experimenteren en leren. De aanpak is doelgericht, wat betekent dat activiteiten en interventies zijn opgebouwd rondom specifieke ontwikkelingsdoelen. Deze doelen zijn gericht op de vier ontwikkelingsdomeinen: taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek.
Het model werkt met een groepsgerichte aanpak, waarin activiteiten zijn ontworpen die aansluiten bij de behoeften van een groep kinderen. Deze aanpak houdt rekening met de diverse ontwikkelingsniveaus binnen een groep en stimuleert interactie tussen kinderen. De aanpak is gericht op het bevorderen van onderlinge betrokkenheid, waardoor kinderen leren samenwerken, omgaan met verschillen en sociale vaardigheden ontwikkelen.
De aanpak van Startblokken is theoretisch onderbouwd, maar er is geen onderzoek naar de effectiviteit van het model uitgevoerd. Dit betekent dat het model als een geldige interventie kan worden gezien op basis van de theoretische onderbouwing, maar dat er geen concrete bewijzen zijn dat het model effectief werkt. Toch wordt het model als een waardevolle aanpak beschouwd, gezien de aandacht voor de individuele ontwikkelingsprocessen van kinderen en de doelgerichte werkwijze.
Het model is onderdeel van de bredere context van voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en voldoet aan de kwaliteitseisen die in de Almeerse standaard worden gesteld. Het programma is erkend als een integraal VVE-programma, wat betekent dat het gericht is op een breed ontwikkelingsveld en meerdere aspecten van de ontwikkeling tegelijk benadrukt.
De Training voor Startblokken
De toepassing van Startblokken van Basisontwikkeling vereist een specifieke training voor pedagogisch medewerkers en leerkrachten. Deze training is ontworpen om professionals te bekwamen in het ontwerpen van activiteiten en het begeleiden van jonge kinderen in hun ontwikkeling. Het certificeringstraject omvat zowel theoretische componenten als praktische toepassing in de werkelijke opvangsetting.
Het traject duurt twee jaar en bestaat uit zestien inhoudelijke bijeenkomsten, waarin deelnemers theorie en praktijk combineren. Daarnaast zijn er zestien groepsbezoeken met nagesprekken per deelnemer, waarbij de begeleidingsvaardigheden van de deelnemers worden versterkt in de praktijk. Een belangrijk onderdeel van het traject is het opbouwen van een individueel portfolio, waarin deelnemers hun eigen ontwikkeling beschrijven. Het portfolio wordt gebruikt om de voortgang van de deelnemers te documenteren en als onderdeel van de eindbeoordeling van het traject.
De training is bedoeld voor pedagogisch medewerkers, VVE-coördinatoren en leerkrachten in groep 1 en 2. Het traject is op MBO-werk- en denkniveau en richt zich op het ontwikkelen van specifieke vaardigheden, zoals het ontwerpen van thema’s die aansluiten bij de leefwereld van kinderen, het creëren van een rijke speelleeromgeving, het versterken van interactievaardigheden en het handelingsgericht observeren van de ontwikkeling van kinderen.
De tijdsinvestering van het traject is 64 contacturen, verdeeld over 48 uren training en 16 uren coaching. Daarnaast is er 16 uur zelfstudie voor het opbouwen en maken van het portfolio en het lezen van literatuur. Tijdens het traject worden deelnemers gestimuleerd om in de praktijk te oefenen met het ontwerpen van ontwikkelingsgericht en passend doelgericht aanbod. Op het einde van het traject ontvangen deelnemers een certificaat, mits het portfolio als voldoende wordt beoordeeld en de deelnemers aanwezig zijn geweest.
Daarnaast is er ook een KOP-training Startblokken beschikbaar voor pedagogisch medewerkers die al de basistraining VVE met succes hebben gevolgd. Deze training bestaat uit zes trainingsbijeenkomsten, vijf individuele coaching sessies en praktijkopdrachten. Deze training is gericht op het verdiepen van de kennis en vaardigheden die zijn opgedaan tijdens het certificeringstraject.
