Inleiding
In de context van huizen- en woningbouwprojecten is het begrip "verkorte kinderopvang" steeds relevanter geworden. In combinatie met de vroeg-educatieve aanpak (VVE) vormt dit een strategisch element voor het creëren van leefbare wijkoplossingen waarin kinderen een sterke start krijgen in hun ontwikkeling. De VVE is een onderdeel van het bredere onderwijsachterstandenbeleid van de rijksoverheid, gericht op het voorbereiden van kinderen tussen 2,5 en 4 jaar op het basisonderwijs.
Deze artikel biedt een overzicht van de VVE, de regelingen rondom verkorte kinderopvang, de eisen voor werken in deze context, en hoe deze systemen zich verhouden tot wijkontwikkeling en woningprojecten. Het doel is om professionele betrokkenen – zoals woningcorporaties, gemeenten, en woningbouwprojectontwikkelaars – een feitelijk en juridisch onderbouwd kader te bieden voor het integreren van kinderopvang- en educatieve faciliteiten in hun ontwikkelingen.
Wat is de VVE?
De VVE staat voor vroege educatieve aanpak en is een programma dat gericht is op het voorbereiden van jonge kinderen op het basisonderwijs. Het programma is bedoeld voor kinderen die risico lopen op een ontwikkelingsachterstand, met name in de taalontwikkeling. Deze kinderen ontvangen een intensieve voorschoolse educatie, meestal in de vorm van 960 uren in totaal, verdeeld over bijvoorbeeld 16 uur per week gedurende 40 weken. Deze uren worden aangeboden in een VE-groep, een speciaal ingerichte voorschools educatieve groep binnen een kinderopvang.
De VVE is een onderdeel van de bredere vroeg- en voorschoolse educatie (VE). Hierbij is het doel om kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar extra te ondersteunen in het ontwikkelen van vaardigheden zoals taal, motoriek en sociaal gedrag. Deze aanpak wordt gezien als een voorbereiding op het basisonderwijs, en wordt vaak uitgevoerd in samenwerking met een voorschool.
De VVE is een landelijke maatregel, maar wordt ook uitgevoerd op lokaal niveau. Zo geldt in de gemeente Dronten een specifieke regeling voor VE-peuteropvang en VE-kinderdagopvang. Deze regeling legt onder andere de subsidies vast die worden verleend aan aanbieders die VVE-activiteiten uitvoeren in de gemeente. Hierbij is sprake van een VE-locatie – een kinderopvang die een voorschoolse educatie aanbiedt en aan bepaalde kwaliteitsnormen voldoet.
Verkorte kinderopvang en VVE
Definitie en doel
De verkorte kinderopvang is een vorm van kinderopvang waarbij de kinderen slechts gedeeltelijk in de opvang zijn, bijvoorbeeld vanwege het werken van één ouder of het behoefte aan extra educatief ondersteuning. In combinatie met de VVE wordt deze vorm van opvang gebruikt om kinderen met een risico op ontwikkelingsachterstand extra ondersteuning te bieden, terwijl ook de ouders in staat worden gesteld om te werken.
In de gemeente Dronten is sprake van een specifieke subsidieregeling voor verkorte kinderopvang en VVE. Deze regeling bepaalt hoeveel uren aan VVE-activiteiten kunnen worden verleend, afhankelijk van de leeftijd en de situatie van het kind. Zo geldt voor VE-peuters (kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar die risico lopen op een taalachterstand) een norm van 960 uur per jaar, verdeeld over maximaal 4 dagen per week en 4 uur per dag. Voor reguliere peuters zijn er 320 uur per jaar beschikbaar.
Financiële ondersteuning en subsidie
De gemeente Dronten verleent subsidies aan aanbieders van VVE-activiteiten. Deze subsidies zijn gericht op zowel reguliere peuteropvang als VVE-peuteropvang en VVE-kinderdagopvang. De subsidie wordt betaald aan de aanbieder, en niet direct aan de ouders, wat betekent dat de aanbieder verantwoordelijk is voor het registreren van de uren en het bewaken van de kwaliteit van de zorg. De registratie van de uren moet minimaal zeven jaar worden bewaard en kan op elk moment worden gecontroleerd.
