De ontwikkeling en implementatie van VVE in de kinderopvangsector in Nederland

Inleiding

Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) is een onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid in Nederland en richt zich op kinderen die op het gebied van taal- of ontwikkelingsachterstand kunnen profiteren van extra ondersteuning. Het doel van VVE is om jonge kinderen beter voor te bereiden op het reguliere onderwijs, met name de basisschool. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de ontwikkeling van VVE in de kinderopvang, de toepassing ervan in de praktijk, de administratieve en financiële aspecten, en de huidige status binnen de Nederlandse kinderopvangsector.

Het artikel is opgebouwd uit meerdere onderdelen die elk een specifiek aspect van VVE belichten. Het geeft een duidelijk beeld van hoe VVE in de loop van de jaren is ontstaan, hoe het wordt ingezet binnen kinderopvanginstellingen, en wat de betrokken partijen – zoals ouders, GGD, gemeenten en scholen – in het kader van VVE verantwoordelijk zijn.

De ontwikkeling van VVE

Doelgroep en doelstelling

VVE richt zich op kinderen van 2 tot 4 jaar die een indicatie hebben van een (dreigend) ontwikkelingsachterstand. Deze indicatie wordt meestal afgegeven door het consultatiebureau of een kinderarts. Het doel is om eventuele ontwikkelings- of onderwijsachterstanden te verminderen, zodat kinderen beter voorbereid zijn op de reguliere schoolloopbaan.

De focus van VVE ligt op meerdere ontwikkelingsgebieden, waaronder taalontwikkeling, beginnende rekenvaardigheid, motorische ontwikkeling en sociaal-emotionele ontwikkeling. Door middel van educatieve programma’s, zoals Kaleidoscoop en Piramide, wordt gewerkt aan het stimuleren van deze gebieden. Deze programma’s zijn ontworpen om speels en interactief te zijn, zodat kinderen op een natuurlijke manier leren en groeien.

Historische context

VVE is in de kinderopvangsector ontstaan als onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid. Het werd ontwikkeld om jonge kinderen met mogelijke taal- of ontwikkelingsachterstanden extra ondersteuning te bieden voordat zij de basisschool bereiken. De financiering van VVE werd initieel geregeld door gemeenten, maar in de loop van de jaren is het beleid verder ontwikkeld en geïntegreerd in het bredere onderwijs- en zorglandschap.

In 2006 verlegde de verantwoordelijkheid voor de financiering van vroegschoolse educatie van de gemeenten naar de scholen (schoolbesturen). Dit betekent dat vroegschoolse educatie, die zich richt op kinderen in de kleuterklassen, sinds dat jaar officieel onder de verantwoordelijkheid van de scholen valt. Voorschoolse educatie, die zich richt op peuters in kinderdagverblijven, blijft deel uitmaken van de taak van de gemeente.

Juridische en administratieve basis

De implementatie van VVE in de kinderopvangsector is geregeld door verschillende wetten en regelgevingen. De Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (Wet IKK), die per 1 januari 2018 gedeeltelijk in werking is getreden, stelt meer eisen aan de kwaliteit van de kinderopvang. Deze wet betreft onder andere de leidster-kind-ratio, de aanwezigheid van mentoren voor alle kinderen, en aangescherpte taaleisen voor medewerkers in de kinder- en peuteropvang.

Daarnaast is het belangrijk om te weten dat kinderopvanginstellingen die VVE aanbieden, gecertificeerd moeten zijn door de GGD. Deze certificering garandeert dat de instellingen aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen. Ouders hebben vervolgens de vrije keuze om hun kind VVE te laten ontvangen bij een gecertificeerde locatie.

De toepassing van VVE in de praktijk

Activiteiten en werkwijze

In de praktijk wordt VVE uitgevoerd via een breed aanbod van educatieve en ontwikkelende activiteiten. Dagelijks worden zowel binnen als buiten activiteiten georganiseerd, zoals interactief voorgelezen, zingen, en spelen. Deze activiteiten zijn bedoeld om kinderen uit te dagen, ideeën te geven, en hen spelenderwijs te laten leren. Daarnaast is er veel ruimte voor vrij spel met interessante materialen in een vertrouwde, maar ook uitdagende omgeving.

Pedagogisch medewerkers spelen een actieve rol in de activiteiten en bieden ondersteuning waar nodig. Ze werken interactief met de kinderen en passen de activiteiten aan aan de behoeften en ontwikkelingsniveau van elk kind. Dit maakt de aanpak van VVE persoonlijk en gericht op de individuele groei van het kind.

