VVE Brandevoort: Uitwerking van Woningbouw en Stedenbouw in een Diversificerend Stadsgewas

Inleiding

Brandevoort II vormt een logische uitbreiding van het stadsontwikkelingsproject dat reeds is ingezet in Brandevoort I. Het doel van het plan is het creëren van een duurzaam en flexibel woongebied dat aansluit bij zowel regionale als nationale ruimtelijke doelstellingen. Dit artikel geeft een overzicht van de stedenbouwvisie, de inrichting van het woongebied, de aandachtspunten op het gebied van parkeren en recreatie, en de technische en ecologische aspecten die in het kader van het bestemmingsplan zijn meegenomen. De focus ligt op hoe het plan het bestaande stadsgeheel verder vormgeeft, met aandacht voor zowel woonruimte als groen, en hoe het aansluit op beleid op meerdere niveaus.

Stedenbouwvisie en Structuur

Brandevoort II is ontworpen met een robuuste hoofdstructuur die bestaat uit groen, water en infrastructuur. De kern van het plan is een compacte, herkenbare woonkern met daaromheen groene buitens. Deze structuur zorgt voor een balans tussen bebouwing en open ruimte, en ondersteunt de flexibiliteit van het gebied om mee te groeien met de tijd. De hoofdstructuur wordt visueel ondersteund door de aanwezigheid van het Businesspark Brandevoort, dat tussen de A270 en de woonbuurten gelegen is. Het businesspark speelt een belangrijke rol in het creëren van bedrijvigheid en economische aantrekkingskracht in het gebied.

De Veste, die zowel in Brandevoort I als in Brandevoort II voorkomt, vormt een centrale stedenbouwkundige eenheid. Het is een gebied met hoge bebouwingsdichtheid, gecombineerd met woon-werk combinaties en commerciële en maatschappelijke voorzieningen. De woonbebouwing bestaat uit aaneengeschakelde eengezinsstadshuizen en op bijzondere plekken gestapelde appartementen. De Marke vormt een stijlvolle en voorname wijk, waar de bebouwing zich kenmerkt door compacte stadsblokken, brede allees en herkenbare architectuur. Deze stijl geeft het gebied een uniek karakter, met verwijzingen naar historische bouwmethoden.

De diversiteit in deelgebieden zorgt ervoor dat Brandevoort II flexibel is en zich goed aanpast aan toekomstige veranderingen. De uitwerking van het plan houdt rekening met zowel de visuele identiteit van het gebied als de functies die het moet vervullen. De Veste en de Marke worden uitgebreid, waarbij het westelijke deel van de Veste tot het plangebied van het bestemmingsplan behoort. Deze uitwerking maakt het mogelijk om de afbouw van de Veste juridisch te ondersteunen.

Woningbouw en Beleidslijnen

Het plan voor Brandevoort II is gemaakt in overeenstemming met de regionale en nationale ruimtelijke beleidslijnen. Op nationaal niveau wordt beleid gevoerd ter stimulering van het gebruik van openbaar vervoer, wat betekent dat de grootste woningdichtheden worden gepland nabij spoorwegstations. In Brandevoort is dit doel gehaald, waar binnen de Vinex-normstelling met zeer hoge woningdichtheden is gebouwd in de Veste en de Marke. Deze aanpak zorgt voor een efficiëntere ruimtebundeling en ondersteunt het verkeersbeleid.

De NS, een belangrijke betrokken partij in de regio, heeft opgemerkt dat de aansluiting van Brandevoort II op de A270 en het station Brandevoort een belangrijke rol speelt. Volgens de NS is er een garantie afgegeven door het ministerie van Verkeer en Waterstaat voor het station, onder voorwaarde van een wijk met meer dan 6000 woningen. De NS baseert zich op de ondergrens van de minimale aantallen woningen per deelplan, wat volgens de gemeente niet juist is. De gemeente garandeert dat het totaal aantal woningen in Brandevoort II het gestelde doel van 6000 woningen zal bereiken, ongeacht de verdeling tussen deelplannen.