Bij veranderingen in het inkomen van de ouders – bijvoorbeeld door werkloosheid – kan er een overgangsregeling gelden. In dergelijke gevallen kunnen kinderopvanggerechtigden nog gedurende zes maanden aanspraak maken op de Kinderopvangtoeslag, waarna ze in aanmerking komen voor de subsidieregeling peuteropvang.
Toegankelijkheid en doelgroepen
De VVE en de verkorte kinderopvang zijn bedoeld om kinderen een sterke start te bieden in het onderwijs. Het doel is om onderwijsachterstanden te voorkomen of te verkleinen. Daarbij zijn er verschillende doelgroepen:
- VE-peuters: Kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar die risico lopen op een taalachterstand en die door de jeugdgezondheidszorg zijn gesignaleerd.
- Reguliere peuters: Kinderen zonder duidelijke risico, die toch extra ondersteuning kunnen krijgen via de VVE.
- Kinderen in de kinderdagopvang: Voor deze kinderen is er ook een VVE-component mogelijk, met name als de ouders vanwege hun werkzaamheden hun kind gedurende bepaalde uren aan de opvang moeten overlaten.
Aanbieders en kwaliteitsborging
Eindverantwoordelijkheid van de aanbieder
Een belangrijk aspect van de VVE-regeling is de rol van de aanbieder. De aanbieder is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de VVE-activiteiten en het registreren van de uren. Dit betekent dat hij of zij ook verantwoordelijk is voor het beoordelen van of een kind in aanmerking komt voor VVE. De aanbieder moet aan bepaalde kwaliteitsnormen voldoen, zoals het aanwezig zijn van een VE-beleidsmedewerker en een VE-coach. Deze personen zijn verantwoordelijk voor het opstellen van een leertraject en het begeleiden van de medewerkers.
Daarnaast moeten de VVE-locaties werken met specifieke ontwikkelingsprogramma’s, zoals:
- Piramide
- Sporen
- Kaleidoscoop
- Uk & Puk
Deze programma’s zijn speciaal ontworpen om kinderen te ondersteunen in hun ontwikkeling en zijn afhankelijk van de leeftijd en de behoeften van het kind.
Opleiding en kwalificaties
Werkgevers in de VVE-kinderopvang moeten medewerkers aantreden die voldoen aan bepaalde kwalificaties. Er zijn drie opties:
- Pedagogisch medewerker kinderopvang (mbo-3)
- Gespecialiseerd pedagogisch medewerker (mbo-4)
- Onderwijsassistent (mbo-4)
Na afronding van deze opleidingen is er een vermelding op het diploma en de resultatenlijst dat de eisen voor VVE zijn voldaan. Hierbij is geen apart certificaat vereist. Medewerkers kunnen ook los de bijscholing VVE volgen, wat een basisvorming is om te mogen werken op een VVE-locatie.
Daarnaast is het belangrijk dat de medewerkers voldoen aan de taaleisen Nederlands 3F, zoals beschreven in de Wet op de Invulling van het Kwaliteitskader Kinderopvang (IKK) en de taaleisen VVE.
Opleidingen en scholing
Er zijn diverse scholen en opleiders die cursussen aanbieden voor wie wil werken in de VVE. Zo is er een cursus van 12 weken, bestaande uit 12 bijeenkomsten, die gericht is op het ontwikkelingsgericht werken. Tijdens deze cursus leren de deelnemers over interactievaardigheden, observatietechnieken, het creëren van een uitdagende speel- en leeromgeving, en samenwerking met de omgeving van het kind. De cursus is ontworpen om mensen binnen drie maanden volledig bij te scholen tot pedagogisch medewerker in een kinderopvang.