De Opbrengst van de Training
Het certificeringstraject Startblokken van Basisontwikkeling is ontworpen om pedagogisch medewerkers en leerkrachten te bekwamen in het ontwerpen van activiteiten en het begeleiden van jonge kinderen in hun ontwikkeling. De opbrengst van het traject is dat deelnemers leren jonge kinderen ontwikkelingsgericht te begeleiden met het Startblokken-programma. Ze ontwikkelen vaardigheden die gericht zijn op het ontwerpen van thema’s die aansluiten bij de leefwereld van kinderen, het creëren van een rijke speelleeromgeving, het versterken van interactievaardigheden en het handelingsgericht observeren van de ontwikkeling van kinderen.
Een belangrijk onderdeel van de opbrengst is dat deelnemers leren actief deel te nemen aan spel en andere kernactiviteiten. Hierdoor kunnen zij kinderen beter ondersteunen in hun ontwikkeling en aansluiten bij hun behoeften en interesses. De opbrengst van het traject is ook gericht op het plannen van een passend vervolgaanbod op basis van observaties. Hierdoor kunnen pedagogisch medewerkers en leerkrachten een doelgericht en passend aanbod opstellen dat aansluit bij de ontwikkelingsbehoeften van kinderen.
De opbrengst van het traject is niet alleen gericht op het ontwikkelen van vaardigheden, maar ook op het versterken van eigen professionaliteit. Deelnemers leren zichzelf te reflecteren op hun eigen werkwijze en te verbeteren. Ze ontwikkelen ook vaardigheden in het werken met een portfolio, waarin ze hun eigen ontwikkeling kunnen documenteren. Dit portfolio wordt gebruikt als onderdeel van de eindbeoordeling van het traject en is een waardevolle tool om de voortgang van de deelnemers te documenteren.
De opbrengst van het traject is ook gericht op het bevorderen van kwaliteit in de voor- en vroegschoolse educatie. Deelnemers leren kwaliteitsaspecten van het Startblokken-programma en passen deze toe in de praktijk. Hierdoor bijdragen zij aan een hogere kwaliteit van de opvangsetting en een effectieve interventie voor kinderen die risico lopen op onderwijsachterstand.
De Kwaliteitseisen van Startblokken
Startblokken van Basisontwikkeling voldoet aan de kwaliteitseisen die in de bredere context van voor- en vroegschoolse educatie (VVE) worden gesteld. Het programma is onderdeel van een standaard die in de Almeerse gemeente is ontwikkeld en wordt gebruikt als richtlijn voor de praktijk van VVE-coaches. Deze standaard bevat een reeks kwaliteitseisen die gericht zijn op het voorkomen van onderwijsachterstanden en het stimuleren van de brede ontwikkeling van jonge kinderen.
Een belangrijk aspect van de kwaliteitseisen is het gebruik van een VVE-programma dat gericht is op de vier ontwikkelingsdomeinen: taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek. Startblokken is onderdeel van deze programma’s en voldoet aan de kwaliteitseisen die voor deze programma’s zijn gesteld. Het programma is erkend als een integraal VVE-programma, wat betekent dat het gericht is op een breed ontwikkelingsveld en meerdere aspecten van de ontwikkeling tegelijk benadrukt.
Een andere kwaliteitseis is het gebruik van een kindvolgsysteem, dat op elk VVE-locatie wordt gebruikt. Dit systeem is ontworpen om de brede ontwikkeling van kinderen te volgen en te documenteren. Het kindvolgsysteem is een leidraad voor de praktijk van VVE-coaches en wordt gebruikt om kwaliteitsaspecten van het VVE-programma te beoordelen. Het systeem bevat negen principes, waaronder het pedagogisch handelen en diverse aspecten van opbrengstgericht werken, zoals het volgen van de brede ontwikkeling van kinderen en het afstemmen op de ontwikkeling van kinderen.
De kwaliteitseisen zijn ook gericht op het gebruik van een Kijkwijzer VVE, die is ontwikkeld in de Almeerse gemeente. Deze kijkwijzer is een leidraad voor de praktijk van stedelijke hbo-coaches en bevat een observatielijst die wordt gebruikt om kwaliteitsaspecten van het VVE-programma te beoordelen. De kijkwijzer bevat aandacht voor het pedagogisch handelen en diverse aspecten van opbrengstgericht werken, zoals het volgen van de brede ontwikkeling van kinderen en het afstemmen op de ontwikkeling van kinderen.