Financiële en administratieve aspecten

De financiering van VVE is een belangrijk onderdeel van de regeling. Kinderopvanginstellingen die VVE aanbieden kunnen subsidies aanvragen via de gemeente. Deze subsidies zijn bedoeld om extra kosten te dekken die ontstaan door het aanbieden van VVE-programma’s. De subsidieaanvraagproces is onderdeel van een administratieve procedure die zowel voor ouders als voor kinderopvanginstellingen duidelijk moet zijn.

Ouders kunnen hun kind aanmelden voor VVE via het consultatiebureau of de GGD. Deze organisaties spelen een sleutelrol in het identificeren van kinderen die van VVE kunnen profiteren en in het informeren van ouders over de mogelijkheden. In de praktijk wordt een indicatie afgegeven voor 16 uur per week, wat over meestal over 4 dagen per week is gespreid. Ouders kunnen echter kiezen om hun kind minder dan 16 uur per week VVE te laten ontvangen, hoewel het aanbod van 16 uur wordt gestimuleerd.

Organisatorische aspecten

In de gemeente Valkenswaard zijn meerdere kinderopvangorganisaties betrokken bij het aanbieden van VVE. Sinds 2018 bieden bijvoorbeeld Kids World en Mira VVE aan. Stichting Peuterdorp biedt ook VVE aan voor kinderen van 2 tot 4 jaar. In 2020 startten de locaties van Horizon met de scholing van VVE, en naar verwachting kunnen ze in 2021 ook VVE aanbieden. Dit betekent dat er in de gemeente Valkenswaard een dekkend aanbod van VVE is gerealiseerd.

De organisaties die VVE aanbieden, moeten voldoen aan kwaliteitseisen. Deze eisen worden getoetst door de GGD. Als een voorschoolse voorziening aan deze eisen voldoet, wordt de JGZ-verpleegkundige verantwoordelijk voor de toeleiding en indicering van VVE-doelgroepkinderen. Ouders hebben de vrije keuze waar hun kind VVE kan ontvangen, zolang de locatie gecertificeerd is.

De rol van verschillende betrokken partijen

Ouders

Ouders spelen een centrale rol in de VVE-regeling. Zij hebben de vrije keuze om hun kind VVE te laten ontvangen, zolang de kinderopvanglocatie gecertificeerd is. De beslissing of een kind VVE ontvangt, ligt bij de ouders. Voorlichting is daarom een belangrijk onderdeel van het proces. Het consultatiebureau, dat 99% van de peuters ziet, heeft een sleutelrol in het informeren van ouders over het VVE-aanbod. Voorlichting gebeurt meestal via gesprekken, eventueel ondersteund door voorlichtingsmaterialen zoals folders of voorlichtingsavonden.

Als ouders kiezen om hun kind niet aan VVE te laten deelnemen, moet de reden voor deze keuze bekend zijn bij JGZ. Op basis van een risicotaxatie kan JGZ besluiten om contact op te nemen met het CJG (Centrum Jeugdhulp).

GGD en JGZ

De GGD speelt een belangrijke rol in het certificeren van kinderopvanginstellingen die VVE aanbieden. Deze certificering garandeert dat de instellingen aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen. De GGD is ook verantwoordelijk voor de toetsing van de kwaliteit van VVE-voorzieningen.

De JGZ-verpleegkundige is verantwoordelijk voor de toeleiding en indicering van VVE-doelgroepkinderen. Zij werkt samen met ouders, kinderartsen, en andere betrokken partijen om te bepalen of een kind VVE kan profiteren van. De JGZ is ook betrokken bij het beoordelen van de wenselijkheid van VVE-participatie bij kinderen die niet automatisch in aanmerking komen voor het programma.

Gemeenten en scholen

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de financiering en het toezicht op voorschoolse educatie. In het verleden was de financiering van vroegschoolse educatie ook een taak van de gemeente, maar sinds 2006 is deze verantwoordelijkheid verlegd naar de scholen. Dit betekent dat vroegschoolse educatie, die zich richt op kinderen in de kleuterklassen, onder de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen valt.

Gemeenten zijn verder verantwoordelijk voor het creëren van een dekkend aanbod van VVE-voorzieningen. In verschillende gemeenten, zoals Moerdijk, Ronde Venen en Twenterand, is VVE beschikbaar voor kinderen van 2 tot 4 jaar. In deze gemeenten is het mogelijk om via het Landelijk Kinderopvang Register (LRK) te controleren of een kinderopvanglocatie gecertificeerd is voor VVE.

Inspectie en toezicht

De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit van voor- en vroegscholen. Inspecteurs van de afdeling Primair Onderwijs zijn verantwoordelijk voor het toezicht op de kwaliteit van voor- en vroegscholen. Daarnaast houden inspecteurs van de afdeling Gemeentelijk Toezicht toezicht op de taken die gemeenten uitvoeren met betrekking tot het ondersteunende beleid voor voor- en vroegscholen en het toezicht van de GGD op kinderopvangvoorzieningen die voorschoolse educatie aanbieden.

