Inleiding
Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) is een essentieel onderdeel van de kinderopvang in Nederland, gericht op peuters met een (taal-)achterstand of uit een bepaalde doelgroep. De toepassing van VVE omvat niet alleen de educatieve aspecten, maar ook een reeks bijdragen en administratieve verplichtingen voor kinderopvangorganisaties. Deze bijdragen zijn bedoeld om de kosten van VVE te ondersteunen, zoals die van personeel, registratie, opleiding, en overleg met ouders.
In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de VVE-bijdrage, de verplichtingen bij het opgeven van uren, en de administratieve eisen die daarbij horen. Daarnaast worden relevante regelgevingen en praktische aandachtspunten voor kinderopvangorganisaties besproken, zoals het indienen van facturen, het opstellen van pedagogische beleidsplannen en de mogelijkheid van betalingsregelingen bij uitval. Het doel van het artikel is om een duidelijk en feitelijk onderbouwd overzicht te geven van de wettelijke en praktische kant van VVE in de context van de Nederlandse kinderopvang.
VVE-bijdrage en administratieve verplichtingen
De VVE-bijdrage is een cruciale financieringsbron voor kinderopvangorganisaties die VVE aanbieden. Deze bijdrage is bedoeld om de kosten van VVE te ondersteunen, zoals die van registratie, overdracht van peuters, inzet van personeel, opleiding, materialen en overleg met ouders. De VVE-bijdrage is onder andere bedoeld voor de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker VVE, die een rol speelt in de coördinatie en kwaliteitsborging van het VVE-programma.
1. Huidige hoogte van de VVE-bijdrage
De hoogte van de VVE-bijdrage is sinds 2020 en 2021 vastgesteld op €10,00 per uur. Deze bijdrage wordt jaarlijks verhoogd met het gewogen gemiddelde indexpercentage, dat door de gemeenteraad in de begroting wordt vastgesteld. Dit betekent dat de bijdrage automatisch meegroeit met de inflatie, waardoor kinderopvangorganisaties zekerheid hebben over de financiële ondersteuning van hun VVE-activiteiten.
Bij de VVE-bijdrage voor pedagogisch beleidsmedewerkers VVE is de situatie iets anders. Deze bijdrage bedraagt €425 per VVE-peuter per kinderdagverblijf per jaar. Net als bij de uur-bijdrage wordt ook deze bijdrage jaarlijks verhoogd met het door de gemeenteraad vastgestelde indexpercentage. De bijdrage wordt per jaar vastgesteld op basis van het aantal VVE-peuters op 1 januari van dat jaar. Het kinderdagverblijf is verplicht om in januari van elk jaar aan te geven hoeveel VVE-peuters op 1 januari VVE aangeboden krijgen.
2. Uitbetaling van de VVE-bijdrage
De uitbetaling van de VVE-bijdrage volgt een specifieke procedure. Kinderopvangorganisaties moeten maandelijks een factuur indienen bij de gemeente, waarin staat aangegeven welke peuters daadwerkelijk VVE over de voorgaande maand hebben gevolgd. Op basis van deze factuur wordt de bijdrage vervolgens uitbetaald. Dit betekent dat het nauwkeurig opgeven van uren een essentieel onderdeel is van de administratie van VVE-activiteiten.
De gemeente heeft bovendien het recht om jaarlijks steekproefsgewijs te controleren of de peuters daadwerkelijk aanwezig zijn geweest en VVE hebben ontvangen. Kinderopvangorganisaties zijn verplicht om hieraan mee te werken en de benodigde gegevens beschikbaar te stellen. Deze controle dient om fraude te voorkomen en ervoor te zorgen dat de VVE-bijdrage correct wordt toegekend.
3. Administratieve verplichtingen
Om in aanmerking te komen voor de VVE-bijdrage, moeten kinderopvangorganisaties aan een aantal administratieve verplichtingen voldoen. Deze verplichtingen zijn vastgelegd in de regelgeving en zijn bedoeld om transparantie en betrouwbaarheid te waarborgen in de uitbetalingsproces.
Ten eerste dient de kinderopvangorganisatie maandelijks een factuur in bij de gemeente. Deze factuur moet duidelijk aangeven welke peuters VVE hebben gevolgd en hoeveel uren er zijn verwerkt. De factuur is een essentieel onderdeel van de uitbetalingsprocedure en moet nauwkeurig worden ingevuld om eventuele terugvorderingen te voorkomen.
Ten tweede moet de organisatie beschikken over een pedagogisch beleidsplan of werkplan, waarin de organisatie van VVE is vastgelegd. Dit beleidsplan moet onder andere aangeven op welke dagdelen VVE wordt aangeboden, welk gecertificeerd VVE-programma wordt gebruikt, en hoe de kwaliteitsborging van VVE is geregeld. Dit beleidsplan wordt getoetst door de toezichthouder en of een door de gemeente aangestelde organisatie.
Ten derde is het verplicht om een kindvolgsysteem te hanteren, waarin de ontwikkeling van VVE-peuters wordt geregistreerd. Dit systeem dient om zowel ouders als professionals in staat te stellen om de groei van de peuters te volgen en eventuele aanpassingen te doen in het VVE-programma.