De kwaliteitseisen zijn een belangrijk onderdeel van het Startblokken-programma en worden gebruikt als richtlijn voor de praktijk van pedagogisch medewerkers en leerkrachten. Door het volgen van deze kwaliteitseisen wordt ervoor gezorgd dat het programma op een hogere kwaliteit wordt uitgevoerd en dat de doelen van het programma worden bereikt. Het programma is ontworpen om onderwijs- en ontwikkelachterstanden bij jonge kinderen te voorkomen of te verminderen, en de kwaliteitseisen helpen om dit doel te bereiken.
De Rol van het Startblokken-programma in de VVE-context
Startblokken van Basisontwikkeling speelt een centrale rol in de bredere context van voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Het programma is ontworpen om onderwijs- en ontwikkelachterstanden bij jonge kinderen te voorkomen of te verminderen, en vormt dus een belangrijk onderdeel van de VVE-strategie. Het programma is onderdeel van een bredere context van VVE, waarin het voorkomen van onderwijsachterstanden een belangrijke rol speelt. Het programma is erkend als een integraal VVE-programma, wat betekent dat het gericht is op een breed ontwikkelingsveld en meerdere aspecten van de ontwikkeling tegelijk benadrukt.
Een belangrijk aspect van het Startblokken-programma in de VVE-context is het werken met een kindvolgsysteem. Dit systeem is ontworpen om de brede ontwikkeling van kinderen te volgen en te documenteren. Het kindvolgsysteem is een leidraad voor de praktijk van VVE-coaches en wordt gebruikt om kwaliteitsaspecten van het VVE-programma te beoordelen. Het systeem bevat negen principes, waaronder het pedagogisch handelen en diverse aspecten van opbrengstgericht werken, zoals het volgen van de brede ontwikkeling van kinderen en het afstemmen op de ontwikkeling van kinderen.
Het Startblokken-programma is ook onderdeel van een bredere context van VVE, waarin het gebruik van een Kijkwijzer VVE een belangrijke rol speelt. Deze kijkwijzer is ontwikkeld in de Almeerse gemeente en wordt gebruikt als richtlijn voor de praktijk van stedelijke hbo-coaches. De kijkwijzer bevat een observatielijst die wordt gebruikt om kwaliteitsaspecten van het VVE-programma te beoordelen. De kijkwijzer bevat aandacht voor het pedagogisch handelen en diverse aspecten van opbrengstgericht werken, zoals het volgen van de brede ontwikkeling van kinderen en het afstemmen op de ontwikkeling van kinderen.
Het Startblokken-programma is ontworpen om onderwijs- en ontwikkelachterstanden bij jonge kinderen te voorkomen of te verminderen, en vormt dus een belangrijk onderdeel van de VVE-strategie. Het programma is onderdeel van een bredere context van VVE, waarin het voorkomen van onderwijsachterstanden een belangrijke rol speelt. Het programma is erkend als een integraal VVE-programma, wat betekent dat het gericht is op een breed ontwikkelingsveld en meerdere aspecten van de ontwikkeling tegelijk benadrukt.
De Aanvullende Trainingen en Projecten van Stichting Aanzet
Naast de basisopleiding Startblokken van Basisontwikkeling biedt Stichting Aanzet ook een reeks aanvullende trainingen en projecten aan, gericht op het verdiepen en verrijken van de kennis en vaardigheden van pedagogisch medewerkers. Deze trainingen zijn ontworpen om professionals te bekwamen in specifieke aspecten van de voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en te versterken in hun praktijk.
Een van de aanvullende trainingen is "VVE Totaal!", een totaalprogramma dat specifiek gericht is op VVE en biedt verdere ontwikkeling en verdieping van de vaardigheden van pedagogisch medewerkers. Deze training richt zich op het versterken van het pedagogisch handelen en het bevorderen van kwaliteit in de voor- en vroegschoolse educatie. Het programma is ontworpen om professionals te bekwamen in het ontwerpen van activiteiten en het begeleiden van jonge kinderen in hun ontwikkeling.