De woningbouwvarianten zijn uitgewerkt in zowel een lage als een hoge variant. In de hoge woningbouwvariant, met 3375 woningen in Brandevoort II, wordt het doel van 6000 woningen behaald. De NS wil graag betrokken worden bij de uitwerking van het plan, met name bij het gebied grenzend aan het station. Deze betrokkenheid helpt om ervoor te zorgen dat het plan aansluit op de infrastructuur en het openbaar vervoer.

Parkeermogelijkheden en Verkeer

Het parkeerbeleid voor Brandevoort II is gebaseerd op ervaringen uit Brandevoort I en nationale beleidsontwikkelingen ten aanzien van het autobezit. Het doel is het creëren van ruimere parkeermogelijkheden die gerelateerd zijn aan de inhoudsmaat van de woning. Voor de compacte delen van de Veste en de Marke geldt een gemiddelde norm van 1,8 parkeerplaats per woning, inclusief appartementen. Dit gemiddelde is gebaseerd op het uitgangspunt dat het aantal woningen groter dan 600 m³ in evenwicht is met het aantal woningen kleiner dan 350 m³.

Binnen dit gemiddelde is er voldoende flexibiliteit om per woningcategorie enkele differentiaties toe te passen. Uiteraard moet er wel een passende spreiding worden gerealiseerd. De gemiddelde norm van 1,8 parkeerplaats per woning kan bijvoorbeeld bloksgewijs worden gehanteerd. Voor de buitengebieden zoals Stepekolk, Hazewinkel, Liverdonk en Kranenbroek worden gedifferentieerde parkeermogelijkheden per woning gemaakt, afhankelijk van de inhoud van de woning.

Het parkeerbeleid dient ook rekening te houden met toekomstige ontwikkelingen, zoals veranderingen in het autobezit en de toename van alternatieve vervoersmiddelen. Het plan moet dus ruimte bieden voor aanpassingen op dit vlak. De ervaringen uit Brandevoort I tonen aan dat het noodzakelijk is om vroegtijdig rekening te houden met eventuele aanpassingen aan het parkeerplan. In Brandevoort I moesten bijvoorbeeld veel aanpassingen worden aangebracht aan het groenplan, juist om de intentie van het plan te realiseren. Gelukkig waren daar geen bestemmingsplanwijzigingen voor nodig.

Groen, Natuur en Recreatie

Groen, natuur en recreatie vormen een integraal onderdeel van het ontwerp van Brandevoort II. Het plan legt veel aandacht aan het individu en biedt een maximale keuzevrijheid in de inrichting van het groen. In Brandevoort is het de intentie dat ieder huis een eigen gezicht heeft, zonder dat de samenhang verloren gaat. Deze visie vertaalt zich in klassieke en tijdloze vormen, kleuren en materialen.

In de plantoelichting is omschreven welke uitgangspunten voor het ruimtegebruik van toepassing zijn. Het plan legt uit dat er voldoende ruimte is voor de diverse functies, waar nodig in verantwoorde combinaties. De combinatie van groen, natuur en water is een positieve bestemming die aansluit bij de provinciale beleidsregel voor natuurcompensatie. De gemeente heeft afspraken gemaakt met de provincie om ervoor te zorgen dat de natuurcompensatie wordt gerealiseerd, ook al is het niet in de vorm van een expliciete bestemming voor natuur.

De bestemming groen/natuur/water wordt gewijzigd in een globale, nader uit te werken bestemming. In het kader van de uitwerking kunnen logische begrenzingen worden gekozen tussen de verschillende functies. In het bestemmingsplan zal een nadere toelichting worden opgenomen over de voorwaarden voor de combinatie van natuur, waterberging en gebruiksgroen.