Praktische aandachtspunten voor kinderopvangorganisaties
1. Opstellen van het pedagogisch beleidsplan
Het pedagogisch beleidsplan is een essentieel document in de VVE-organisatie. Dit plan moet duidelijk aangeven hoe VVE in de organisatie wordt uitgevoerd en welke maatregelen zijn genomen om de kwaliteit van VVE te waarborgen. Het plan moet onder andere het volgende bevatten:
- Op welke dagdelen VVE aan de peuter wordt aangeboden, om de verplichte 16 of 12 uur VVE per week te realiseren.
- Welk gecertificeerd VVE-programma wordt gebruikt.
- Welke schoolweken VVE wordt aangeboden.
- Hoe de overdracht naar de school is geregeld.
- Hoe de kwaliteit van de VVE van de ontwikkeling van het kind wordt geregeld en geborgen.
- Hoe de ouderbetrokkenheid en informatievoorziening aan de ouders is geregeld.
- Hoe de ontwikkelingen van het kind in een kindvolgsysteem worden geregistreerd.
- Hoe de inzageprocedure voor de JGZ-verpleegkundige is geregeld.
- Welke afspraken gemaakt zijn met de bibliotheek en of het primair onderwijs.
- Wat gedaan wordt indien de VVE-peuter niet regelmatig aanwezig is.
Het pedagogisch beleidsplan wordt getoetst door de toezichthouder en of een door de gemeente aangestelde organisatie. Het is daarom belangrijk dat het plan compleet, duidelijk en goed onderbouwd is.
2. Betalingsregelingen bij uitval
Bij uitval van VVE-activiteiten kan een kinderopvangorganisatie een betalingsregeling aanbieden aan de VvE. Een betalingsregeling is een afgesproken manier waarop de VvE een schuld kan afbetalen in termijnen. Dit kan bijvoorbeeld nodig zijn als een VvE niet in staat is om de VVE-bijdrage op tijd te betalen.
Bij het aanbieden van een betalingsregeling dient het initiatief van de VvE uit te gaan. De VvE is verantwoordelijk voor de tijdige betaling van de bijdrage en moet de VvE vragen om tegemoet te komen. De VvE hoeft geen betalingsregeling te aanbieden en kan onrealistische voorstellen weigeren.
Een betalingsregeling dient op een duidelijke en redelijke manier te worden afgesproken. Dit betekent dat het maandbedrag, het aantal termijnen of het betaalschema duidelijk moet zijn vastgelegd. Daarnaast dient de betalingsregeling schriftelijk vastgelegd te worden, zodat er geen misverstanden kunnen ontstaan.
Het is belangrijk dat de VvE weet dat een betalingsregeling geen reden is om de reguliere VVE-bijdrage op te schorten. Bovendien dient duidelijk te worden vastgelegd wat de gevolgen zijn als de VvE de betalingsregeling niet nakomt.
3. Aanvragen en controleprocedures
Aanvragen voor VVE-bijdrage en tegemoetkomingen voor de ouderbijdrage moeten op tijd en correct worden ingediend. Ouders die gebruik maken van VVE moeten een aanvraag indienen bij de gemeente, waarin zij aangeven welk kind in de doelgroep valt en welke activiteiten het kind volgt. De aanvraag moet binnen vier weken na de doorverwijzing door het consultatiebureau worden ingediend.
De peuterspeelzaal of het kindercentrum dient de ingevulde gegevens in het aanvraagformulier te bevestigen door het ondertekenen van het onderdeel dat op deze instellingen betrekking heeft. De gemeente nemen vervolgens binnen vier weken een beslissing op de aanvraag.
Naast de aanvraagprocedures zijn er ook controleprocedures in werking. De gemeente kan jaarlijks steekproefsgewijs controleren of de VVE-peuters daadwerkelijk aanwezig zijn geweest en VVE hebben ontvangen. Kinderopvangorganisaties zijn verplicht om hieraan mee te werken en de benodigde gegevens beschikbaar te stellen.
Conclusie
Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) speelt een belangrijke rol in de kinderopvang in Nederland, met een specifieke doelgroep en een complexe administratie. De VVE-bijdrage is een essentiële financieringsbron voor kinderopvangorganisaties en moet op tijd en correct worden ingediend. De uitbetaling van deze bijdrage hangt af van het opgeven van uren en het indienen van facturen, die nauwkeurig en transparant moeten zijn.
Bovendien is het opstellen van een pedagogisch beleidsplan en het hanteren van een kindvolgsysteem essentieel voor de kwaliteitsborging van VVE. Kinderopvangorganisaties moeten zich bewust zijn van de administratieve verplichtingen en de controleprocedures die in werking zijn. Ook is het belangrijk om te weten dat in gevallen van uitval een betalingsregeling mogelijk is, maar dat deze regelingen op een duidelijke en redelijke manier moeten worden afgesproken.
Het is duidelijk dat VVE niet alleen een educatieve verplichting is, maar ook een administratieve en juridische verantwoordelijkheid. Kinderopvangorganisaties, ouders en gemeentes moeten samenwerken om ervoor te zorgen dat VVE-effectief en transparant wordt uitgevoerd. Alleen dan kan het doel van VVE, namelijk de ontwikkeling van peuters met een achterstand, worden bereikt.