De huidige status van VVE in de kinderopvang

Beschikbaarheid en dekkingsgraad

Momenteel is VVE beschikbaar in verschillende gemeenten in Nederland. In gemeenten zoals Moerdijk, Ronde Venen en Twenterand is VVE ingebed in de kinderopvangsector. In deze gemeenten is het mogelijk om via het Landelijk Kinderopvang Register (LRK) te controleren of een kinderopvanglocatie gecertificeerd is voor VVE.

In Valkenswaard zijn meerdere kinderopvangorganisaties betrokken bij het aanbieden van VVE. Sinds 2018 bieden bijvoorbeeld Kids World en Mira VVE aan. Stichting Peuterdorp biedt ook VVE aan voor kinderen van 2 tot 4 jaar. In 2020 startten de locaties van Horizon met de scholing van VVE, en naar verwachting kunnen ze in 2021 ook VVE aanbieden. Dit betekent dat er in de gemeente Valkenswaard een dekkend aanbod van VVE is gerealiseerd.

Toekomstige ontwikkelingen

De toekomstige ontwikkelingen van VVE zijn gericht op het verbeteren van de kwaliteit en de bereikbaarheid van het aanbod. De Wet IKK stelt meer eisen aan de kwaliteit van de kinderopvang en legt een nadruk op de ontwikkeling van kinderen. Deze ontwikkeling betekent dat kinderopvanginstellingen die VVE aanbieden, zich verder moeten ontwikkelen en verbeteren.

Daarnaast is het belangrijk dat ouders goed geïnformeerd worden over de mogelijkheden van VVE. Voorlichting is een essentieel onderdeel van het proces, en moet gericht zijn op het informeren van ouders over de voordelen van VVE en de manieren waarop hun kind er van kan profiteren. In de praktijk blijkt dat ouders in de meeste gevallen bereid zijn om hun kind VVE te laten ontvangen, zolang het aanbod kwalitatief goed is en duidelijk is.

Conclusie

Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) is een onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid in Nederland en richt zich op kinderen die op het gebied van taal- of ontwikkelingsachterstand kunnen profiteren van extra ondersteuning. Het doel van VVE is om jonge kinderen beter voor te bereiden op het reguliere onderwijs, met name de basisschool. In de praktijk wordt VVE uitgevoerd via een breed aanbod van educatieve en ontwikkelende activiteiten, waarbij de focus ligt op taalontwikkeling, beginnende rekenvaardigheid, motorische ontwikkeling en sociaal-emotionele ontwikkeling.

De financiering van VVE wordt geregeld via subsidies die gemeenten aan kinderopvanginstellingen kunnen uitkeren. Deze subsidies zijn bedoeld om extra kosten te dekken die ontstaan door het aanbieden van VVE-programma’s. Ouders hebben de vrije keuze om hun kind VVE te laten ontvangen, zolang de kinderopvanglocatie gecertificeerd is. Het aanbod van 16 uur per week wordt gestimuleerd, maar ouders kunnen kiezen om hun kind minder dan 16 uur per week VVE te laten ontvangen.

De rol van betrokken partijen zoals ouders, GGD, gemeenten en scholen is essentieel in het VVE-proces. Ouders spelen een centrale rol in de beslissing of hun kind VVE ontvangt. De GGD is verantwoordelijk voor de certificering van kinderopvanginstellingen die VVE aanbieden, en voor de toetsing van de kwaliteit van VVE-voorzieningen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de financiering en het toezicht op voorschoolse educatie, terwijl scholen verantwoordelijk zijn voor vroegschoolse educatie. De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit van voor- en vroegscholen.

Momenteel is VVE beschikbaar in verschillende gemeenten in Nederland, en is het aanbod van VVE-voorzieningen in de meeste gevallen dekkend. In gemeenten zoals Moerdijk, Ronde Venen en Twenterand is VVE ingebed in de kinderopvangsector. In Valkenswaard zijn meerdere kinderopvangorganisaties betrokken bij het aanbieden van VVE. De toekomstige ontwikkelingen van VVE zijn gericht op het verbeteren van de kwaliteit en de bereikbaarheid van het aanbod.

Bronnen

  1. Wat is VVE in de kinderopvang?
  2. Voor- en vroegschoolse educatie: een overzicht van regelingen en praktijk
  3. VVE in de kinderopvang: programma’s en praktijk
  4. Voor- en vroegschoolse educatie
  5. Lokale regelgeving voor VVE
  6. VVE en onderwijsachterstandenbeleid

Related Posts