Een andere training is "KIJK!", een observatie- en registratiemodel dat pedagogisch medewerkers helpt om het aanbod te laten aansluiten op de ontwikkelingsbehoeften van kinderen. Deze training is ontworpen om professionals te bekwamen in het observeren en registreren van de ontwikkeling van kinderen en te versterken in het plannen van een passend vervolgaanbod. Het model is gebaseerd op een reeks principes en richt zich op het bevorderen van kwaliteit in de voor- en vroegschoolse educatie.
De training "Knap lastig!" biedt handvatten aan pedagogisch medewerkers om in de buitenschoolse opvang om te gaan met "lastig" of zelfs “knap lastig” gedrag van kinderen. Deze training is ontworpen om professionals te bekwamen in het begeleiden van kinderen met gedragsproblemen en te versterken in het werken met kinderen in een groep. Het programma is gericht op het voorkomen van problemen en het bevorderen van kwaliteit in de buitenschoolse opvang.
Een aanvullende training is "TINK", een model dat gericht is op het observeren en registreren van de ontwikkeling van kinderen. Deze training is ontworpen om professionals te bekwamen in het observeren en registreren van de ontwikkeling van kinderen en te versterken in het plannen van een passend vervolgaanbod. Het model is gebaseerd op een reeks principes en richt zich op het bevorderen van kwaliteit in de voor- en vroegschoolse educatie.
Deze aanvullende trainingen en projecten vormen een waardevolle aanvulling op de basisopleiding Startblokken van Basisontwikkeling. Ze helpen pedagogisch medewerkers om zich te verdiepen in specifieke aspecten van de voor- en vroegschoolse educatie en te versterken in hun praktijk. De trainingen zijn ontworpen om professionals te bekwamen in het ontwerpen van activiteiten en het begeleiden van jonge kinderen in hun ontwikkeling en te versterken in het werken met kinderen in een groep.
De Herbeoordeling en Verder Ontwikkeling van Startblokken
Sinds 2015 is een hercertificeringstraject verplicht voor het behoud van het VVE-certificaat Startblokken van Basisontwikkeling. Dit traject is ontworpen om pedagogisch medewerkers op de hoogte te houden van de nieuwste inzichten en te versterken in hun inhoudelijke kennis en eigen vaardigheden. Het traject is een aanvullende maatregel op het basisopleidingstraject en richt zich op het verder ontwikkelen van de kennis en vaardigheden van pedagogisch medewerkers.
Het hercertificeringstraject is over een periode van drie jaar verplicht. Tijdens deze periode zijn deelnemers verplicht om één bijeenkomst over observeren en registreren te volgen. Daarnaast kunnen zij kiezen uit twee van de volgende bijeenkomsten:
- Verdieping en verbreding in het observeren en registeren.
- Ouderbetrokkenheid en VVE.
- Een rijke speelleeromgeving.
- Ontwikkelingsgericht werken.
- Interactievaardigheden.
- Buitenspel.
Deze bijeenkomsten zijn ontworpen om professionals te bekwamen in specifieke aspecten van de voor- en vroegschoolse educatie en te versterken in hun praktijk. De bijeenkomsten richten zich op het verder ontwikkelen van de kennis en vaardigheden van pedagogisch medewerkers en zijn een waardevolle aanvulling op het basisopleidingstraject.
Het hercertificeringstraject is een verplichte maatregel om het certificaat Startblokken van Basisontwikkeling te behouden. Het traject is ontworpen om pedagogisch medewerkers op de hoogte te houden van de nieuwste inzichten en te versterken in hun inhoudelijke kennis en eigen vaardigheden. Het traject is een aanvullende maatregel op het basisopleidingstraject en richt zich op het verder ontwikkelen van de kennis en vaardigheden van pedagogisch medewerkers.