In Brandevoort II worden diverse groenplekken ontwikkeld, waaronder ingerichte speelplekken, ruigere speelplekken in het groen, trapveldjes en pétanquebanen. Deze voorzieningen worden uitgewerkt in overleg met de Wijkraad. De exacte invulling en uitwerking van deze voorzieningen hangt af van de behoeften van de bewoners en het functioneel gebruik van het gebied.

Technische en Ecologische Aspecten

De uitvoering van het plan voor Brandevoort II is ook beïnvloed door technische en ecologische aspecten. In het kader van de planontwikkeling is een uitgebreide gebiedsinventarisatie uitgevoerd. Deze inventarisatie gaf inzicht in de bodemopbouw en de grondwaterstanden in het plangebied. De deklaag in het gebied van Brandevoort fase II is circa 25 meter dik. Onder de deklaag bevindt zich een watervoerend pakket.

De grondwaterstanden zijn vrij ondiep. De gemiddeld hoogste grondwaterstand ligt in een groot deel van het plangebied tussen 0,4 en 0,8 meter onder maaiveld. In de dekzandruggen komen diepere grondwaterstanden voor. Uit de gebiedsinventarisatie blijkt dat in een groot gedeelte van het plangebied de stijghoogte van het diepe grondwater hoger is dan de freatische grondwaterstand en de oppervlaktewaterstand.

Deze gegevens zijn belangrijk voor de uitvoering van het plan, omdat ze bepalen hoe het grondwater wordt beheerd en hoe het effect heeft op de bebouwing. In het plan is rekening gehouden met de risico's die kunnen ontstaan door hoge grondwaterstanden, zoals groepsrisico’s in de Veste en de Marke. Deze risico’s zijn gezien het plan als aanvaardbaar, gezien de maatregelen die zijn genomen om het groen en water in het gebied te beheren.

Toekomstige Ontwikkelingen en Risicoanalyse

De huidige rekencijfers voor groepsrisico’s zijn gebaseerd op aannames die uitgaan van thans bekende gegevens. Deze aannames kunnen veranderen in de toekomst, wat betekent dat ook het berekende groepsrisico zal wijzigen. Bijvoorbeeld, wanneer de Betuwelijn meer goederenverkeer trekt dan nu wordt voorzien, zal het groepsrisico afnemen. Dit duidt op de noodzaak om het plan flexibel te houden en toe te passen op mogelijke veranderingen in de omgeving.

De NS heeft ook opgemerkt dat het noodzakelijk is om aangestuurd te worden op de hoge woningbouwvariant in Brandevoort II. Deze variant zorgt ervoor dat het totaal aantal woningen het gestelde doel haalt en het groepsrisico onder controle blijft. Het plan moet daarom zowel functioneel als technisch afgestemd zijn op de verwachte toekomstige veranderingen.

Conclusie

Brandevoort II vormt een logische en duurzame uitbreiding van het bestaande stadsgeheel. Het plan is ontworpen met aandacht voor zowel woonruimte als groen en recreatie, en is afgestemd op de ruimtelijke beleidslijnen op meerdere niveaus. De diversiteit in deelgebieden zorgt voor flexibiliteit en groeimogelijkheden in de toekomst. Het plan legt een sterke nadruk op de integratie van openbaar vervoer en het gebruik van ruimte in een verantwoorde mate.

De uitwerking van het plan vereist samenwerking tussen meerdere partijen, waaronder de gemeente, de provincie, en de NS. Deze samenwerking is essentieel om ervoor te zorgen dat het plan technisch, functioneel en ecologisch duurzaam is. De betrokkenheid van de NS bij de uitwerking van het plan, met name in het gebied grenzend aan het station, is van groot belang om ervoor te zorgen dat het plan aansluit op de infrastructuur en het openbaar vervoer.

Het plan voor Brandevoort II is niet alleen een uitbreiding van het stadsgeheel, maar ook een voorbeeld van hoe moderne stedenbouw en woningbouw kunnen aansluiten op de ruimtelijke doelstellingen van vandaag en morgen.

Bronnen

  1. Commissiestukken vaststellen bestemmingsplan Brandevoort II

Related Posts