De kosten voor deze cursus zijn € 895 per persoon, en de opleiding kan worden gevolgd in samenwerking met partnerorganisaties zoals SKSG.
VVE en wijkontwikkeling
De integratie van VVE en verkorte kinderopvang in wijkontwikkeling is van groot belang voor het creëren van leefbare en duurzame wijkoplossingen. In het kader van woningprojectontwikkeling is het verstandig om faciliteiten aan te leggen die ondersteuning bieden aan jonge kinderen en hun ouders. Dit kan bijvoorbeeld zijn:
- Voorschoolse educatieve groepen binnen een kinderopvang
- Sociale ruimtes voor ouders
- Beter toegankelijkheid voor kinderopvanglocaties
De VVE is een voorbeeld van hoe kinderopvang en educatie kunnen worden geïntegreerd in woningprojecten. Hierbij is het belangrijk om samen te werken met lokale aanbieders, gemeenten en scholen om ervoor te zorgen dat de faciliteiten voldoen aan de landelijke en lokale eisen.
Juridische en administratieve kaders
De VVE is gereguleerd door verschillende wetten en regelingen, zoals:
- Wet Kinderopvang
- Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie
- Wet op het primair onderwijs
- Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerken
- Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang
Daarnaast is er een Algemene Subsidieverordening (ASV) die geldt voor gemeenten zoals Dronten. Deze verordening regelt hoe subsidies worden verleend aan aanbieders van VVE-activiteiten en welke eisen er voor kwaliteitsborging gelden.
In de gemeente Dronten is er bovendien een Drontense Kwaliteitskader voor VVE, dat in combinatie met de landelijke eisen werkt om zowel de kwaliteit als de toegankelijkheid van VVE te waarborgen. Hierbij is er een nadruk op toegankelijkheid voor de lokale peuterpopulatie.
Praktische toepassing in woningontwikkeling
In de praktijk betekent het omgaan met VVE en verkorte kinderopvang in woningontwikkeling het volgende:
- Ruimtelijke planning: Zorg voor een voldoende aantallen kinderopvanglocaties in de wijk, met name in dichtbevolkte gebieden.
- Kwaliteitsborging: Werk samen met lokale kinderopvangaanbieders om ervoor te zorgen dat de faciliteiten aan de landelijke en lokale eisen voldoen.
- Financiële ondersteuning: Zorg dat de woningcorporatie of ontwikkelaar in staat is om subsidies te verwerken in de kostenberekening van het project.
- Toegankelijkheid: Zorg voor een vloeiende overgang tussen woningprojecten en kinderopvangfaciliteiten, zowel qua locatie als qua financiële toegankelijkheid.
Conclusie
De integratie van verkorte kinderopvang en VVE in wijkontwikkeling is een essentieel onderdeel van de ontwikkeling van leefbare, duurzame en toekomstbestendige wijkoplossingen. De VVE is een landelijke maatregel die gericht is op het voorbereiden van jonge kinderen op het basisonderwijs, met een specifieke focus op het voorkomen van onderwijsachterstanden. In combinatie met de verkorte kinderopvang biedt de VVE een strategische aanpak voor ouders die willen werken, en voor kinderen die extra ondersteuning nodig hebben.
De regelingen rondom VVE zijn juridisch en administratief goed geregeld, maar vereisen wel een sterke samenwerking tussen gemeenten, woningcorporaties, kinderopvangaanbieders en scholen. Door dit te combineren met een aandacht voor ruimtelijke planning, kwaliteitsborging en toegankelijkheid, kunnen woningprojectontwikkelaars en gemeenten een waardevolle bijdrage leveren aan de ontwikkeling van een sterke start voor kinderen in hun onderwijsloopbaan.
Het begrip van de VVE en de regelingen rondom verkorte kinderopvang is dus essentieel voor wie betrokken is bij wijkontwikkeling. Het is een investering in de toekomst van de wijk, de kinderen en de ouders die daar wonen.