Het hercertificeringstraject is een belangrijk onderdeel van het Startblokken-programma en vormt een waardevolle aanvulling op het basisopleidingstraject. Het traject helpt pedagogisch medewerkers om zich te blijven ontwikkelen in hun vakgebied en te versterken in hun praktijk. De bijeenkomsten zijn ontworpen om professionals te bekwamen in specifieke aspecten van de voor- en vroegschoolse educatie en te versterken in het werken met kinderen in een groep.
Conclusie
Startblokken van Basisontwikkeling is een pedagogisch werkplan dat gericht is op de brede ontwikkeling van jonge kinderen en het voorkomen van onderwijs- en ontwikkelachterstanden. Het programma is ontworpen om kinderen tussen 0 en 8 jaar te ondersteunen in hun ontwikkeling door middel van thema’s, begeleid spel en doelgerichte activiteiten. Het programma is onderdeel van de bredere context van voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en voldoet aan kwaliteitseisen die in de Almeerse standaard worden gesteld. Het programma is erkend als een integraal VVE-programma en richt zich op de vier ontwikkelingsdomeinen: taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling en motoriek.
Het programma is theoretisch onderbouwd, maar er is geen onderzoek naar de effectiviteit van het model uitgevoerd. Toch is het programma als een geldig interventiemodel te beschouwen, gezien de aandacht voor de individuele ontwikkelingsprocessen van kinderen en de doelgerichte werkwijze. Het programma is onderdeel van een bredere context van VVE, waarin het voorkomen van onderwijsachterstanden een belangrijke rol speelt. Het programma is ontworpen om onderwijs- en ontwikkelachterstanden bij jonge kinderen te voorkomen of te verminderen, en vormt dus een belangrijk onderdeel van de VVE-strategie.
Het certificeringstraject Startblokken van Basisontwikkeling is ontworpen om pedagogisch medewerkers en leerkrachten te bekwamen in het ontwerpen van activiteiten en het begeleiden van jonge kinderen in hun ontwikkeling. Het traject duurt twee jaar en bestaat uit zestien inhoudelijke bijeenkomsten, zestien groepsbezoeken met nagesprekken en een portfolio-opbouw. Het traject is bedoeld voor pedagogisch medewerkers, VVE-coördinatoren en leerkrachten in groep 1 en 2. De tijdsinvestering is 64 contacturen, verdeeld over 48 uren training en 16 uren coaching. Daarnaast is er 16 uur zelfstudie voor het opbouwen en maken van het portfolio en het lezen van literatuur. Op het einde van het traject ontvangen deelnemers een certificaat, mits het portfolio als voldoende wordt beoordeeld en de deelnemers aanwezig zijn geweest.
Naast het basisopleidingstraject biedt Stichting Aanzet ook een reeks aanvullende trainingen en projecten aan, gericht op het verdiepen en verrijken van de kennis en vaardigheden van pedagogisch medewerkers. Deze trainingen zijn ontworpen om professionals te bekwamen in specifieke aspecten van de voor- en vroegschoolse educatie en te versterken in hun praktijk. De trainingen zijn onderdeel van het bredere context van VVE en vormen een waardevolle aanvulling op het basisopleidingstraject.
Het hercertificeringstraject is verplicht voor het behoud van het VVE-certificaat Startbloken van Basisontwikkeling. Het traject is over een periode van drie jaar verplicht en bestaat uit een bijeenkomst over observeren en registreren en twee bijeenkomsten uit een lijst van mogelijkheden. Het traject is ontworpen om pedagogisch medewerkers op de hoogte te houden van de nieuwste inzichten en te versterken in hun inhoudelijke kennis en eigen vaardigheden. Het traject is een aanvullende maatregel op het basisopleidingstraject en richt zich op het verder ontwikkelen van de kennis en vaardigheden van pedagogisch medewerkers.
Startblokken van Basisontwikkeling is een waardevol programma voor de voor- en vroegschoolse educatie en draagt bij aan de kwaliteit van de opvangsetting. Het programma is onderdeel van een bredere context van VVE en vormt een belangrijk onderdeel van de VVE-strategie. Het programma is ontworpen om onderwijs- en ontwikkelachterstanden bij jonge kinderen te voorkomen of te verminderen en helpt bij het bevorderen van kwaliteit in de voor- en vroegschoolse educatie.